Zonder medicijnen snel weer thuis

Ik was zes maanden toen bleek dat ik astmatisch was. Mijn vader - zelf ook astmatisch - heeft me in de jaren daarna gestimuleerd om te sporten. 'Dat is hartstikke leuk. Daarnaast kun je door regelmatig te sporten goed met astma leven. Het maakt je lichaam sterker en je longinhoud groter', zei hij altijd.

Zo begon ik al vroeg met schaatsen, één keer per week. Later ging ik ook fietsen. Op m'n twaalfde werd ik echt fanatiek, vooral met schaatsen.

Ik heb last van allergische astma en van inspanningsastma. Bij het eerste is het belangrijk dat je de factoren waar je allergisch voor bent uit je leven bant. Zoals dieren en stof. Inspanningsastma treedt op als je je te veel inspant. Dan klappen je longen dicht. Dat kun je overwinnen door goed trainen, een goede warming-up, gezond leven en niet te laat naar bed gaan. En door op gewicht te blijven. Als ik minder train, komen er wat kilo's bij. Dan is de astma snel terug.

Ik heb me er altijd hard voor gemaakt dat in ijshallen niet wordt gerookt. Roken is slecht voor iedereen, maar vooral voor mij als ik in een hal die blauw staat van de rook moet schaatsen. Thialf is wat betreft ventilatie een slechte hal. Iedereen rookt daar ook gewoon door. Zelfs de ijsmeester steekt er een sigaartje op.

Ik slik medicijnen tegen astma. Voor wedstrijden die niet belangrijk zijn, vergeet ik dat soms en treedt het verval eerder in. Als kind vergat ik ze ook regelmatig. Werd m'n vader kwaad. Had hij me naar een wielerronde gereden, bleek bij aankomst dat ik m'n medicijnen was vergeten. 'Godsamme Bartje, hebben we twee uur in de auto gezeten, kunnen we na één miezerig rondje fietsen van jou al weer naar huis', zei hij dan.

    • Paul de Lange