EU: minder geld voor strijd varkenspest

BRUSSEL, 4 NOV. Nederland krijgt voor de bestrijding van de varkenspest niet de bijdrage van de Europese Unie waarop het aanspraak maakt. Dat verwachten Brusselse diplomaten en ambtenaren van de Europese Commissie, omdat fouten zijn gemaakt bij de bestrijding van de epidemie. Minister Van Aartsen (Landbouw, Natuurbeheer en Visserij) gaat ervan uit dat de EU ongeveer de helft draagt van de vier miljard gulden die de varkenspest dit jaar kost.

Het duurt vermoedelijk nog twee jaar voordat de definitieve afrekening van de Europese Commissie met Nederland komt. Diplomaten nemen aan dat de Commissie dan het uiteindelijke bedrag naar beneden bijstelt wegens fouten die ambtenaren van de Commissie tijdens inspecties in Nederland bij de bestrijding van de varkenspest hebben vastgesteld.

Minister Van Aartsen veronderstelde vorige week vrijdag, na een gesprek met de Europees commissaris Fischler (Landbouw), dat rapporten die Europese ambtenaren hebben gemaakt over de bestrijding van de varkenspest herschreven zullen worden. Hij heeft echter op een aantal punten moeten toegeven dat de daarin geformuleerde kritiek terecht was. Van Aartsen hoopt niettemin te bereiken dat belangrijke andere negatieve beoordelingen uit de rapportages zullen verdwijnen. Hij zei veel begrip te hebben gekregen van Eurocommissaris Fischler. Dat begrip, gaf hij toe, betrof niet Van Aartsens verontwaardiging over rapporten die “niet zozeer feitelijk alswel sterk suggestief” zouden zijn. Fischler heeft niets over de inhoud van de rapporten gezegd. Het begrip van Fischler sloeg alleen op de ergernis van de Nederlandse minister over het uitlekken van de rapporten, voordat Nederland de kans had gehad die te becommentariëren en eventueel aan te tonen dat de werkelijkheid anders is dan Europese ambtenaren menen te hebben waargenomen.

Het is voor ambtenaren van de Europese Commissie niet ongewoon dat hun inspectierapporten weinig waardering krijgen van een betrokken lidstaat. Óf ze worden ervan beschuldigd te weinig controle uit te oefenen over de uitgave van EU-gelden, óf ze krijgen het verwijt onredelijk streng te zijn.

Afgewacht moet worden in hoeverre Van Aartsen kan bewerkstelligen dat Fischler gunstiger oordeelt over de Nederlandse aanpak van de varkenspest dan zijn ambtenaren hebben gedaan.

Pagina 18: Kritiek op pestbestrijding betreft vooral administratie

Vanmiddag zal de kwestie vermoedelijk aan de orde komen in het Permanent Veterinair Comité dat in Brussel vergadert. Het comité - veterinaire specialisten uit alle EU-lidstaten - geeft adviezen die de Europese Commissie doorgaans opvolgt. Die adviezen zijn formeel wetenschappelijk van aard. Maar volgens een van de leden werkt het comité voor vijftig procent wetenschappelijk, voor de andere vijftig procent voert het instructies van de ministers van Landbouw van de EU-lidstaten uit. De veterinaire specialisten zijn niet voor niets allen ambtenaren van de ministeries van Landbouw.

Van Aartsen heeft niet de mogelijkheid het Permanent Veterinair Comité zover te krijgen dat het een oordeel over de rapporten van Europese ambtenaren uitspreekt. Volgens bronnen bij de Europese Commissie zal het comité zich niet bemoeien met de manier waarop Nederland de varkenspest administratief heeft aangepakt. Het zal zich beperken tot een oordeel over veterinaire aspecten. Het is juist die administratieve aanpak die wordt bekritiseerd, omdat die tot gevolg zou hebben dat de EU onnodig veel geld kwijt is aan de Nederlandse varkenspest.

Bij Fischler heeft Van Aartsen niet meer kunnen doen dan aandacht vragen voor de gedetailleerde reactie op de rapporten van de Nederlandse Chief Veterinary Officer dr. C.C.J.M. van der Meijs, die vorige maand naar Brussel zijn gestuurd. Dat hij meende bij Fischler begrip te hebben ontmoet wordt bij de Europese Commissie uitgelegd als een veel voorkomend misverstand. Ministers met problemen die een Eurocommissaris spreken zouden dikwijls de neiging hebben een vriendelijke ontvangst uit te leggen als steun in de rug. Maar, zo wordt gezegd in de omgeving van Fischler, de werkelijkheid is anders. De commissaris laat zijn ambtenaren niet zomaar vallen in een gesprek met een minister. De argumenten die tegen een aantal conclusies in de rapporten van de ambtenaren zijn aangevoerd zullen serieus worden bekeken. Niets minder, maar ook niets meer.

Volgens diplomaten in Brussel is te verwachten dat de EU-steun voor de Nederlandse bestrijding van de varkenspest wordt verminderd wegens de punten waarop het ministerie van Landbouw al heeft toegegeven dat er fouten zijn gemaakt. Zo is, nadat varkenspest op een bedrijf was vastgesteld, geen beschermingsgebied rondom dat bedrijf vastgesteld om verspreiding van de ziekte te voorkomen. Landbouw bestrijdt echter de conclusie dat deze fout zeer ernstige gevolgen heeft gehad voor het verloop van de epidemie. Twee verschillende registratiesystemen die bij de varkenspest worden gebruikt sloten lange tijd niet op elkaar aan. Nederland heeft dit toegegeven en verbeterd. Nederland heeft mede onder druk van de inspecties de hygiëne-eisen voor veehouders, transporteurs en medewerkers van het ministerie van Landbouw strenger gemaakt.

Het departement is naar aanleiding van de kritiek gestopt met het schatten van aantallen varkens op van varkenspest verdachte bedrijven en is op exacte tellingen overgestapt. Volgens de Europese rapportages was het door die schattingen mogelijk dat boeren illegaal varkens verkochten. De procedure van telling van varkens bij taxatie in verband met een (door de EU gesubsidieerde) opkoopregeling en de controle op weegbonnen is verbeterd. Dossiers van besmette bedrijven worden, naar aanleiding van de Europese kritiek, onderworpen aan controle door een externe accountant.

Hoofdzaak van de kritiek in de rapporten betreft echter de organisatie van Landbouw, waar verschillende diensten langs elkaar heen zouden werken, en fraudegevoelige regelingen. Nederland wordt verweten aan financieel gewin voorrang te hebben gegeven boven bestrijding van de varkenspest. Landbouw zou ook te veel naar de belangen van de varkensmesters en de veehandelaren hebben gekeken. In een rapport over inspecties in september bij Roermond staat dat in zeer veel gevallen varkens zijn opgekocht en vervolgens vernietigd, hoewel die varkens tot de categorie behoorden die in het kader van de bestrijding van de varkenspest meteen vernietigd moesten worden. In het eerste geval moet de EU 70 procent van de kosten betalen, in het tweede geval slechts 50 procent.

    • Ben van der Velden