Verkeersveiligheid

Verwijzend naar de verkeersveiligheid geeft Paul Mijksenaar in NRC Handelsblad van 24 oktober een tirade over de inrichting van de Nederlandse wegen. Bij lezing blijkt het artikel eerder over de vormgeving en bewegwijzering te gaan dan over veiligheid.

Een groot deel van het artikel gaat over autosnelwegen. De autosnelweg is echter de wegsoort die de meeste aandacht krijgt, maar ook de wegsoort die het meest veilig is (gevolgd door het woon-erf). Het gevaarlijkst zijn de 80 km wegen door de combinatie van hoge snelheid en menging van verkeerssoorten. En juist de 80 km wegen zijn in de publieke aandacht over verkeer zwaar onderbedeeld.

De drijfveer van Mijksenaar lijkt het terugdringen van irritatie te zijn. Dat daarin verbetering mogelijk en wenselijk is, bijvoorbeeld door nog betere bewegwijzering, lijkt mij duidelijk. Maar de suggestie dat minder irritatie equivalent is met een betere verkeersveiligheid is fundamenteel onjuist. Het lastige van verkeersveiligheid is dat een groot deel van het gevaar wordt veroorzaakt door de snelheid van de voertuigen. Een deel van de veiligheidsmaatregelen is daarom gebaseerd op het terugbrengen van die snelheid. Maar omdat we allemaal haast hebben ervaren we die maatregelen per definitie als irritant.

Het betoog van Mijksenaar had aan kracht gewonnen als hij dichter bij zijn eigenlijke doelstelling was gebleven: “Een betere vormgeving van wegen en bewegwijzering kan een hoop irritatie wegnemen en wellicht ook een bijdrage leveren aan de verkeersveiligheid.”

    • Berend Schotanus