Ieder cijfer heeft een verhaal nodig

ROTTERDAM, 30 OKT. “Een mooi breekijzer voor verdere positieve ontwikkelingen”, zegt Roel in 't Veld over de ranglijst van Trouw.

Oud-staatssecretaris van Onderwijs In 't Veld (PvdA) is hoogleraar management van het openbaar bestuur aan de Universiteit Utrecht en een belangrijk onderwijsadviseur van de regering. Momenteel bereidt hij juist een advies voor aan staatssecretaris Netelenbos van Onderwijs over de mate waarin het onderwijsbeleid van de overheid 'prestatiegericht' moet zijn.

In 't Veld: “In een tijd waarin de keuze van ouders en kinderen voor een school steeds belangrijker wordt, is het verheugend dat er meer informatie vrij wordt gegeven. En Nederland is relatief laat met de publicatie van zo'n lijst.” In Frankrijk en Engeland bestaat zo'n ranglijst al veel langer.

Een cijferlijst kan het begin zijn van een hoopgevend proces, aldus In 't Veld, “maar er zijn gevaren genoeg. De hoop zal gauw verdwenen zijn, zodra beleidsmakers en journalisten op basis van allerlei uit het verband gerukte cijfers scholen gaan veroordelen. Of als een verkrampte decision maker alle scholen met een onvoldoende onder curatele zou gaan zetten.” In Engeland kwijnen sommige scholen weg, eenvoudig omdat ze een slecht cijfer in de lijst hebben gekregen.

De kwaliteit van een zo complexe organisatie als een school is niet in een eendimensionaal rapportcijfer te vangen. In 't Veld: “Een beoordeling van hoe goed een school kinderen naar het eindexamen brengt, is maar een deel van de informatie die ouders en kinderen nodig hebben om verantwoord te kiezen. Die willen ook weten: wat voor karakter heeft een school? Pedagogische uitgangspunten. Is het er gezellig? Wat voor leerlingen zitten er op? En dat is niet in een cijfer uit te drukken. Dat kan alleen maar met verhalen: journalistieke artikelen, sfeertekeningen. Dan pas krijg je je volwaardige, multidimensionele informatie. De meest intieme gegevens over de werkelijkheid, ook die op scholen, zijn nu eenmaal niet in één cijfer vast te leggen. In verhalen kan dat wel. Cijfers en verhalen vullen elkaar goed aan.”

Een goede schoolkeuze is gebaat bij veel informatieverschaffers, aldus In 't Veld. “Het is te hopen dat er door deze onvolmaakte lijst een grote informatiehonger zal ontstaan bij ouders en beleidsmakers. In het hoger onderwijs begint - hoe onbeholpen soms ook - de informatiestroom eindelijk een beetje op gang te komen, met de visitatierapporten en de Keuzegids Hoger Onderwijs. In het leerplichtig onderwijs is de verantwoordelijkheid van de overheid voor een goede informatierangschikking nog veel groter. Daarom zou het dwaas zijn als de overheid, zoals tot nu toe leek te gebeuren - getuige de rechtszaak die Trouw nodig had - zo snel mogelijk weer het deksel op de doos zou doen.”

De verfijning van het 'rapportcijfer' op grond van betere cijfers over de kwaliteit van de instroom is een eerste verantwoordelijkheid van de rijksoverheid; die heeft het overzicht. Die verhalen bij de cijfers zijn volgens In 't Veld vooral een verantwoordelijkheid van de regionale pers, de gemeentebesturen én de scholen zelf.

“Scholen doen al steeds meer, met de tegenwoordig verplichte openbare jaarverslagen. Ouders gaan natuurlijk vaak zélf kijken op een school. Maar in mijn ogen heeft ook bijvoorbeeld een gemeentebestuur de plicht om te verhelderen waarom een school onder zijn beheer een slecht rapportcijfer krijgt. Omdat die school bijvoorbeeld midden in een grote fusie zit. De gemeente moet dan duidelijk maken dat het misschien nu slecht gaat, maar dat dat om die en die reden maar een tijdelijke zaak is en dat deze fusie in de toekomst juist weldadige gevolgen zal hebben.”