Psycholoog Wolters over mishandeling in ziekenhuizen: 'Ook hier pogingen tot doding'

Deze week publiceerden onderzoekers alarmerende cijfers over kindermishandeling in Britse ziekenhuizen. Ook Nederlandse ziekenhuizen worden geconfronteerd met mishandeling binnen de eigen muren, zegt klinisch psycholoog W. Wolters.

BILTHOVEN, 30 OKT. Soms knoeien ouders met een infuus. Soms houden ze zich niet aan het dieet dat hun kind is voorgeschreven - zelfs water kan onder bepaalde omstandigheden dodelijk zijn. Soms slaan ze, maar niet zo heel vaak, want dat valt zo op in een ziekenhuis. En dan is er nog een verontrustende toename van het 'Münchhausen by Proxy'-syndroom, waarbij ogenschijnlijk zeer toegewijde ouders met een ziekelijke fascinatie voor ziekenhuizen hun kinderen verwonden om ze keer op keer te kunnen laten opnemen - door bijvoorbeeld hun trommelvliezen door te prikken.

Kinderafdelingen hebben “met regelmaat” te maken met kindermishandeling binnen de eigen muren, zegt W. Wolters, als klinisch psycholoog verbonden aan het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht. “Pogingen een kind te doden komen in Nederlandse ziekenhuizen af en toe voor. Ik heb het de laatste jaren enkele keren meegemaakt.” Precieze cijfers zijn er niet. Wolters zou ze ook niet willen geven.

Deze week werd bericht over kindermishandeling in twee Britse ziekenhuizen. Ten behoeve van een studie naar kindermishandeling hadden Britse onderzoekers daar videocamera's geïnstalleerd. Zonder dat hun ouders dit wisten, werden 39 kinderen gefilmd die waren opgenomen wegens klachten die mishandeling deden vermoeden. In 33 gevallen zijn de ouders vervolgd toen zichtbaar werd dat zij hun kinderen in het zienhuis bleven mishandelen, of zelfs probeerden te doden. Wolters: “Wat is het nut van zulke cijfers, als er niet eens bij wordt vermeld hoeveel jaren het onderzoek besloeg en hoe het onderzoek is opgezet?” Met vergelijkbare vaagheden zijn cijfers over kindermishandeling volgens Wolters nog te vaak omringd.

De Britten, zegt Wolters, brengen bovendien geen nieuws. Wat in de samenleving voorkomt, gaat ook aan ziekenhuizen niet voorbij, zegt hij. Zolang er kinderen in ziekenhuizen worden opgenomen zullen sommige ouders proberen hen ook daar te mishandelen. “Althans: zolang we niet willen accepteren dat onze samenleving een gewelddadige is. Daardoor schiet de hulp tekort.”

Toch pleitte Wolters, toen begin dit jaar verscheidene gevallen van ouders die hun kinderen hadden gedood in het nieuws kwamen, zelf voor een mediastilte over dit onderwerp. Omdat hij vreesde dat de berichtgeving nieuwe kindermoorden zou veroorzaken. Maar ook, zegt hij nu, omdat wat hij 'alarmberichten' noemt, een oplossing juist in de weg kunnen staan. Zoals hij onlangs weer vermoedde, toen onderzoek van de Universiteit van Utrecht in opdracht van de Werkgroep Meldpunt Kindermishandeling uitwees dat naar schatting veertig kinderen jaarlijks overlijden aan de gevolgen van mishandeling of ernstige verwaarlozing. Staatssecretaris Terpstra (VWS) noemde het aantal 'afschuwelijk'. Wolters: “En dat was dat. Dergelijke berichten bieden beleidsmakers en politici alleen de kans voor een moment van pseudo-verontwaardiging. Er wordt een zoveelste voorlichtings- of bewustmakingscampagne aangekondigd. En vervolgens gebeurt er niets meer. Op naar de volgende calamiteit, het volgende moment van publieke verontwaardiging.”

Orthopedagoog J. Herrmanns, verantwoordelijk voor het recente onderzoek naar kinderdoding, is minder huiverig voor cijfers. Hij schat dat mishandeling gewoon doorgaat bij 1 op de 10 kinderen die om die reden al in de hulpverlening terecht zijn gekomen, omdat hulpverleners volgens hem niet snel geneigd zijn de politie in te schakelen. Wolters: “Veel kinderen die mishandeld zijn, krijgen nadat ze in een ziekenhuis of andere hulpinstelling zijn uitbehandeld inderdaad vaak niet de zorg die ze nodig hebben.”

In het Wilhelmina Kinderziekenhuis wordt bij een vermoeden van kindermishandeling onmiddellijk een crisisteam van eigen personeel en zo nodig de politie gevormd. Wordt een kind desnoods bewaakt, eventueel met videocamera's, zoals in Britse ziekenhuizen? Wolters, voorzichtig: “Je kunt ervan uitgaan dat iedere kinderafdeling in Nederland in zeer uitzondelijke gevallen alle middelen gebruikt die nodig zijn.”

Hij ziet bij herhaling kinderen die “volledig zijn afgebrand”. Ze worden al jaren mishandeld, maar er wordt niet blijvend geïntervenieerd. “Echte zorg voor kinderen wordt belet door bureaucratische toestanden en juridische regelgeving. Die helpen ouders nogal eens de rechten van hun kind te overrulen. Dát zou de overheid op moeten lossen, in plaats van steeds nieuwe foldertjes te drukken.”