VS waarschuwen Bagdad; Irak weert Amerikanen uit VN-groep

BAGDAD/ WASHINGTON, 31 OKT. Irak heeft gisteren zijn dreigementen waargemaakt en twee Amerikaanse leden van de ontwapeningscommissie van de Verenigde Naties de toegang tot het land ontzegd.

De Amerikaanse regering heeft onmiddellijk gewaarschuwd voor “zeer ernstige consequenties” en eraan toegevoegd “geen enkele optie uit te sluiten”. Maar Rusland tekende vanochtend scherp verzet aan tegen gebruik van geweld.

Irak maakte woensdag bekend dat tien Amerikaanse wapeninspecteurs het land dienden te verlaten, en dat de VN ook geen gebruik meer mochten maken van Amerikaanse verkenningsvliegtuigen. Gisteren voegde Bagdad de daad bij het woord, ondanks de eis van de Veiligheidsraad van de VN van woensdag dat het onmiddellijk zijn besluit zou herroepen, door twee Amerikaanse inspecteurs te weren die vanuit Bahrein naar Irak terugkeerden. Een Amerikaan die werkt voor het Internationaal Atoom Energie Agentschap kreeg vanuit New York opdracht met de twee anderen naar Bahrein terug te vliegen.

De chef van de ontwapeningscommmissie, de Australiër Richard Butler, zal vanavond de Veiligheidsraad in New York verslag uitbrengen over dit incident. De Raad heeft nog niet formeel gesproken over zijn mogelijkheden Irak tot rede te brengen, een zaak die de nodige problemen lijkt mee te brengen. Volgens een hoge Amerikaanse functionaris zal Washington mogelijk in eerste instantie opnieuw proberen de rest van de Raad achter een reisverbod voor Iraakse regeringsfunctionarissen te krijgen, een sanctie waarvan Bagdad vermoedelijk niet zeer onder de indruk zal zijn. De permanente leden China, Rusland en Frankrijk - die bij diverse gelegenheden voor Irak zijn opgekomen - hebben bij eerdere gelegenheden een dergelijke sanctie niet willen afkondigen, maar onder de huidige omstandigheden ligt de situatie in de Veiligheidsraad anders.

Een andere mogelijkheid is een formele verklaring van de Veiligheidsraad dat Irak de bestandsovereenkomst na de Golfoorlog van 1991 heeft geschonden. Een dergelijke verklaring zou de weg bereiden naar militaire actie tegen Irak.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Madeleine Albright, sprak gisteren telefonisch met haar Russische collega Primakov, en haar woordvoerder zei later dat Primakov “zeer duidelijk was dat Irak niet kan uitmaken wie de inspecteurs zijn”. Maar vandaag maakte Primakov publiekelijk even duidelijk “tegen elk gebruik van geweld te zijn”. “Ik spreek hier nu over omdat sommige stemmen, met name het Verenigd Koninkrijk, hebben opgeroepen ten gunste van het gebruik van geweld tegen Irak.” Hij voegde eraan toe dat “wij niet denken dat het besluit dat zojuist door Bagdad is genomen, het best mogelijk besluit is, speciaal na het verschijnen van bepaalde positieve aanwijzingen”. Hij zei niet wat hij bedoelde met 'positieve aanwijzingen'.

Iraakse leiders en kranten toonden zich vandaag volkomen ongevoelig voor de waarschuwingen en dreigementen van de Veiligheidsraad en onder andere de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. Het partijorgaan Al-Thawra wees erop dat Bagdad alle hoop heeft verloren dat de zeven jaar oude sancties tegen het land worden opgeheven omdat de VS en Engeland daarmee niet akkoord zullen gaan. “Irak heeft geen ander alternatief om uit de donkere tunnel van het embarho te komen waarin Amerika het land heeft geplaatst” dan de samenwerking met de Amerikanen op te zeggen, aldus de krant. Volgens de Iraakse media zijn de Amerikanen bovendien spionnen.

“We zoeken geen confrontatie (..) we verdedigen onze rechten”, verklaarde de voorzitter van de commissie voor internationale zaken van het Iraakse parlement, Sa'ad Qasim Hamudi. Hij onderstreepte dat “we niet van ons besluit zullen terugkomen”.

De in Irak regerende Ba'athpartij spoorde gisteren de Arabische landen aan Irak te steunen in zijn nieuwe confrontatie met de Verenigde Staten. “Amerikaans imperialisme blijft de Arabische natie uitdagen door (..) haar zijn hegemonie op te leggen en haar rijkdom te plunderen”. (Reuter, AP, AFP)