'Gescheiden landen' op beurs in Göteborg

Op de internationale Boekenbeurs van Göteborg zijn Nederland en Vlaanderen dit jaar gezamenlijk 'themaland'. 21 Nederlandstalige schrijvers reisden naar Zweden om de 'Fokus' te ondersteunen, waaronder Claus, Nooteboom en Mulisch. De laatste hield een lezing over 'Nederland voor beginners'.

GÖTEBORG, 31 OKT. “Literatuur naar een land brengen is meer dan alleen een commerciële operatie”, zei Aad Nuis gisteren op de internationale Boekenbeurs van Göteborg, waar Nederland en Vlaanderen dit jaar themaland zijn. De staatssecretaris van Cultuur, die een korte toespraak hield, voordat de grootste boekenbeurs van Zweden (700 exposanten) met een binnenvuurwerk werd geopend, onderstreepte dat je een land het best leert kennen door zijn boeken te lezen. “Wat we nodig hebben zijn goede ambassadeurs: vertalers en natuurlijk schrijvers.”

Voor de manifestatie 'Ett spr, mga röster' (Een taal, vele stemmen), die is georganiseerd door de Stichting Frankfurter Buchmesse '93 (SFB), zijn 21 Nederlandse en Vlaamse schrijvers naar Zweden gereisd: internationaal vooraanstaande Nobelprijskandidaten als Mulisch, Claus en Nooteboom, maar ook in Zweden veel gelezen auteurs als Adriaan van Dis (Indiska sanddynar) en Maarten 't Hart, wiens laatste roman de De Nakomer net als Sladdbarnet vertaald is. De 21 schrijvers, onder wie ook Connie Palmen, J. Bernlef, Anna Enquist en de kinderboekenschrijvers Bart Moeyaert en Imme Dros, geven openbare interviews, lezen voor uit eigen werk, en bevolken de met Zweedse vertalingen en auteursfoto's gevulde SFB-stand in hal B van de beurs 'Bok & Bibliotek '97'.

De vierdaagse Nederlands-Vlaamse Fokus (kosten: 1,2 miljoen gulden) werd gisteravond ingeluid met een literaire avond in het stadstheater van Göteborg. Ongeveer tweehonderd mensen, ondanks advertenties en rondgedeelde folders voornamelijk Nederlandse en Zweedse genodigden, zagen twaalf schrijvers simultaan vertaalde fragmenten uit eigen werk voorlezen, die aansloten op het thema Författarens Skattkamare (De jeugd van de schrijver als goudmijn).

Tussen geprojecteerde hoogtepunten uit het televisieprogramma 'Achterwerk in de Kast' was er vooral veel enthousiasme voor Imme Dros, die haar boek Morgen ga ik naar China voordroeg, en Harry Mulisch, die het hoofdstuk 'Harry en de woorden' uit Voer voor Psychologen voorlas.

Eerder op de dag had Mulisch voor het Zweedse publiek - anders dan Frankfurt is Göteborg vooral een boekenbeurs voor gewone lezers - een lezing 'Holland for beginners in fourteen lessons' gehouden. Hij kenschetste Nederland als een naar de zee gekeerd land met de rug naar Europa, een 'ironische monarchie, waar enthousiasme verdacht en exuberantie verboden is'. Gevraagd naar de overeenkomsten tussen de Vlaamse en Nederlandse literatuur, zei Mulisch dat die totaal verschillend waren: “Het is eigenlijk onzinnig om hier samen op een beurs te staan.”

De Vlaamse schrijver Tom Lanoye, die zijn land een uur later in een hilarische speech omschreef als een kruising tussen Colombia en Los Angeles, bevestigde het door Mulisch geschetste beeld van 'twee landen gescheiden door dezelfde taal'. Op een persconferentie van de SFB zei hij dat Vlamingen anders schrijven dan Nederlanders omdat zij elke dag geconfronteerd worden met corruptie. Het kwam hem op een woedende reactie te staan van de co-voorzitter van de SFP, Guido Verhaegen, die Lanoye toevoegde dat hij zijn mond moest houden over zaken waar hij geen verstand van had. De ruzie werd gesusd door SFB-voorzitter Arie Pais, maar uren later kookte Lanoye nog steeds van woede: “Verhaegen is een uitwas van de partitocratie die België nu al decennia verstikt. Het zijn mensen als hij die er serieus over doen denken om de politiek in te gaan om daadwerkelijk dingen te veranderen.”