Mislukte hoogleraar

's Ochtends in de Volkskrant: historica Regina Grüter laat zich interviewen over haar Weinreb-proefschrift Een fantast schrijft geschiedenis. 's Middags in Vrij Nederland: voorpublicatie uit het proefschrift van Regina Grüter. 's Avonds in Nova: historica Regina Grüter laat zich interviewen over haar proefschrift. Het leven van de moderne proefschriftschrijver is moordend.

Het grappigste was natuurlijk de voorpublicatie in Vrij Nederland. Uitgerekend Vrij Nederland, want daarin schreven de vurigste verdedigers van Weinreb. Het was het huisblad van Renate Rubinstein en in VN werden ook grote delen gepubliceerd uit Het monster in de huiskamer, het boekje waarmee Aad Nuis nog een poging deed om het heiblok van het Weinreb-rapport te keren.

Omdat de strijd allang is gestreden en de emoties zijn geluwd, worden sommige details bijna aandoenlijk. Bijvoorbeeld al die fictieve namen die Weinreb moest verzinnen: prof.mr. J. van Hoorn, gevestigd aan de Carel van Bylandtlaan in Den Haag, wiens belangrijkste cliënt ir. J.J. Wijnandts Francken heette. Prachtige dubbele namen met veel titels en vooral met dt's en ck's. Bij Weinreb woonde nooit een Jansen in de Utrechtsestraat.

Mooi is ook Weinrebs dreigement aan Den Haag, dat men hem in Indonesië - hoe kwam hij daar nou weer - wilde omkopen met een Buick. Ook dat was natuurlijk onzin, maar de foto van de gebaarde rebbe, rijdend in een Buick door de stoffige straten van Djakarta, had ik graag willen zien.

Sommige mensen gaan dood en je hoort ze ook nooit meer praten of bewegen. Maar er zijn doden die in je hoofd zitten. Vaak springen ze spontaan uit een spelonk te voorschijn om je wat toe te fluisteren, maar soms moet je ze oproepen. Wat zou W.F. Hermans van dit proefschift gevonden hebben? Ik kan haast niet wachten om het CS op te slaan. Maar helaas, de polemiek is verstomd en de deelnemers zijn alweer een paar jaar overleden.

In 1981, toen de Weinreb-affaire op haar einde liep, was ik een keer bij Hermans op bezoek. In zijn Parijse flat liet hij mij verontwaardigd de conceptversie zien van een toespraak die PvdA-kamerlid Joop Voogd had geschreven. Daar waar Voogd de naam van Hermans had genoemd, waren drie voorvoegsels met dikke zware inkt doorgestreept en onleesbaar gemaakt. Dat zinde Hermans in het geheel niet en met een oplosmiddel was hij aan de gang gegaan. In het licht van de bureaulamp toonde hij welke drie woorden onder de zwarte inkt te voorschijn waren gekomen: de mislukte hoogleraar.

Ik heb het nog even opgezocht, dit was de zin die Voogd had willen uitspreken: “Ik heb geen enkele reden om te twijfelen aan de capaciteiten en integriteit van beide onderzoekers van het RIOD, noch aan die van bij voorbeeld Dick Houwaert, Renate Rubinstein en Aad Nuis, ongeacht de schandelijke laster die over de beide laatsten is uitgestort door de mislukte hoogleraar W.F. Hermans.”

Nova liet gisteren een klein stukje zien van het tv-interview dat Houwaert ooit met Weinreb heeft gehouden. Leerling interviewt goeroe, huisknecht brengt de rebbe een glaasje thee, lakei luistert gedienstig. “Professor”, zei Houwaert voor elke vraag, want academische titels kon Weinreb niet vaak genoeg horen, al had hij het zelf nooit verder gebracht dan drs.

Destijds hebben Voogd en Nuis het in de Kamer op een akkoordje gegooid, zodat de affaire kon worden afgedaan met de beschamende conclusie dat 'onoplosbare twijfel zal blijven bestaan'. Het proefschrift van Grüter zou voor de Kamer de aanleiding moeten zijn om zich alsnog te reinigen van deze smet op het blazoen.

Maar dat zal niet meevallen. In de Volkskrant vertelt mevrouw Grüter dat ze voor haar proefschrift ook met Aad Nuis heeft gesproken. Volgens de historica gelooft de huidige staatssecretaris nog steeds in de onschuld van Weinreb. Wel reageerde hij vriendelijk op alle vragen, overigens zonder een duidelijk antwoord te geven. “Ik zou wel eens willen weten hoe het werkt in zijn brein”, aldus mevrouw Grüter. Het antwoord is tamelijk eenvoudig: dat brein werkt niet, het staat gewoon uit.