Tweede Kamer voorstander; Sorgdrager in twijfel over wet voor deals

DEN HAAG, 4 NOV. Minister Sorgdrager (Justitie) twijfelt aan de noodzaak om deals met criminelen wettelijk toe te staan. Dit heeft de minister gisteren tijdens de behandeling van de politiebegroting gezegd. Een meerderheid van de Tweede Kamer is juist voor een wettelijke regeling.

Na afloop van de parlementaire enquête naar opsporingsmethoden liet voorzitter Van Traa weten voorstander te zijn van een wettelijke regeling voor afspraken tussen het openbaar ministerie en criminelen. Eerder maakte het OM in het proces tegen de van grootschalige drugshandel verdachte Johan V., alias de Hakkelaar, afspraken met criminelen over strafvermindering. In ruil daarvoor moesten deze belastende verklaringen tegen de hoofdverdachten afleggen.

Sorgdrager zei gisteren dat recente strafprocessen haar enthousiasme voor een wettelijke regeling hadden doen afnemen. Wel wil de bewindsvrouw de kwestie nader bespreken.

Mocht er geen wettelijke regeling komen, dan wil Sorgdrager toch bekijken of er niet meer terughoudend moet worden omgegaan met dergelijke afspraken. De regeringsfracties PvdA, VVD en D66 reageerden terughoudend op de uitspraken van de minister; zij houden vooralsnog vast aan een wettelijke regeling.

In hetzelfde debat liet minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) weten het huidige politiebestel niet “sluipenderwijs” te willen centraliseren. Dijkstal zei deze kabinetsperiode vast te willen houden aan de decentrale organisatie van de politie, waarbij politie- regio's voor een groot deel autonoom kunnen opereren. De minister reageerde daarmee op de PvdA-fractie, die hem verweet zich te verschuilen achter deze decentralisatie en tegelijkertijd niet te weten hoeveel politiemensen er in deze kabinetsperiode bijgekomen zijn.

Overigens is Dijkstal wel voorstander van een provinciale of landelijke politie. Eerder al liet hij weten dat de huidige Politiewet hem te weinig bevoegdheden gaf op te treden in bijvoorbeeld de kwestie van de ontslagen Rotterdamse korpschef J.W. Brinkman.

Dijkstal kon gisteren opnieuw niet aangeven hoeveel 'blauw op straat' rondloopt. De Kamer heeft hier herhaaldelijk om gevraagd. Eind deze maand hoopt de bewindsman het met de korpsbeheerders eens te worden over de manier waarop het aantal politiemensen per regio moet worden geteld.

De fractie van de PvdA stelde gisteren voor een hogere strafmaat in te voeren voor het zogenoemde zinloos geweld. Minister Sorgdrager wees het voorstel direct van de hand en ook andere fracties voelden er weinig voor. Het Tweede-Kamerlid Korthals (VVD) noemde het “symboolwetgeving”.