Door Kenia met atletenmakelaar Jos Hermens; Zes koeien voor een vrouw

De winnaar van de marathon van Amsterdam wacht morgen een miljoen gulden, mits hij de snelste tijd van dit seizoen loopt. Atletenmakelaar Jos Hermens werft voor Amsterdam deelnemers onder zijn 'stal' Keniaanse hardlopers. Trainen tussen de kraanvogels, elk familielid een hand geven en overal chapati's eten.

Een tiental meters voor de kleine truck lopen in een gestaag tempo zes marathonlopers. Het is zes uur in de morgen, de dagelijkse training is begonnen. Over een tevoren uitgezet parcours, door bossen en velden, zandpaden die klimmen en dalen, hoogtetraining in het westen van Kenia. Het is een paar graden boven nul, de hoogte varieert tussen 2.000 en 2.500 meter. In de laadbak staat hun vaste trainer die geen oog heeft voor wadende flamingo's of een koppel kraanvogels, zwijgzaam kijkt hij af en toe op zijn stopwatch. In de warme cabine stuurt de Italiaanse dottore Rosa, naast hem zit Jos Hermens, voormalig topatleet, nu al jaren atletenmakelaar en organisator van atletiekevenementen.

Af en toe stuurt Rosa de truck in de berm om een vrachtwagen met bosarbeiders voorbij te laten, waarna er minutenlang een rode stofwolk blijft hangen. De lopers lijken erin op te lossen. Met gekraak en gillende motor worden ze een heuvel of dal verderop weer ingehaald. Nog steeds in hetzelfde tempo lopend, zwarte antilopen in felgekleurde trainingspakken en loopschoenen. Na anderhalf uur en 27 kilometer volgens de teller in de truck, is de ochtendtraining afgelopen. Wat rek- en strekoefeningen in de opkomende zon, dan in de achterbak terug naar het trainingskamp. Dat wordt aangekondigd door een verroeste slagboom en een reeds lang verlaten wachthuisje.

Het voormalige hotel, neergezet door de Engelsen die Kenia in het begin van de jaren zestig hebben verlaten, maakt een verwaarloosde indruk. Trainen betekent ook: rusten, veel rusten. Vanmiddag zijn er weer de tempotrainingen; tienmaal duizend meter in een hoog ritme, eenmaal per week een snelle duurloop van achtendertig kilometer. Zeven dagen in de week, drie maanden lang, met schema's die uitgedacht zijn door de Italiaanse sportarts Rosa.

Drie maanden van voorbereiding op die ene marathon. Ditmaal die van Amsterdam, waar één miljoen gulden is uitgeloofd voor de beste seizoensprestatie. Twee uur, zeven minuten en tien seconden is de te kloppen tijd, neergezet door de Marokkaan Khannouchi, in nota bene zijn allereerste marathon.

Op reis met Jos Hermens door het westen van Kenia. Bezoekjes afleggen bij lopers die bij hem onder contract staan. Praten met vertegenwoordigers van de Keniaanse atletiekbond, met trainers en scouts, met aankomende talenten. Zoeken naar een geschikte locatie voor een eigen trainingskamp dat binnen niet al te lange tijd moet zijn opgezet. De weinige geasfalteerde wegen zitten vol met gaten, wat de bestuurders niet hindert om er op topsnelheid door- of overheen te razen.

Langs en soms midden op de weg lopen mensen en dieren. Bijna iedereen loopt hier. De Kenianen zijn geboren lopers. Ze zijn soms dagenlang onderweg voor een bezoekje aan familie of kennissen. Hardlopen is de populairste sport in Kenia, het is een van de weinige mogelijkheden om aan de armoede te ontsnappen. De Keniaanse atletiekbond is arm, zoals bijna iedereen hier. Dat is te zien aan de atletiekbanen die er verwaarloosd bij liggen.

De enige mogelijkheid voor een hardloper om zijn talent in geld om te zetten, is te proberen via een makelaar in het buitenland te lopen. De contracten variëren tussen de duizend en honderdduizend dollar. Daarvan kopen ze meestal een boerderij met land, wat koeien en schapen en een veldje met thee of suikerriet. Ze kunnen er eindelijk een vrouw mee aanschaffen. Zes koeien is de bruidsschat voor een vrouw, een man mag er maximaal vijf hebben, dertig koeien. Anderen steken hun geld in land of bussen die weer door anderen bestuurd worden, kopen huizen of speculeren in suikerriet of thee. Of ze gaan ten onder aan de illegaal gestookte alcohol.

Zoals Henri Rono, wonderloper uit de jaren zeventig, die ergens in Amerika zijn dagen slijt als pompbediende. Hij weet zich niet meer te herinneren op welke banken hij nou toch al dat geld heeft gestort. En we zagen Shelimo terug, in 1994 nog wereldrecordhouder op de tienduizend meter, dronken en twintig kilo zwaarder.

De kennismaking met de Westerse wereld loopt niet voor iedereen goed af. Is het niet de alcohol, dan is het the extended family die aanspraak maakt op het bijeengelopen kapitaal. Waar niemand iets van waarde heeft, valt het ogenblikkelijk op als dat wel zo is. De traditie van voor elkaar zorgen wordt dan in volle hevigheid beleden; laat ons ook eens delen in jouw geluk. Wat moeilijk te weigeren is, want iedereen heeft hier een ander nodig. Zeventig procent van het geld gaat naar the extended family.

Jos Hermens is voor zijn atleten een zorgzame Mzungu, 'blanke man'. Hij geeft doorlopend eet- en rustadviezen, stelt trainingsschema's op, informeert naar de gezondheidstoestand van vrouwen en kinderen, port aankomende talenten op om hun best te blijven doen. Weet dat een afspraak hier niet letterlijk genomen kan worden; negen uur in de ochtend kan ook negen uur in de avond worden. Omdat ieder familielid een hand moet krijgen, omdat er ook overal gegeten moet worden. De vrouwen hebben dan voor het bezoek een om de hut lopende kip geslacht, chapati's (pannenkoekjes van maïsmeel) gebakken en voor de Mzungu's een paar flessen water gekocht. Aan het door henzelf gedronken rivierwater zouden de Mzungu's waarschijnlijk bezwijken.

Na de maaltijd komen de albums op tafel met foto's van de trouwpartij waarbij het hele dorp was uitgenodigd. Albums met foto's van henzelf in vliegtuigen, hotelkamers en op atletiekbanen in alle werelddelen. Er moet een baby worden bewonderd. Daarna wordt er een rondgang gemaakt over het terrein, de gewassen en het vee geïnspecteerd. Almaar hun dankbaarheid uitend tegen de blanke man die het allemaal voor hen mogelijk heeft gemaakt.

De in Duitsland gewonnen Mercedes in de S-klasse, tussen de antieke landbouwwerktuigen, die alleen naar buiten wordt gehaald voor trouwpartijen in de verre omtrek. Het kind dat met een stukje hout op een blanke arm krast om te controleren of er zwart tevoorschijn komt. De twee meeliftende schooljongetjes die oh zo graag naar Denemarken willen verhuizen en geen antwoord kunnen geven op de vraag: waarom? De hardnekkige dief wiens handen er waren afgehakt en een nieuwe loopbaan is begonnen als boeteprediker, in de bijbel bladerend en een microfoon vasthoudend met zijn protheses. De atleet die het klokhuis van een in het vliegtuig meegekregen appel in de grond pootte en er een struik zonder vruchten voor terugkreeg, niet wetende dat je voor zoiets moet snoeien. Tijdens een urenlange rit door de woestenij durft hij een al jarenlang brandende vraag te stellen: hoe vaak doen blanke mannen het nu achter elkaar met hun vrouw? Hijzelf twee keer, soms drie keer. Na wat blank overleg krijgt hij dan eindelijk zijn antwoord: vóór het huwelijk gemiddeld vijf keer per nacht, na het huwelijk één keer. Somber blijft hij nog een tijdje voor zich uit staren, zucht en verandert van onderwerp.

Komende zondag zijn deze prachtmensen te zien op het gladde asfalt van Amsterdam.