Woede over Eurobank loont niet

In de strijd om het presidentschap van de Europese Centrale Bank moet Nederland het hoofd koel houden, vindt Marc Chavannes. Als een Franse diplomaat die zijn dossiers kent, moeten wij uitzoeken welke landen aan welke aspecten van de EMU het meeste waarde toekennen. Principes zijn er alleen om de prioriteiten te bepalen.

We zijn verrast, we zijn boos, we hebben grote bezwaren, slecht voor de EMU. De kandidatuur van Jean-Claude Trichet als hoofdbankier van Europa is in Nederland hard aangekomen. Duisenbergs 'tegen'-kandidaat is een Fransman, dus het zal ook wel met drugs te maken hebben. Slachtofferfantasieën en complottheorieën strijden om de voorrang. Zelfs de Tweede Kamer schrikt van de spontane 'megafoondiplomatie'.

Als de regering in Parijs niet een eigen man naar voren had geschoven, zou Duisenberg zonder moeite president van de Europese Centrale Bank zijn geworden en dat werd tijd ook, zo was de redenering in Den Haag, na wat ons met Ruding (2x), Lubbers (2x) en Braks is overkomen. Maar niets is kennelijk zeker in het samenleven met grotere landen. Wat doen ze ons nu weer aan?

Een merkwaardige reflex, nog los van de vraag of het nationaal belang automatisch samenvalt met het tijdelijk internationaal benoemd krijgen van mensen met een Nederlands paspoort. Maar het geeft opnieuw een gevoel van nationale vernedering.

Pijnlijker zou het echter zijn wanneer Duisenberg geen hoofdbankier wordt, mede ten gevolge van de manier waarop Nederland nu reageert. Vooral als uit de onvermijdelijke Europese worsteling niet ook iets positiefs voor Nederland werd gesleept. Een andere functie waar 'we' een oogje op hebben, een andere goede man op Duisenbergs post. Of een maatregel waar Nederland aan hecht met het oog op de Europese munt van morgen.

De manoeuvre van Parijs is een incident zoals er nog vele zullen volgen in de Europese toekomst. Hoe meer leden in de Unie hoe meer obsessies. Hoe nauwer de vervlechting hoe harder het gegil als weer een land in het gelid wordt gezet. Ook in Frankrijk doet het proces van mondialisering en europeanisering pijn, en dat nog meer dan in Nederland, waar nooit iemand de illusie heeft gekoesterd dat de buitenwereld souverein kan worden gebruikt of genegeerd.

“Frankrijk staat voor een historische omschakeling”, zei de socioloog Alain Touraine gisteren. “We aarzelen om van het ene model op het andere over te stappen. Een land dat is gemaakt en gemoderniseerd door de staat moet gaan vertrouwen op de markt.” Dat gaat niet zonder pijn.

Maar Parijs doet wel mee. De Europese luchtvaart is geliberaliseerd, ook binnen Frankrijk. De telefonie wordt per 1 januari opengegooid voor concurrentie. Het Europees wegvervoer volgt. Dat heeft grote invloed op werk en levensritme, al weet niemand hoe. Verandering boezemt angst in.

Dat is geen reden medelijden te hebben met die arme Fransen, die zo slecht zijn voorbereid op de wereld buiten Frankrijk. Evenmin om te denken dat hun president en minister-president op het Europese toneel worden gedreven door een collectief minderwaardigheidscomplex, zo nodig vermomd als nationale trots. Frankrijk is een gewoon land, met zijn eigen sterke en zwakke punten. Een land dat opkomt voor zijn belang.

Misschien is daar wat van te leren. Het zou voor Nederland nuttig zijn, bij wijze van experiment, eens te proberen zich te concentreren op de feiten, op wat Frankrijk doet en nastreeft, zonder al te veel emotie te besteden aan de vermeende motieven. Om het voorbeeld van de Europese Centrale Bank te nemen: het is niet zo interessant om te bedenken dat Parijs ook al dwars lag bij deze en gene andere internationale post waar een Nederlander op aasde, om daar dan de conclusie uit te trekken dat 'ze' iets tegen 'ons' hebben. Of dat ze lijden aan chronische zelfoverschatting, een stelling die is ontwikkeld door de Financial Times.

Het experiment kan er uit bestaan dat Nederland de komende maanden het hoofd koel houdt, en - bijna als een Franse diplomaat die zijn dossiers kent - bij de Europese partners vaststelt wie aan welke aspecten van de EMU en de ECB het meeste waarde toekent. Dat levert een veeldimensionale puzzel op, maar zo is het Europese leven. Niemand zit er op te wachten dat Den Haag die oplost, maar niemand kijkt er van op wanneer Den Haag daar voor zichzelf zo veel mogelijk uit tracht te slepen.

Anderen handelen als ze verstandig zijn ook zo. Londen wil een zetel in de toekomstige bankraad van de ECB, hoewel Blair zijn land tot 2002 buiten de euro heeft geplaatst. Kohl heeft hem zo'n zetel aangeboden. Maar Parijs is niet zonder meer voor. Dat levert meer wisselgeld op. Blijft Blair toch voor Duisenberg?

En Italië, Frankrijks latijnse beschermeling? Dat heeft bij monde van premier Prodi gezegd dat Duisenberg een hele goeie is. Omdat Bonn dat graag wil en Italië vooral Duitslands scepsis over snelle toelating van de Club Med moet overwinnen. Een tegenslagje voor Parijs? Ja, maar niet onoverkomelijk. De Europese ontwikkelingsbank (EBRD) in Londen heeft ook weer een nieuwe directeur nodig. Frankrijk heeft een goede man, maar zei Prodi niet dat de Italianen onderbedeeld waren met hoge posten?

Allemaal boeiend, maar wat moet Nederland met dat wespennest? Diplomatie bedrijven. Met andere kleine landen, met Engeland, met Duitsland. En met Frankrijk. Ook door nauwere samenwerking op politie- en drugsgebied op te zetten, zoals de ministers Dijkstal en Sorgdrager bezig zijn te doen. Terwijl Chirac zijn megafoon een beetje laat schallen door de vallei van de Somme. Nederland moet meer met de feiten bezig zijn. Kijken of Jospin en de zijnen misschien nog liever dan Trichet (wiens politiek men een paar maanden geleden nog weghoonde) een extra sociaal-economische opdracht voor de toekomstige EMU-ministerraad wil vastleggen, plus een extra Europees infrastructureel project. Dat levert werk op. Jospin kan uiteindelijk alleen scoren met banen, banen, banen. Niet voor topbankiers, maar voor gewone mensen, onder wie veel kiezers. Als we een beetje tegen banenplannen zijn, maar een optimale Europese Bank belangrijker vinden, moeten we zoiets proberen. Principes zijn er alleen om de prioriteiten te bepalen. Misschien is er een coalitie te bouwen waarmee we 'onze' belangen kunnen optimaliseren. Niet meer en niet minder.

Daarbij is het natuurlijk leuk als onze Duisenberg het toch wordt. Hij is heel bekwaam, zegt iedereen. Hij staat pal voor een harde munt en hij zal daarom het Nederlands belang goed dienen. Maar zo'n benoeming duurt maar voor een beperkt aantal jaren. Daarna is het voordeel verdampt. Nederland had in het geval van de EBRD op lange termijn misschien wel meer gehad aan vestiging in Amsterdam dan aan een eigen eerste directeur.

Hoewel Duisenberg in Frankfurt dus niet de enige manier is om het Nederlands belang te dienen, dreigt de Nederlandse regering, afgaande op de eerste dagen sinds de kandidaatstelling van Trichet, zich daar toch op te storten. Juist omdat dit type conflict zich binnen de Europese Unie steeds vaker zal gaan voordoen zou het zaak zijn om te breken met deze moord-en-brand-reactie.

Gewoon vertrouwen op vadertje Kohl is geen volwassen optie. Hij mag nog zo prettig bellen met Kok iedere week, hij kan nog zo verheugd zijn dat de Nederlanders Duitslands fixatie op een stabiele, harde munt delen, ook hij moet afwegingen maken. Dat doet hij met een even goed als simpel gevoel voor historie en realiteit. Daarbij hoort de rotsvaste overtuiging dat Duitsland met Frankrijk moet samenwerken. Ook al vindt hij dat soms knap lastig om niet te zeggen irritant. Zelfs een afspraak met Kok kan daarvoor moeten wijken.

Er zit niets anders op dan de werkelijkheid te accepteren en daar zo behendig mogelijk mee om te gaan. Dat is zelfs een heilige opdracht nu het volk en bestuurders van Europa begint te dagen dat het menens wordt met die euro, dat het geen foefje is om wisselen aan de grens te vermijden, maar een vergaand economisch samenwoningsproject. In alle landen vragen burgers zich af wat er over hen heen komt. En wie hen straks beschermt tegen de barbaren.

Wat dat betreft is de Franse vrachtwagenstaking van deze week een teken aan de wand. Nu al merken transporteurs uit alle omringende landen wat een ellende zulke blokkades veroorzaken. Ruimer gezien is dit derde Franse transportconflict in drie jaar een symbool van het rudimentaire overlegklimaat in Frankrijk. De regering in Parijs kocht zich vorig jaar voor vele miljoenen een eind aan de truckstaking, een gebaar dat twaalf maanden later al weer uitgewerkt bleek te zijn.

Met dat soort maatschappij-crises bij één van de EMU-lidstaten hebben we straks allemaal te maken. Alleen politiek naïeve monetaire technici kunnen volhouden dat de euro en de Europese Centrale Bank daar niets mee te maken hebben. Met het wegvallen van de onderlinge wisselkoersen en het centraliseren van de rente moeten de landen die meedoen meer dan ooit samen economie bedrijven. Dat betekent: elkaars politieke cultuur begrijpen, accepteren, delen.

Willen we echt samenleven met de Fransen? Dat ze na het journaal gaan eten in plaats van er voor is wel schilderachtig. Dat ze dertien keer zo ruim in hun land zitten komt goed uit, daardoor kunnen wij 's zomers in hun zon gaan zitten. Misschien kunnen we nog eens de pindakaas en de eigenheimers thuis laten. Maar willen we ook met hun conflict-rituelen over arbeidsvoorwaarden te maken krijgen? Hun traditie om belangengroepen op staatskosten af te kopen? Ook als dat straks de gemeenschappelijke munt iets zachter maakt, of de rente iets hoger? En ons pensioen iets meer door inflatie verweerd? En willen zij iets met Nederland?

De Europese Centrale Bank wordt ook onze centrale bank, zeiden president Chirac en premier Jospin door deze week de gouverneur van de Banque de France naar voren te schuiven als kandidaat-hoofdbankier van Europa. De strijd om de knikkers is losgebrand. Geld is nationale waardigheid, het gevoel er bij te horen. Daar hoeft ook Nederland zich niet voor te schamen.

Eén ding is zeker: verontwaardiging levert weinig punten op. Gewoon zaken doen.

    • Marc Chavannes