Sorgdrager wil duidelijkheid verbod CP'86

ROTTERDAM, 31 OKT. Minister Sorgdrager (Justitie) vindt dat “tot actie moet worden overgegaan” om de partij CP'86 te verbieden. Ze heeft dit gisteren gezegd tijdens een debat in de Tweede Kamer over racismebestrijding.

De Hoge Raad veroordeelde het partijbestuur van CP'86 onlangs wegens lidmaatschap van een criminele organisatie. Een meerderheid in de Tweede Kamer is het met Sorgdrager eens dat na de veroordeling een verbod op CP'86 op zijn plaats is. Het is volgens Sorgdrager echter niet duidelijk of uiteindelijk ook werkelijk tot een verbod van de extreem-rechtse partij kan worden overgegaan, omdat de vereniging CP'86/Eigen volk eerst is opgeheven.

Sorgdrager wil nu bezien of het mogelijk is om de onlangs opgerichte vereniging NVP/CP'86 te verbieden. “We hebben voldoende materiaal om tot een verbod te komen, maar we kunnen het ons niet veroorloven dat een verbod door de rechter wordt afgewezen”, aldus de minister.

Intussen heeft burgemeester Peper van Rotterdam gisteren besloten dat de fractie CP'86 in de Rotterdamse gemeenteraad met ingang van 10 november voor een periode van drie maanden de fractiekamer in het stadhuis niet mag gebruiken. Aanleiding hiervoor is de aangifte van een man die in de Raadhuisstraat door een raadslid van de CP'86-fractie en een bezoeker van die fractie is mishandeld. De twee spraken het slachtoffer vanuit de fractiekamer aan, waarop ze naar buiten gingen en hem op straat mishandelden.

Inmiddels is tegen het tweetal proces-verbaal opgemaakt in verband met openbare geweldpleging en mishandeling. Het college van B en W vindt het niet te tolereren dat vanuit een openbaar gebouw zoals het stadhuis wordt geageerd tegen mensen die zich vlakbij op straat bevinden. In 1996 werd de extreem-rechtse partij ook al de toegang tot de fractiekamer ontzegd, nadat een fractiemedewerker wethouder Meijer had mishandeld.

Volgens een gisteren uitgekomen onderzoek van het Leids Instituut voor Sociaal Wetenschappelijk Onderzoek (LISWO) zouden de extreem-rechtse partijen in Nederland aanhang verliezen. Hun verkiezingsaanhang is sinds 1994 geslonken en het aantal actieve leden neemt af. Het totale ledental van extreem-rechtse organisaties blijft echter wel gelijk. De extreem-rechtse partijen lijken volgens de onderzoekers af te gaan op een verkiezingsnederlaag in 1998.

Het aantal racistische incidenten is in de periode 1995-1996 volgens het instituut wel toegenomen. In 1995 werden er 281 geteld, een jaar later waren het er 305.