Familie Soeharto verzet zich tegen sluiting banken

JAKARTA, 5 NOV. De bestuurders van zestien failliet verklaarde Indonesische banken, onder wie familieleden van president Soeharto, mogen het land voorlopig niet verlaten. De familieleden verzetten zich hevig tegen de banksluitingen, die volgens Soeharto's zoon Bambang Trihadmodjo rechtstreeks gericht zijn tegen de presidentiële familie.

De Indonesische regering decreteerde zaterdag de intrekking van de licenties van zestien bankroete banken. De sanering van de Indonesische bancaire sector, die meer dan 230 banken telt, was een van de voorwaarden die het Internationaal Monetair Fonds (IMF) afgelopen vrijdag stelde bij een akkoord over een meerjarig hulpverleningsprogramma ter waarde van 23 miljard dollar, bedoeld om het internationale vertrouwen in de Indonesische economie te herstellen.

Directeur-generaal Pronowo van het immigratiebureau verklaarde gisteren tegenover de krant The Indonesian Times dat minister van Financiën, Mar'ie Muhammad, hem had verzocht te verhinderen dat zestig eigenaren en directeuren van de betrokken banken het land zouden verlaten. Het ministerie van Financiën is bezig met een onderzoek van de rekeningen van de banken.

Soeharto's tweede zoon, Bambang Trihadmodjo, die aan het hoofd staat van het zakenimperium Bimantara Group, is tevens president-commissaris en bezitter van 25 procent van de aandelen van de geliquideerde Andromeda Bank. Hij is inmiddels een rechtszaak begonnen tegen minister van Financiën Mar'ie Muhammad. Hij beschuldigt hem ervan politieke motieven te hebben voor de sluiting van banken waar hij en zijn familieleden bij betrokken zijn. “Ik ben ervan overtuigd dat dit een politieke actie is, gericht tegen onze familie, zodat mijn vader niet zal worden herverkozen als volgende president”, verklaarde Bambang gisteren tegenover journalisten. De presidentsverkiezingen zijn gepland voor volgend jaar maart.

Ook Soeharto's halfbroer Probosutedjo, eigenaar van de eveneens failliet verklaarde Bank Jakarta, heeft furieus gereageerd op de maatregelen. Gisteren noemde hij het reisverbod tegenover de Jakarta Post “een ernstige overtreding van de mensenrechten”. “Dit is werkelijk een belediging, alsof de eigenaars van de geliquideerde banken subversieve misdaden hebben gepleegd.” Vandaag werd duidelijk dat Probosutedjo zijn bank in weerwil van het bevel tot sluiting gewoon open houdt. Volgens de zakenman, die aan het hoofd staat van een conglomeraat van ondernemingen, doet hij dat om rekeninghouders uit te betalen. Probosutedjo kondigde vanochtend aan dat hij naar zijn halfbroer, Soeharto, zou gaan om de zaak te regelen. De president zou vandaag terugkeren van de jaarlijkse topontmoeting van ontwikkelingslanden, verenigd in de zogeheten G 15, in de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur.

Behalve Bambang Trihadmodjo en Probosutedjo hebben ook Soeharto's dochters Siti Hediati Probowo en Siti Hardijanti Rukmana (beter bekend als 'Tutut') belangen in de bankwereld. Siti Hediati bezit acht procent van de aandelen van de geliquideerde Bank Industrie. Bank Yama, waarvan Tutut aandeelhoudster is, werd niet gesloten zaterdag. Volgens Bambang is deze bank gered door fondsen ter beschikking gesteld door Bank BCA, eigendom van tycoon Sudomo Salim, een van de oude zakenrelaties van president Soeharto.

    • Frank Vermeulen