Glossy straatkrant: meer geld, minder medelijden

Vanmiddag begint in vijf steden de verkoop van het nieuwe daklozenblad Straatmagazine. De 'straatglossy' moet het inkomen van de verkopers verhogen, en medelijden van de lezers wegnemen.

UTRECHT/ROTTERDAM, 31 OKT. “Straatnieuws! Daklozenkrant!”, roept verkoper ome Kees. Maar Straatnieuws is niet meer, vanaf vandaag is er Straatmagazine.

Het nieuwe tijdschrift vervangt in Utrecht en Rotterdam respectievelijk het Straatnieuws en de Straatkrant. In Rotterdam gaat de oude naam vandaag al in de prullenbak, in Utrecht houden ze nog even vast aan Straatnieuws, maar lang zal dat niet duren, laat hoofdredacteur C. de Jonge weten. Het nieuwe tijdschrift wordt vanaf vandaag verkocht, een samenwerkingsverband tussen deze twee steden en nieuwkomers Dordrecht en Maastricht-Heerlen, waar nog geen daklozenkranten waren. Straatmagazine krijgt naast een landelijk katern een regionaal katern waarin vooral daklozennieuws uit de streek staat. Apeldoorn, Deventer, Eindhoven, Tilburg, Nijmegen en Arnhem hebben zich ook al gemeld om mee te doen.

Met de samenwerking willen de redacties de efficiency verhogen, waardoor de kosten lager moeten worden. Bovendien moet het nieuwe Straatmagazine meer kopers trekken, zodat meer daklozen een inkomen met de verkoop kunnen verdienen. “En het is voor adverteerders interessanter om in dit blad te staan, zodat wij de kwaliteit kunnen verbeteren dankzij die inkomsten”, aldus D. Van Stijn, bladmanager van Straatmagazine in Rotterdam.

Het grote voorbeeld voor het nieuwe Straatmagazine is de Engelse daklozenkrant Big Issue. Dat blad, ook op magazine-formaat en kleurig, is een volwassen tijdschrift met een oplage van 350 duizend exemplaren per week. Voor het Straatmagazine verwachten de deelnemende steden een fikse oplagestijging. Een 'licht-glossy' uitstraling moeten het beproefde project nieuw leven inblazen. Straatmagazine heeft een kleiner formaat, meer kleur en bijdragen van meer serieuze journalisten dan de straatkranten-oude stijl. Ieder Straatmagazine krijgt naast een landelijk katern een katern voor regionaal straatnieuws.

Van Stijn: “Ik noem het een straat-glossy, het is in ieder geval het niveau van straatkrantje ontgroeid. Mensen moeten dit blad ook willen lezen en niet alleen uit medelijden een krantje kopen. Voor de verkopers is het heel vervelend om te zien dat mensen een krantje kopen en het tien meter verderop ongelezen in een prullenbak gooien. Dat is niet goed voor je eigenwaarde”.

Bij de verkopers die van de daklozenkranten afhankelijk zijn om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien, heerste aanvankelijk scepsis over de nieuwe formule. “Ze waren bang hun vaste lezers kwijt te raken als ze een ander product aan de man zouden moeten brengen”, vertelt C. De Jonge van Straatnieuws. De Jonge hoopt ook steden als Amsterdam zo ver te krijgen dat ze met het landelijke project meedoen.

De oplage van Straatnieuws en Straatkrant bedraagt nu respectievelijk 32.500 per maand en 35.000 per twee weken. Van het nieuwe tijdschrift rolden vanochtend 110.000 exemplaren van de pers. “Economisch veel efficiënter”, legt Van Stijn uit. “Om rendabel te kunnen draaien moet je als stad minstens 15.000 exemplaren aan de man brengen. Dat lukt niet overal. Door deze samenwerking kunnen steden die anders nooit een daklozenkrant hadden kunnen maken nu wel deelnemen. Daar zijn de daklozen, om wie het natuurlijk primair blijft gaan, alleen maar bij gebaat”.

Volgens De Jonge houdt iedere editie “zijn eigen smoel”. Zo houdt Utrecht de naam Straatnieuws nog even aan. “Dat verkoopt gewoon beter aan het winkelend publiek”, aldus De Jonge. Om dat te benadrukken staat op de voorpagina van het eerste Straatmagazine de Utrechtse straatnieuwsverkoper Wolfgang pal voor de Domtoren.

Vanmiddag om vier uur zou de nieuwe hoofdcommissaris van Utrecht P. Vogelzang het eerste Utrechtse exemplaar in ontvangst nemen. En over een vervanging voor het zo bekende 'Straatnieuws! Daklozenkrant!' is wel nagedacht, maar geen oplossing gevonden. De Jonge: “Ach, dit blad heeft geen slogan nodig, het verkoopt zichzelf.”