Paul Lightfoot krijgt de Choreografie Prijs 1997 voor humor en eigenheid; Zelfs stilstaande dansers bewegen

Vanmiddag ontving de Engelse danser en choreograaf Paul Lightfoot (1966) de Choreografie Prijs 1997 van de Stichting Dansersfonds '79. Op dit moment repeteert Lightfoot voor zijn 16de choreografie, Stilleven, dat volgende week in première gaat bij het Nederlands Dans Theater. “Ik ben nooit bewust bezig geweest met het scheppen van een eigen stijl.”

Stilleven van Paul Lightfoot gaat op 13 nov. in première bij het Nederlands Dans Theater in Den Haag.

DEN HAAG, 4 NOV. Een aanmoedigingsprijs kreeg hij al in 1992, van het Amsterdamse Fonds voor de Kunst, en voor een oeuvre-prijs is het “nog te vroeg”, maar intussen heeft de danser en choreograaf Paul Lightfoot (1966) volgens de jury van de Choreografie Prijs 1997 van de Stichting Dansersfonds '79 genoeg laten zien om zijn bijdrage aan de hedendaagse dans in Nederland “absoluut prijzenswaardig” te noemen. Lightfoot nam de prijs vanmiddag in ontvangst in Het Muziektheater in Amsterdam.

“Geweldig!” reageert de gelauwerde in de helverlichte studio van Het Nederlands Dans Theater in Den Haag, waarvoor hij op dit moment een nieuw werk, Stilleven, aan het maken is. “De prijs is natuurlijk welkome reclame voor mijn nieuwe stuk en het ontroert me te weten dat men ontwikkeling in mijn werk bespeurt. Zelf ben ik nooit bewust bezig geweest met het scheppen van zoiets als een eigen stijl, maar ik constateer dat anderen die intussen wel onderkennen. Choreograferen is vooral een toevalsproces, een telkens weer spannende sprong in het onbekende. Om dat avontuur gaat het me, en niet eens zozeer om de afloop. Ik wil gewoon balletten maken.”

Stilleven, dat volgende week in première gaat, is Lightfoots zestiende choreografie. Nog geen tien jaar geleden maakte hij zijn eerste, voor de workshop van Het Nederlands Dans Theater, waar hij 1985 in dienst trad als danser. Zijn werk wordt volgens de jury van de Choreografie Prijs 1997 gekenmerkt door “een inventieve, nooit voorspelbare (-) bewegingstaal” en door “een fantasie-prikkelende (-) opbouw waarin humor en ernst ongeforceerd verweven worden”. Daarnaast wordt geprezen dat hij naast de twee gerenommeerde huischoreografen Hans van Manen en Jirí Kylián “volstrekte eigenheid” heeft weten te behouden.

Gezeten op de lichtgrijze studio-vloer schrijft Lightfoot dat laatste toe aan “het weldadig creatieve klimaat” van Het Nederlands Theater, waarover hij lyrisch is. “Als ik hier ongelukkig was, zou ik niet blijven. Daarvoor is het veel te hard werken”, zegt hij. Lof zwaait hij ook toe aan zijn naast hem gezeten levenspartner, de uit Spanje afkomstige NDT-danseres Sol León. Regelmatig spreekt hij over “onze balletten”, wat misschien niet zo vreemd is, omdat “een slimmerik ontdekt heeft dat vanaf een bepaald moment alle titels van mijn werk met de S van Sol beginnen”. “Mijn derde oog”, noemt Lightfoot haar. “Soms ben ik overtuigd van de genialiteit van een nieuw idee, waarvan Sol zonneklaar en nuchter aantoont dat het helemaal zo geniaal niet is. Ik heb geleerd dat het belangrijkste van het maken van plannen is dat je ze kunt veranderen.”

Stilleven, een groepswerk voor acht dansers en het eerste Lightfoot-stuk met een Nederlandse titel, zal een duet bevatten van León en Lightfoot zelf. Dat is opmerkelijk, omdat Leóns tengere lijf inmiddels duidelijk de contouren toont van zwangerschap, waarin Lightfoot “zonder sentimenteel te willen worden” een thema heeft ontdekt. Weliswaar hebben stillevens juist weinig met beweging te maken, maar op “symbolisch niveau” verbergen ze volgens de choreograaf “iets dat hen levend maakt”. “Het zo vaak afgebeelde fruit of andere etenswaar is vereeuwigd, maar in werkelijkheid rot het weg en staat het daarmee voor vergankelijkheid en voor de eeuwige cyclus van leven en dood.”

In het stuk zijn de dansers de objecten en het fruit op een kaal toneel, waar van de grond opstuivend en door de lucht circulerend meel benadrukt dat niets stil is. “Zelfs niet als een danser stopt met bewegen”, zegt Lightfoot, “want de lichamen gaan door met leven, en dat van Sol herbergt, letterlijk, nieuw leven - dat zich op dit moment overigens inderdaad nog redelijk stil houdt.” Dat hij, bij wijze van uitzondering, zelf ook meedanst, komt voort uit de wens om juist in deze periode samen met León op het toneel te staan. “Niet omdat ik haar nu zonodig moet beschermen. Eerlijk gezegd ben ik vaak meer de baby dan de aanstaande vader.”

Uit de recorder klinkt de Actus Tragicus van Bach. Met gekromde rug plaatst León haar hoofd op Lightfoots borst, alsof ze onder het holletje in zijn kin wil kruipen. Een hand bedekt een gezicht. Synchrone, vloeiende bewegingen zijwaarts. De ene arm die onder de andere doorsteekt, een rug wordt rechtgezet. Een vegende beweging over de grond doet het denkbeeldige meel opstuiven. Er weerklinkt luid gehoest en geproest.