Kiest men voor onwetendheid?

Bijna was mevrouw Schmitz gestruikeld over een werkwoord dat niet bestond: 'monitoren'. Nu komt het wel voor. Volgens Kamerleden had de staatssecretaris moeten weten, dat uitgewezen Iraniërs niet meer worden 'gemonitord'.

Zou dat dan driekwart jaar geleden wél zijn gebeurd? Hoe kan een ambassade het lot van tientallen, zo niet honderden uitgewezen asielzoekers blijven volgen? Moet men die mensen vóór aankomst in Teheran tien gefrankeerde enveloppen geven met het verzoek elke maand een levensbericht te sturen?

Ex-diplomaat Rik Kuethe wijst er in Elsevier ook op, dat 'onze' ambassade in Teheran drie beroepsdiplomaten telt, plus een immigratie-attaché. Daarvan is er één, ambassadeur Max Damme, al lange tijd in Nederland wegens een Europees conflict met Iran. Met twee man die keurig officieel moeten opereren, begin je niets in zo'n enorm, onwillig land. Hetgeen niet wegneemt dat Nederland, met hulp van bondgenoten en hun inlichtingendiensten, toch in staat zou moeten zijn om een betrouwbaar beeld te krijgen van de situatie in het oude Perzië. Wil men dat wel, of verkiest men onwetendheid boven gewetensnood?

Volgens De Groene hebben diverse organisaties Buitenlandse Zaken gegevens verschaft over arrestaties, martelingen en executies. Aart Brouwer citeert vluchtelingenadvocaat Bogaers: “Men wil zulke informatie niet tot zich laten doordringen (...) De ambtsberichten zijn volslagen subjectief, de conclusies worden niet gestaafd en zijn onjuist of onvolledig.” Wanneer hebben we dat eerder gehoord? Was dat in 1979, toen vrijwel geen enkele diplomaat voorspelde dat Khomeiny de macht zou grijpen? De professionals konden dat simpelweg niet geloven want hun wereldbeeld was anders - en ze wilden het niet.

J.A.A. van Doorn signaleert in HP/ De Tijd een identiek proces bij minister Jan Pronk, die na een kwart eeuw ervaring in de derde wereld tot de conclusie komt dat de leiders daar kritisch moeten worden gevolgd. (Gemonitord?) In NRC Handelsblad had Pronk bekend dat hij te goedgelovig is geweest, dat ze hem lieten praten over mensenrechten en intussen zijn geld incasseerden. Pronk: “Geef, zeg ik tegen mezelf, geen onbeperkt vertrouwen.”

Pronk had het natuurlijk kunnen weten. Maar hij wilde het niet weten want dan zou hij een cynischer persoon worden. Tja, waar is de wereld meer mee gediend: met een idealist die forse fouten maakt of met een cynicus die niets onderneemt? Het antwoord van Van Doorn is duidelijk: Pronk heeft honderden miljoenen guldens belastinggeld verzonden op basis van 'onbeperkt vertrouwen', zonder kennis van internationale politiek. Zijn hart zit ongetwijfeld op de goede plaats maar zoals onze oosterburen zeggen: Guter Mann aber slechter Musikant.

Kennis is overigens ook niet alles, want waar kennis groeit, groeit de onzin mee. Dat zegt Erik Noomen (HP/De Tijd) in een verhaal over het tienjarig bestaan van de stichting Skepsis. De leden van dat genootschap voeren een - vergeefse - strijd tegen homeopaten, wichelroede-lopers, aura-zieners, kaartleggers, astrologen en andere soorten bijgelovigen. Ze hebben experimenten uitgevoerd met pendelaars en astrologen; en die brachten er niets van terecht. Vijftig sterrenwichelaars kregen zeven levensbeschrijvingen met zeven horoscoopgegevens. Wie de levenslopen correct aan de horoscopen kon koppelen, zou 5000 gulden krijgen. Het kostte Skepsis geen cent, want de beste score was drie goed. Het gemiddelde lag zelfs lager dan de toevalskans. Raakten de wichelaars daardoor van hun geloof af? Nee natuurlijk. De sekte van Lou de Palingboer geloofde, dat Lou eeuwig zou leven. Toen Lou toch stierf was de verklaring, dat zijn discipelen tekort schoten in hun geloof. Dus: genees je dan is het homeopathie, zo niet dan is dat eigen schuld.