Op de accu; Elektrische auto krijgt grotere actieradius

De elektrische auto zal de concurrentiestrijd met de benzine-auto nooit winnen, meent de onlangs gepromoveerde dr.ing. Gijs Mom. De vierwieler met accu moet op zoek naar niches. Hij kan op smogrijke dagen rijden, of als treintaxi dienst doen.

EENS PER JAAR organiseert Citelec, de Europese vereniging van steden die belangstelling hebben voor elektrische voertuigen, 'twaalf elektrische uren' wedstrijden. Doel van de wedstrijd is na te gaan welk model elektrische auto het langst in staat is een bepaald traject af te leggen. “Eigenlijk is het uitgangspunt van de wedstrijd verkeerd”, stelt dr. ing. Gijs Mom in zijn kantoor, waar de sporen van een feestelijk vergelopen promotieviering nog duidelijk zichtbaar zijn. “Impliciet zijn de organisatoren er op uit te laten zien dat de elektrische auto net zo goed kan functioneren als een gewone auto met een verbrandingsmotor. Ze tonen aan dat een elektrische auto heus wel in één keer 140 kilometer kan afleggen. Maar een elektrische auto valt helemaal niet met een benzine-auto te vergelijken, en dat moet je ook niet proberen. Overigens legde Louis Kriéger in 1901 al 307 kilometer af op één acculading, dus wat dat betreft valt er eigenlijk niets nieuws aan te tonen!”

Volgens Mom, die afgelopen week aan de Technische Universiteit Eindhoven zijn dissertatie over de geschiedenis van de elektrische auto met succes verdedigde, kan de elektrische auto een rooskleurige toekomst tegemoet gaan. Het is niet voor niets dat hij zijn proefschrift (in deze krant afgelopen dinsdag besproken) de titel 'Geschiedenis van de auto van morgen' meegaf. Maar de elektrische auto moet dan geen rol toebedeeld krijgen als panacee voor de gewone auto. Mom: “General Motors brengt bijvoorbeeld een elektrische auto onder de naam EV1 op de markt, een sportieve auto met een maximum snelheid van 130 kilometer per uur. De fabrikant presenteert dat model als een gemankeerde benzine-auto. De boodschap luidt, dat de elektrische auto te vergelijken is met een benzine-auto. Maar die claim kan GM nooit waarmaken, want de actieradius is beperkt tot 150 kilometer. Als je een dergelijke auto koopt in de verwachting dat je een echte auto hebt, voel je je geflest.”

WONDERACCU

Pogingen om elektrische auto's op benzine-auto's te laten lijken zijn gedoemd te mislukken, zo leert de geschiedenis. Er zijn volgens Mom veel mensen die denken dat als er nu maar een soort wonderaccu komt, de elektrische auto wel zal doorbreken. “Maar de elektrische auto heeft aan het begin van de eeuw de concurrentie met de benzine-auto verloren omdat deze laatste een veel avontuurlijker karakter had, en niet omdat de actieradius van de elektrische auto beperkt was. Dit terwijl de benzine-auto technische gezien aanmerkelijk slechter functioneerde. Maar de onbetrouwbaarheid droeg bij aan het avontuurlijke imago”, aldus Mom die onder meer als docent Verbrandingsmotoren is verbonden aan de HTS-Autotechniek van Arnhem.

Toch blijft de auto-industrie in het verbeteren van de actieradius perspectief te zien. Zo kwam Renault onlangs met de Renault Fever, de Fuel cell Electric Vehicle of Extended Range, die is uitgerust met een brandstofcel. De actieradius van de in Europees verband ontwikkelde personenauto ligt op 500 kilometer. Maar volgens Mom zal de accu de concurrentie met benzine nooit winnen, omdat de energiedichtheid van benzine dertig keer hoger ligt dan die van een accu. “En bij de Renault Fever neemt de accu zoveel plaats in beslag, dat geen mens zo'n auto zal willen.”

Toch biedt de elektrische auto in sommige gevallen voordelen waar een benzine-auto nooit tegenop zal kunnen. In Parijs mochten automobilisten afgelopen zomer maar om de dag van hun auto gebruik maken vanwege de smog. Mom: “In zo'n situatie ben je met een elektrische auto beter uit. In dezelfde stad is trouwens ook een witkar-achtig project gaande met elektrische auto's die te huur zijn. En het Franse La Rochelle experimenteert met een vervoerssysteem, waarbij een vijftigtal elektrische auto's van Peugeot en Citroën zijn ingezet. In Arnhem gaat begin volgend jaar een elektrisch aangedreven Mercedes Vito als treintaxi rijden, terwijl de Duitse Telecom ook op dit gebied experimenteert.”

Volgens Mom hebben centrale overheden nooit veel perspectief gezien in elektrische auto's, in tegenstelling tot lokale overheden. “Wat dat betreft is de benadering van Citelec weer wel goed, door tijdens de wedstrijden de elektrische auto's geïntegreerd aan het gewone verkeer te laten deelnemen. Zo brengt zij de mogelijkheden van de elektrische auto bij de plaatselijke politiek onder de aandacht.”

ORGANISCH GEHEEL

Een andere groep die de elektrische auto promoot zijn de voorstanders van de 'onthaaste' maatschappij. Maar deze poging is volgens Mom tot mislukken gedoemd: “Menselijk gedrag laat zich niet sturen door technologie. Je kan erop wijzen dat je in een elektrische auto van de stilte kan genieten en dat de auto beter is voor het milieu, maar automobilisten laten zich de kick van het hardrijden niet ontnemen.”

Zijn belangrijkste conclusie is misschien wel dat het analyseren van een bepaald soort auto niet te geïsoleerd moet geschieden, maar dat een auto als een organisch geheel beschouwd moet worden, inclusief de alternatieven. “En dan zie je het effect, dat de mainstream auto's verbeteringen ondergaan vanwege de concurrentie met bijvoorbeeld de elektrische auto. Dat zag je vroeger, toen de elektrische auto in degelijkheid de benzine-auto overtrof, en een veel rustiger loop had. Dat aanjaageffect zie je nu nog steeds, denk maar aan het streven naar schonere motoren. Zo komt de direct ingespoten Otto-motor, aanmerkelijk schoner dan de huidige generatie motoren, langzamerhand op de markt. En Toyota beweert nu een verbrandingsmotor te hebben die 20 procent zuiniger is en 20 procent minder CO2-emissie heeft. Als je die gegevens meeneemt in een zogenoemde ketenberekening, dus inclusief de emissie die bij de productie van de brandstof vrijkomt, dan begint dat al aardig in de buurt van een elektrische auto te komen.”

    • Rijkert Knoppers