Vreemde gast in het verkeer

In de deuropening van het studentenhuis met nummer 36 in de Tilburgse Poststraat draait een bewoner verbaasd zijn hoofd om. Vlak daarvoor snelde de 20-jarige Wout Conijn hem op een knalgele roeifiets voorbij. Met een blik van ongeloof kijkt de student het vreemde voertuig na, schudt zijn hoofd, alvorens hij op zijn eigen oranje oma-fiets de straat uitrijdt.

“Je hebt heel wat bekijks op zo'n fiets”, erkent Conijn. “Je hoort vaak reacties als 'gaaf ding' als je mensen voorbij fietst.” De bijna zesduizend gulden kostende roeifiets van de Tilburger is een vreemde gast in het alledaagse verkeer. “Een kruising tussen een ranke roeiboot en een ligfiets”, zo typeert Conijn zijn voertuig.

De bijzondere fiets, gemaakt door de in Middelburg gevestigde industrieel ontwerper Derk Thys, heeft inderdaad veel weg van een roeiboot op wielen. Met als verschillen dat een roeier achteruit gaat en de fietser vooruit en dat het zitje op de fiets niet kan bewegen.

De aandrijving is vrijwel hetzelfde. Met twee benen en de voeten vastgeklikt in een soort slede, trapt de bestuurder van het voertuig de pedalen van zich af. Tegelijkertijd trekt hij met een zwaai van zijn rug en met het buigen van de armen het stuurtje naar zich toe. Daardoor wordt de ketting die het achterwiel aandrijft in beweging gezet. Het gebruik van bijna alle spiergroepen in het menselijk lichaam stellen de roeifietser in staat hoge snelheden te bereiken.

Met dit ongewone rijwiel wil Wout Conijn naar Tibet fietsen. De Tibetaanse hoogvlakte is zijn einddoel. Voor een deel zal Conijn het spoor volgen van de historische Zijderoute, de eeuwenoude handelsverbinding met het Verre Oosten. De tocht begint in Istanbul. “Europa heb ik wel gezien”, vertelt Conijn. “Ik fiets al jaren door het continent. Bovendien kom ik te laat in Turkije als ik in Tilburg start. De winter valt daar binnenkort in en de kans dat er bergpassen zijn dichtgesneeuwd is dan te groot. Nu kom ik er nog zonder problemen doorheen.”

Via Iran, Pakistan en India moet Tibet worden bereikt. Op het eerste oog niet de gemakkelijkste landen om doorheen te fietsen. “De bergen zullen niet al te veel problemen geven. Ik ben alle Alpencols al eens opgefietst en ook dat heb ik gehaald. Nee, bergen leveren geen problemen op.”

Maar de Tilburger ziet op tegen corrupte douaniers en agenten, en wilde dieren kunnen gevaarlijk zijn. “Vooral wilde honden schijnen nog wel eens aan te vallen. Ik zoek maar een grote stok op om ze op afstand te houden. Ook gooien met stenen helpt. Ik heb gehoord dat honden alleen al van een gooiende beweging op de vlucht slaan. Ook heb ik angst voor een persoonlijke aanval van mensen. Ik hoop maar dat mijn mensenkennis me niet in de steek laat.”

Met zijn onderneming wil de avonturier verschillende doelen bereiken. Ten eerste wil hij nog wat van de wereld zien, voordat hij zich in het serieuze leven stort. “Ik ben klaar met het VWO en als ik nog wat wil, moet ik nu gaan. Even een jaartje er tussenuit, afstand nemen van de vastliggende patronen. Daarna kan ik altijd nog naar de universiteit.”

Verder wil hij een bijdrage leveren aan verbetering van de mensenrechtensituatie in Tibet. “Op de middelbare school maakte ik een werkstuk over het land. Door alles wat ik erover heb gelezen raakte ik onder de indruk. Op deze manier hoop ik de aandacht te vestigen op de door China onderdrukte bevolking.”

Maar vooral het verleggen van eigen grenzen is de drijfveer voor de onderneming. Conijn groeide op tussen de rare fietsen. Zijn broer bouwde zelf ligfietsen en als kleine jongen ging hij mee naar wedstrijden. Daar zag hij telkens andere fietsen. Zelf sloeg de Tilburger ook aan het knutselen en raakte hij verknocht aan alles wat met fietsen te maken heeft.

Op een van de bijeenkomsten van 'het wereldje van vreemde fietsenbouwers' werd zijn aandacht getrokken door de roeifiets. Op de hele wereld rijden er maar vijftig van deze bijzondere voertuigen rond. Afgelopen zomer had hij het geld bij elkaar om er een aan te schaffen. “Het was eerst wel even wennen. In een roeiboot had ik nog nooit gezeten. Ik moest als het ware opnieuw leren fietsen.” Vrijdag of zaterdag vertrekt Conijn richting Turkije. “Als ik niet in een ravijn val, of op een andere manier tegenslag ondervind, hoop ik over acht maanden terug te zijn.”

    • Johan Stobbe