Optreden Jiang effent weg voor stabielere relatie met VS

Na zijn achtdaagse bezoek aan de Verenigde Staten keert de Chinese president Jiang Zemin vandaag terug naar Peking. De Amerikaanse publieke opinie heeft Jiang niet voor zich weten te winnen. Maar zijn bezoek heeft wel de basis gelegd voor stabielere Amerikaans-Chinese betrekkingen.

WASHINGTON, 3 NOV. Na afloop van zijn toespraak aan de Harvard-universiteit, afgelopen zaterdag, verraste de Chinese president Jiang Zemin vooraanstaande Amerikaanse politici, journalisten en China-specialisten. Het leek er zowaar op alsof de Chinese leider het boetekleed aantrok. Had alle Amerikaanse kritiek op de Chinese schendingen van de mensenrechten dan toch effect gehad?

Er is veel goede wil voor nodig om tot die conclusie te komen. Maar kennelijk is Jiang erin geslaagd om die goede wil te kweken, onder meer bij het Amerikaanse Congres. De Chinese president kreeg na afloop van zijn toespraak in Harvards Memorial Hall een nogal directe vraag voorgelegd. “Jiang Zemin roept het Westen op tot dialoog in plaats van confrontatie”, luidde de vraag, “waarom weigert hij een dialoog met zijn eigen volk? Waarom stuurde de Chinese regering op 4 juli 1989 tanks naar het Plein van de Hemelse Vrede, voor een confrontatie met het Chinese volk?”

Na een lange aanloop in louter algemene termen (“Ik heb uitgebreide contacten gehad met mensen in allerlei maatschappelijke posities”), sprak Jiang de inmiddels veel geciteerde woorden: “Het spreekt vanzelf dat wij natuurlijk onze tekortkomingen kunnen hebben, en zelfs fouten in ons werk gemaakt kunnen hebben. Maar, we hebben ons er voortdurend voor ingespannen om ons werk te verbeteren”.

Markeerde die opmerking een breuk met Jiangs hardnekkige rechtvaardiging van het neerslaan van de studentenopstand? De hele week had hij - ondanks kritiek van president Clinton, het Congres en betogers op straat - vastgehouden aan de officiële lijn dat Peking indertijd “noodzakelijke maatregelen” had genomen om een “politieke ordeverstoring” te smoren. Gaf de Chinese leider nu opeens toe dat het neerslaan van de opstand verkeerd was?

Volgens velen was het een eerste stap. Voor het eerst heeft de Chinese president in het openbaar de woorden “fouten” en “tekortkomingen” gebruikt in antwoord op een vraag over het neerslaan van de studentenopstand, meldde The Washington Post gisteren prominent op de voorpagina. De krant citeerde een hoogleraar Chinese geschiedenis uit Boston die stelde: “Het feit dat hij in een bredere context toegaf dat er problemen waren, was hoogst ongebruikelijk.”

Ook voor Los Angeles Times was het voorpagina-nieuws: nog nooit was een Chinese leider in verband met het gewelddadige optreden van het leger zo dicht in de buurt gekomen van het toegeven van fouten. De Republikeinse meerderheidsleider in de Senaat, Trent Lott, noemde het op de televisie zelfs “een behoorlijke concessie” van Jiang. “Misschien heeft hij hier wel iets geleerd”, opperde de Republikeinse voorman hoopvol. Zijn Democratische collega Thomas Daschle toonde zich al even verheugd.

Aan gebaren met symbolische lading ontbrak het op Jiangs Amerikaanse reis niet. Op Hawaii danste hij opgewekt de hoela-hoela, in Williamsburg zette hij als een revolutionair uit de Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd een driekantige steek op, in New York luidde hij de openingsbel van de effectenbeurs op Wall Street, en aan een van de meest prestigieuze universiteiten ter wereld riep hij, deels in het Engels, op tot beter begrip en grotere vriendschap tussen China en de Verenigde Staten. Hij ontbeet met ex-president George Bush, sprak met evangelist Billy Graham, en werd op het hoofdkantoor van IBM in New York meer dan hartelijk onthaald door Louis Gerstner, de topman van Big Blue, die zijn gast in het Chinees begroette met de woorden: “Hoe gaat het, oude vriend?”

Maar het ziet er niet naar uit dat Jiang met dat alles de Amerikaanse publieke opinie voor zich heeft gewonnen. In de Amerikaanse media is de afgelopen week zeker zoveel aandacht besteed aan het lot van Tibet, de onderdrukking van politieke oppositie in China en alle protesten tegen het hoge Chinese bezoek, als aan Jiangs trip langs de symbolen van de Amerikaanse democratie en vrije markt. En de resultaten van de topontmoeting met president Clinton werden wat overschaduwd door het openbare debatje tussen de twee leiders, tijdens hun gezamenlijke persconferentie, over de mensenrechten.

Nog steeds heerst er in Amerika verdeeldheid over de vraag hoe China, die economische en politieke wereldmacht in opkomst, benaderd moet worden. Maar het resultaat van de reis van Jiang Zemin, en van zijn topontmoeting met Clinton, is dat de regering-Clinton na een zigzag-beleid in haar eerste termijn, nu een duidelijke lijn heeft uitgezet: toenadering, maar geen normale betrekkingen zolang China zijn repressieve beleid niet opgeeft. Doorbroken lijkt de situatie waarin beleidsmakers en politici het gevoel hadden dat ze moesten kiezen tussen ofwel verkettering van het Chinese regime, ofwel schroomvallig aanhalen van de banden, om vooral maar geen commerciële kansen te verspelen.

Dat er voor Washington een beleid mogelijk is dat toenadering verenigt met een kritische opstelling en harde woorden, bleek niet alleen tijdens de woordenwisseling van Clinton en Jiang tijdens hun persconferentie. Ook in het Congres, waar de scherpste critici van China te vinden zijn, werd Jiang in klare taal aangesproken op de arrestatie van religieuze leiders, gedwongen abortussen en andere schendingen van de mensenrechten. Maar tegelijk erkenden Congresleden als Newt Gingrich, voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, dat China “op de goede weg” is. En minister van Buitenlandse Zaken, Madeleine Albright, deinsde er niet voor terug om, een dag na Jiangs vertrek uit Washington, het hoofd beleidsplanning van haar ministerie, Gregory Graig, te benoemen tot speciale coördinator voor het Amerikaanse Tibet-beleid, een stap die Peking vast beschouwt als inmenging in binnenlandse aangelegenheden.

De Chinees-Amerikaanse schrijfster Bette Bao Lord belichaamde de afgelopen week, in de marge van het staatsbezoek, de nieuwe Amerikaanse politieke opstelling. De auteur van onder meer de bestseller Spring Moon demonstreerde woensdagochtend tegenover het Witte Huis met Bianca Jagger, Richard Gere en ook minder bekende actievoerders tegen de onderdrukking van het Chinese volk door zijn eigen leiders. 's Avonds stond ze in het Witte Huis, als echtgenote van de voormalige Amerikaanse ambassadeur in Peking en ex-onderminister voor Oost-Azië, Winston Lord, in een lange jurk in de rij om de Chinese president, voorafgaand aan het staatsbanket, de hand te schudden. “Long time no see”, zei Jiang in het Engels tegen haar. “Het is belangrijk dat mensen die het op sommige punten eens zijn en op andere punten oneens, kunnen zoeken naar overeenstemming”, verklaarde Lord later tegenover de pers.

De grote problemen tussen China en de VS zijn de afgelopen week niet opgelost. Maar de manier waarop het bezoek van Jiang is verlopen, geeft wel hoop dat er over vreedzame, pragmatische oplossingen van die problemen gesproken kan worden. Dat de ijzige stemming tussen de twee hoofdsteden, en tussen de presidenten persoonlijk, wat ontdooid is, kan bij toekomstige crisissituaties bovendien van groot belang zijn.

    • Juurd Eijsvoogel