Kruis op Koerilen moet Japanners dol maken

Zondag spraken Rusland en Japan af het territoriale probleem over de Koerilen vreedzaam te regelen en uiterlijk in 2000 een vredesverdrag te sluiten.

TANSILIJEV (Koerilen), 5 NOV. Dat het Koerilen-atol vandaag niet in mist is gehuld vindt Aleksej Bajandin nog het mooist. Nu kunnen de Japanners met hun verrekijker vanuit hun eigen land zien hoe Russische kozakken, popen en grenstroepen op het zuidelijkste tipje van het zuidelijkste Koerileneiland een metershoog orthodox kruis onthullen. “We maken ze hartstikke dol”, zegt Bajandin, perssecretaris van de gouverneur.

Anderhalve kilometer verderop ligt het Japanse eiland Hokkaido. Zinken daken blinken in de zon. Met het blote oog is het silhouet van een toren te zien. “De Japanners noemen dat de vredestoren”, zegt de correspondent van de legerkrant Rode Ster. In de ogen van de Russen kan dat baken niet onbeantwoord blijven, daarom richten zij een kruis op van glimmend koper en messing. De boodschap is ondubbelzinnig: Japan kan zijn aanspraken op de zuidelijke Koerilen maar beter vergeten; hier begint de Slavische wereld.

Dat het Japanse consulaat protest heeft aangetekend tegen deze 'provocatie' sterkt de Russische patriotten in hun missie. Gouverneur Igor Fargoedinov, de baas van de betwiste eilandengroep, zegt met aplomb: “Tokio heeft het nog niet helemaal begrepen: de Koerilen zijn van ons.”

Afgelopen zondag bereikten president Jeltsin en premier Hashimoto van Japan 'een historische doorbraak' over het uit 1945 daterende grensgeschil: nog voor de eeuw om is willen beide landen alsnog officieel vrede sluiten. Over de status van de archipel, die van 1905 tot het einde van de Tweede Wereldoorlog Japans was, is niets besloten, behalve dat die zaak hoe dan ook opgelost dient te worden.

Maar de geschiedenis sijpelt maar langzaam door tot in de uithoeken van het Russische rijk. In tijden van economische tegenspoed moet de gouverneur het hebben van Groot-Russische sentimenten. “De tijd van de veroveringen is voorbij”, zegt hij. “Maar wat we hebben, dat staan we niet meer af.” Laat Groot-Brittannië de Falkland-eilanden soms schieten, zegt de gouverneur. En wie zijn er nu de echte provocateurs? Waarom blijft Japan de zuidelijke Koerilen stug 'de noordelijke eilanden' noemen? In oktober is de videoband 'De noordelijke eilanden, een brug naar de toekomst' op 11.000 Japanse scholen verspreid. “Educatief van vorm, maar propagandistisch van inhoud”, oordeelden de Russen. “Het kruis is géén oorlogsteken!” zegt de gouverneur. Toch moet de plechtigheid er vanaf de Japanse vredestoren uitdagend uitzien. Vroeg in de middag duiken aan de horizon twee Russische legerhelikopters op, die langs de rand van het Japanse luchtruim scheren.

Pag.5: Alleen Japans geld is welkom

In de nauwe zeestraat verschijnt een Russisch marineschip. Tegelijkertijd formeert zich op dit winderige eilandje Tansilijev, de zuidelijkste aller Koerilen, amper een paar voetbalvelden groot, een erehaag van matrozen en grenssoldaten.

Als de helikopters landen moet het klapwieken van de rotorbladen tot in Japan hoorbaar zijn. Ataman Vladimir - een ataman is een Kozakkenleider - springt als eerste in het hoge riet. Hij draagt leren rijlaarzen, een zwart uniform met twee zilveren patroongordels en een rode cape die wild klappert in de kunstmatige wervelwind. De kozakken zeggen de Koerilen te hebben ontdekt. Zo'n 300 jaar geleden (volgens de annalen 'in de nazomer of de vroege herfst van 1667') had een kozakkeneenheid onder Vladimir Atlasov vanaf het vasteland als eerste een vulkaan gezien die het noordelijkste eiland van de Koerilen bleek te zijn.

Later, in juni 1738, zeilde de Deen Spanberg, die deel uitmaakte van de expeditie van zijn landgenoot Bering, in opdracht van de Russische tsaar van het schiereiland Kamtsjatka naar Japan, met het doel de archipel in kaart te brengen. Maar Spanberg leverde zulk broddelwerk af dat het nog tot de 19de eeuw zou duren voordat de Russische cartograaf Tansilijev alle eilandjes precies had ingemeten, inclusief het platte, boomloze stipje dat nu zijn naam draagt.

Tansilijev is onbewoond. Er staat alleen een barak waar de soldaten van Grenspost Nummer Een bivakkeren. De 19-jarige Dmitri uit de Oeral zit hier zijn diensttijd uit: twee jaar achtereen, zonder verlof. “Laat die Japanners maar komen”, zegt hij stoer. “We zijn er klaar voor.” Zodra de priester in zijn purperen gewaad het kruis met wijwater heeft besprenkeld, knettert er een saluut uit de kalasjnikovs van Dmitri en zijn kompanen. Ook de kustwacht, die zich met een fregat in de wateren tussen Rusland en Japan heeft geposteerd, laat zich niet onbetuigd: de matrozen schieten lichtkogels af die grillige rooksporen boven het eiland trekken. “Slava!” roepen de kozakken. “Leve Rusland!”

De Russische pers houdt gouverneur Fargoedinov een vijftal recorders van het merk Sony onder de neus. De ironie ontgaat hem. Een van de priesters maakt foto's - met een Nikon-camera. En ook Bajandin, de perssecretaris, neemt zijn promotiefilm op met een Japanse videorecorder.

De ironie wil dat de Koerilen, net als het grotere eiland Sachalin (waarvan de zuidelijke helft tot 1945 ook Japans was), steeds zwaarder leunt op Japanse producten en Japans kapitaal. Toen het Rode Leger in de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog deze gebieden op Japan heroverde, werd de Japanse bevolking verdreven. Maar nog altijd zijn er 'Russen' met Japans bloed en Japanse achternamen. En toen de eilandengroep in 1994 door een aardbeving werd getroffen, was de Japanse hulp er het eerst. De 2500 inwoners van Koenasjir, het grootste eiland van de zuidelijke Koerilen, rijden in afgedankte Toyota's en Nissans. De wegen op de Koerilen zijn onverhard, en het ziet ernaar uit dat de archipel alleen met Japans geld ontwikkeld kan worden.

Vreemd genoeg verwacht ook perssecretaris Bajandin, die zichtbaar heeft genoten van het uitdagen van de Japanners, méér van Tokio dan van het 10.000 kilometer verderop gelegen Moskou. Op de terugweg naar Sachalin, waar het gouvernement zetelt, schetst hij een voorspoedige toekomst, onmiskenbaar roze gekleurd door de Rode Zon. Aan boord van de militaire Antonov 26, die laag over de besneeuwde vulkaan Ivan de Verschrikkelijke vliegt, knallen de champagnekurken. De kozakken hebben wodka meegebracht, en reuzel, voor op het brood. “De Japanners mogen de Koerilen hebben”, zegt ataman Vladimir bulderend van de lach. “Als wij daarvoor in ruil Japan krijgen!”

    • Frank Westerman