IRT-affaire herleeft in zaak-Etienne U.

Justitie heeft het recht op de vervolging van Etienne U. en zes trawanten verspeeld. Met die openingszet van de advocaten begon gisteren een nieuw monsterproces voor de Amsterdamse rechtbank.

AMSTERDAM, 4 NOV. De raadsman van Etienne U., advocaat C. Korvinus, begon de strafzaak gisteren met een verzuchting. “Eindelijk is het dan zover”. Het was een zin die ook de officieren van justitie F. van Straelen en P. Bender uit het hart gegrepen moet zijn. Na hem zo'n acht jaar in het vizier te hebben gehad, kon justitie gisteren voor de Amsterdamse rechtbank eindelijk een aanvang maken met de berechting van in hun ogen wederom een van de grootste vaderlandse drugsbaronnen en zes van diens handlangers.

Op de voormalige Surinaamse ex-legerleider D. Bouterse na heeft U. zich de afgelopen jaren ontpopt als de grootste kwelgeest van politie en justitie. Hij maakte deel uit van de drugsbende van Klaas Bruinsma. De man die hij in 1991 opvolgde als natuurlijk leider toen Bruinsma voor het Hilton-hotel in Amsterdam werd geliquideerd. Het zogeheten IRT-onderzoek naar U. leidde uiteindelijk niet tot het oprollen van de veronderstelde drugsbende maar tot de ontmanteling van het opsporingsapparaat in het ressort Amsterdam.

In een poging eens en voor altijd af te rekenen met de hasjondernemers besloot justitie begin jaren negentig zelf drugs te importeren om goed zicht te krijgen op het criminele milieu. Het bleek een opsporingsmethode die twee ministers en een procureur-generaal de kop zou kosten. Een tiental officieren van justitie en een veelvoud aan rechercheurs beten de tanden stuk op U. Het Haarlemse OM en het nieuwe Kernteam Randstad Noord en Midden (KTR), onder leiding van commissaris O. Dros, moet de rechter nu overtuigen dat er ook met schoon rechercheren grote boeven kunnen worden gevangen.

Als het aan de advocaten ligt, besluit de rechtbank nog deze week om aan dit historische moment in de strafrechtspleging meteen een einde te maken. In uitvoerige niet-ontvankelijkheidsverweren probeerden ze aan te tonen dat justitie het recht op vervolging heeft verspeeld. Volgens Korvinus komt dit vooral omdat het KTR-team gebruik heeft gemaakt van 'besmet' materiaal uit het oude IRT-onderzoek.

Het nieuwe politieteam is volgens Korvinus ook helemaal niet zo nieuw. Hij wees erop dat de man die in de IRT-periode het doorleveren van drugs heeft uitgevonden, de Haarlemse rechercheur K. Langendoen, een jaar lang plaatsvervangend teamleider is geweest van het KTR.

Advocaat A. Moszkowicz, die voor de verandering twee verdachten tegelijk bijstaat, zei dat justitie “alle beginselen van een behoorlijke procesorde heeft geschonden” door de verdachten betrokkenheid bij hasjtransporten te blijven verwijten hoewel inmiddels in een onderzoek van het Amsterdamse OM zou zijn gebleken dat de bende van 'generaal U.' er niets mee te maken heeft.

Justitie bestrijdt dat er oude IRT-stukken zijn gebruikt. Al het verzamelde bewijsmateriaal is de vrucht van klassiek rechercheren: het analyseren van in beslag genomen computergegevens, het wereldwijd observeren van verdachten, het analyseren van telefoontaps en informatie van getuigen.

Een 'heterdaadje' zit er niet tussen het bewijsmateriaal. Pas na de vorig jaar verrichte arrestaties en huiszoekingen heeft justitie met veel moeite drie eerder onderschepte hasjtransporten aangemerkt als zijnde afkomstig van de bende van U. En echt verwonderlijk is 't ook niet dat U. nooit is betrapt met een doos hasj in zijn handen. Er is geen verdachte in Nederland die er zo goed van op de hoogte was dat hij voorwerp was van strafrechtelijk onderzoek als Etienne U.

Tijdens de parlementaire enquête werd openlijk aangekondigd dat het KTR de oude IRT-zaak had opgepakt. Bovendien is de politie gebleken dat U. over corrupte contacten bij justitie of politie beschikte die hem informeerden over de stand van zaken in het onderzoek. Met die wetenschap is het überhaupt nog een wonder dat het KTR zestig belastende dossiers aan informatie heeft weten te verzamelen.

Maar volgens de raadslieden is al dat materiaal flinterdun. “Een veroordeling voor de wereldomvattende, rechtsstaatbedreigende, gewelddadige, nietsontziende criminele organisatie zit er niet in”, zei advocaat H. Jahae.

Volgens Jahae dient de vervolging “van deze non-zaak” een heel ander doel. Het OM “zoekt de nederlaag als bewuste tactiek” om alsnog gelijk te krijgen in de stammenoorlog die er in de IRT-tijd woedde tussen het “nette” Amsterdam en het “wilde” Haarlem. Justitie in Haarlem wil volgens Jahae aantonen dat er geen resultaat kan worden geboekt bij de bestrijding van de georganiseerde misdaad als de politie niet mag infiltreren en niet mag doorleveren.

Dat het IRT-onderzoek ook deze zaak als een spook blijft beheersen, blijkt ook uit de opgeroepen getuigen. Alle oude hoofdrolspelers uit deze zaak worden als het aan de advocaten ligt opgeroepen. De rechtszaak dreigt een slepende kwestie te worden. De president van de rechtbank, mevr. Van Os-Lang, kondigde aan de zittingsdagen steeds uiterlijk om 17.30 uur te zullen afsluiten. “Er zullen geen marathondagen worden gehouden. We willen het einde halen”.

    • Marcel Haenen