Het zelfmedelijden

Barbara Kruger (52) is een kunstenares die bekend is, en waarschijnlijk wereldberoemd gaat worden door haar installaties waarin ze met ruimtelijke voorstellingen en soms met woorden commentaar op de toestand in de wereld geeft. Op het ogenblik heeft ze in New York twee tentoonstellingen, die de moeite van het bekijken waard zijn, al was het maar om uw eigen kunstzin en kijk op de tijdgeest vergelijkenderwijs te beproeven.

De eerste, in de 57ste straat, bestaat uit grote beelden en grote foto's met teksten; de tweede in een loods in Soho, een installatie met teksten.

De beelden stellen beroemdheden of wereldberoemdheden voor, allemaal Amerikanen, op twee na. Ze zijn op ongebruikelijke manier in elkaars gezelschap gezet; dat is Krugers commentaar. Daar is Roy Cohn in een omhelzing met J. Edgar Hoover. De eerste is zijn carrière begonnen als hulpje van senator Joseph McCarthy en geëindigd als berucht advocaat van kwaje zaken; de tweede beroemd hoofd van de FBI. Een Nederlandse Kruger zou op deze manier de heer A. Docters van Leeuwen hebben neergezet, maar met wie? Een advocaat zoals Roy Cohn hebben we niet in Nederland. Mr. Abram Moszkowicz zou zich met reden beledigd kunnen voelen als hij in zo'n sculptuur was verwerkt. Dan: de procureur-generaal met de Hakkelaar? Of met Desi Bouterse. In zo'n combinatie had de kunstenaar het hier moeten zoeken. Het is bij ons nog niet gebeurd. Dit geeft al aan dat de Nederlandse kunst anders is.

Verder zien we op deze tentoonstelling in Midtown de gebroeders Kennedy met Marilyn Monroe op hun schouders; Marilyn die in deze versie als twee druppels water lijkt op de skulptuur die we ons van de Amsterdamse kermis herinneren, bij de ingang tot het reuzenrad als ik het goed heb. En dan de kerstman liggend, een driedimensionaal dollartekentje in zijn hand, en rug aan rug met Jezus Christus, terwijl boven het tweetal een engeltje opstijgt. Wat wordt ermee bedoeld? Vaak is dat een domme vraag, maar als het om commentaar op de toestand en de tijdgeest gaat, is het de enige.

Ik liep in het kielzog van een groepje liefhebbers dat zich liet rondleiden door een deskundige. Alleen om de waarheid geen geweld aan te doen, vermeld ik erbij dat het allemaal keurig geklede dames waren, ook de deskundige. Dames, naar het model van de internationale moderne Dame. Ik bedoel daar niets depreciërends mee. Ze zijn er, dat is een natuurgegeven, zoals je de internationale Beursmakelaar hebt en de internationale Sporttrainer. Misschien zullen die als archetypen ook nog eens in een skulptuur van Barbara Kruger verschijnen.

Geen deskundige uitleg is zo deskundig als die van de deskundige in een museum. Ze had het over de 'iconen van deze tijd'. De beschouwing die ze eraan vastknoopte was wel te verstaan maar niet te begrijpen, waardoor ik er niets van heb onthouden. Ik had het gebodene goed bekeken, ging met de bus naar Soho en dacht na over het commentaar van Barbara Kruger op de tijdgeest. Het meest leek het me nog verwant aan dat van Brecht: Und so kommt zum letzten Ende alles unter einen Hut, ist das nötige Geld vorhanden, ist das Ende meistens gut. Het is niet nieuw maar wel een waarheid die telkens in een andere vorm terugkeert.

In de loods van de tweede tentoonstelling is iets heel anders aan de hand. Het is er schemerdonker. Op de vloer en de zijwanden zijn teksten geprojekteerd die iedere tien of vijftien seconden worden vervangen. Geen daarvan is opwekkend, om het zacht uit te drukken. You think you'r a winner but you are a loser, om er een te citeren. Negen van de tien drukken een afkeer van de ander uit. Kras op! Hou je mond! Ik heb genoeg van je! Enzovoort. Naar esthetische maatstaven is het mooi gedaan: in een goed, brutaal lettertype dat er in het schemer agressief uitspringt.

Daarbij blijft het niet. Achterin is de langwerpige ruimte in drie cabine-achtige kijkhokken verdeeld. Daar worden video's afgedraaid, gezichten van meest jonge, steeds pratende mensen. De teneur van wat ze te zeggen hebben verschilt niet van wat we al hebben gelezen, maar deze acteurs verlenen met hun stem en mimiek nog meer felheid aan Krugers boodschap. Ik beken: ik stond paf en bleef dat vrij lang staan. Het gaf een indrukwekkend effect. Zoiets besef je pas goed als je weer buiten staat. Het had veroorzaakt wat de aanblik van kunst moet veroorzaken: gemengde gevoelens waaronder de opgetogenheid dat iemand het had klaargespeeld. Maar wat bedoelde ze ermee? Dat bleef de vraag. Ik ben tot de conclusie gekomen dat ze met deze installatie, in haar 'commentaar op de tijdgeest' een groot en diep zelfmedelijden in beeld en geluid heeft weergegeven. Het is een andere kant van de waarheid die David Gelernter in zijn Drawing Life aan de orde heeft gesteld; het boek waarover ik vorige week heb geschreven.

    • H.J.A. Hofland