Zeven zwervers in een oude raadzaal

Voorstelling: Zwervers van Ton Theo Smit door Toneelgroep Drang. Spelers: Theo Westerduin, Lucienne van Amersfoort, Aukje Oosterhof e.a. regie: Jaap Postma, Wim Meuwissen; decor en kostuums: Wampe en Kim van der Graaf; choreografie: Pauline Schenk. Gezien 30/10 voormalige Raadzaal aan de Groenmarkt, Den Haag. Te zien t/m 15/11 aldaar. Inl.: (070) 346 5272.

Het is onbegrijpelijk dat hier, in de voormalige Raadzaal aan de Haagse Groenmarkt, ooit beslissingen werden genomen van verstrekkende betekenis. De rechthoekige ruimte heeft het desolate van een leeggelopen zwembad. De wanden zijn smoezelig. Het kunstreliëf aan het plafond, daterend uit de jaren vijftig, is hopeloos verouderd.

Uitgerekend hier is het wrakhout van onze maatschappij gestrand; ze treden op in de toneelvoorstelling Zwervers, geschreven door Ton Theo Smit en gespeeld door leden van het gezelschap Drang. Gevaarlijke titel, Zwervers, we zien hen al voor ons, de haveloze gestalten die ook in Nederland steeds meer het straatbeeld bepalen.

Aan deze anekdotiek is het gezelschap Drang gelukkig ontkomen. Schrijver Ton Theo Smit heeft met vaardige hand zeven sterk verschillende personages, waargenomen aan de rand van de maatschapij, geportretteerd. Er is de ex-glazenwasser die van een hoge ladder is gevallen; er is een briljante ex-wiskundige die uit vrije wil de back streets van het leven opzoekt; de tippelaarster is van de partij en ook de agressieve en verknipte pooier. Aan het slot slaan in zijn kop de stoppen door. Hij gaat moorden, en hierdoor krijgt deze fragiele, kleine maatschappij-in-de-maatschappij van mensen die op elkaar zijn aangewezen een tragische wending.

Links en rechts van de speelvloer staan de kolossale leunstoelen opgesteld, waarin de gemeenteraad vergaderde. Nu zijn die stoelen toebedeeld aan de zwervers. Op een podium achter danst een Russische danseres mee met zwaar aangezette, dreigende muziek. Zij is een schimachtige, witte gestalte. Zij vertegenwoordigt de zuiverheid en het zwijgen, waar de anderen elkaar met verbaal geweld te lijf gaan. Want, dat kunnen deze zwervers: praten. Ze moeten zich te weer stellen tegen elkaar, de boze buitenwereld en tegen de ambtenaren van de sociale dienst. Vooral Andrea (Lucienne van Amelsfoort) weet goed raad met al haar opgekropte wrok, die ze als in een waterval van woorden kan spuien.

Gaandeweg wint de voorstelling aan kracht; de aanloop is lang, vaak te symbolisch geladen en zoekend. Ineens, met het optreden van Theo Westerduin als de wiskundige en Menno als de ex-glazenwasser ontstaan er humor en lichtheid. Dan besef je als toeschouwer dat deze wereld zijn eigen codes en mores heeft. Het spel varieert tussen realisme en zelfs surrealisme. De tijdloosheid die zo ontstaat - want zwervers kennen tijd noch kalender - werkt effectief, want omdat schrijver Ton Theo Smit hun allen een belast en betekenisvol verleden heeft meegegeven, raakt de toeschouwer doortrokken van een wezenlijke gedachte: zwervers worstelen met hun verleden. Dat maakt hen in dit toneelstuk tot geloofwaardige personages.