Ziektepremie op 77ste terugverdiend

DEN HAAG, 30 OKT. Mensen in het ziekenfonds hebben op 77-jarige leeftijd, de gemiddelde levensduur, gemiddeld ongeveer evenveel aan premies voor ziekenfonds en Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) betaald als zij de gezondheidszorg hebben gekost. Daarna nemen de kosten zeer sterk toe.

Heeft een 77-jarige, in cijfers van 1996, gemiddeld zo'n 300.000 gulden betaald èn geconsumeerd, een 90-jarige heeft nauwelijks meer betaald, maar de kosten van aan hem verleende zorg zijn meer dan verdubbeld tot bijna 600.000 gulden.

Dit blijkt uit een tussenrapportage van het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven aan de Nederlandse Zorgfederatie over de 'Lusten en lasten van zorgverzekeringen gedurende het leven'. Het instituut beperkt zich tot verzekerden in het ziekenfonds en betrekt daarbij de premies voor ziekenfonds en AWBZ en de 'eigen bijdragen'. Beide verzekeringen zijn daardoor, zo menen de onderzoekers, vergelijkbaar met pensioenverzekeringen: verzekerden 'sparen' gedurende de tijd dat ze meer betalen dan de kosten als het ware voor de hogere zorgkosten op hun oude dag.

Het Instituut heeft globaal berekend wat de 'lasten' en 'lusten' zijn van de 'gemiddelde' ziekenfondsverzekerde in de verschillende levensfasen. Consumptie door de verzekerde tot 20 jaar kost meer dan door hem of zijn ouders aan premies en eigen bijdragen is betaald voor ziekenfonds èn AWBZ. Hetzelfde is het geval bij degenen die 55 jaar of ouder zijn. Volgens de onderzoekers weet een burger vaak niet wat hij aan sociale ziektekostenverzekeringen betaalt en hoeveel de zorg die hij daarvoor terugkrijgt, kost. Zij wijten dat aan het doorbreken van de band tussen 'betalen, beslissen en genieten' in de gezondheidszorg.