Franse opmars schokt kabelbranche

Koninklijke PTT Neder- land (KPN) onderhandelt exclusief met France Telecom over de verkoop van Casema. Een akkoord heeft belangrijke gevolgen de Nederlandse kabel- televisie- en telecommarkt.

ROTTERDAM, 30 OKT. Casema-directeur Henk de Goede houdt van historische parallellen. Zo illustreerde hij zijn droom van één kabelbedrijf in Nederland meermalen met de provincies die zich in de Tachtigjarige Oorlog samensmeedden tot de Republiek der Zeven Vereenigde Nederlanden.

Die droom lijkt verder weg dan ooit. In 1795 liepen de Franse revolutionaire troepen zonder veel moeite over de broze Republiek heen. Twee eeuwen later kaapt de Franse telecommunicatiegigant France Telecom met een grote zak geld de grootste Nederlandse kabelmaatschappij Casema (1,1 miljoen aansluitingen in onder meer Utrecht en Den Haag) weg voor Nederlandse geïnteresseerden.

De door hen gewenste 'Nederlandse oplossing', samen met andere provinciale kabelbedrijven die veelal in handen zijn van energiebedrijven, is voorlopig van de baan. Verkoper KPN is exclusieve onderhandelingen begonnen met de combinatie France Telecom en de Rabobank.

Nu was het toch al duidelijk dat een strikt Nederlandse kabelmarkt niet houdbaar was. Diverse buitenlandse (lees: Amerikaanse) partijen hebben al een voet tussen de deur. Zij kijken al jaren verlekkerd naar de nieuwe diensten (telefonie, Internet) die via het hechte Nederlandse net van televisiekabels zouden kunnen worden geleverd.

Ook voor Casema bestond warme belangstelling vanuit de VS. De Gelderse energiemaatschappij Nuon, die zich in het verleden sterk maakte voor behoud van de Nederlandse zeggenschap, heeft een bod uitgebracht, maar deed dat samen met het Amerikaanse UIH. De derde partij, US West, is zelfs helemaal Amerikaans. Beide bedrijven zijn al langer op de Nederlandse markt actief.

Chauvinistische motieven zullen een ondergeschikte rol hebben gespeeld in de afweging van KPN, dat zijn marktaandeel moet verdedigen op de sinds juni geliberaliseerde telecommarkt en in kabelmaatschappijen een potentieel gevaarlijke concurrent heeft. In plaats van één van de agressieve Amerikaanse spelers een sterkere positie te gunnen, heeft KPN een Europese tegenspeler uitverkoren die (als deelnemer in de alliantie Global One) tot op heden in Nederland een zeer bescheiden rol was toebedeeld. Daarnaast kiest KPN voor het geld. Het kapitaalkrachtige France Telecom lijkt bereid meer te betalen dan de Amerikaans/binnenlandse kandidaten.

De verkoop van Casema heeft niet alleen gevolgen voor de telecommunicatie, maar ook voor televisie, het traditionele strijdterrein van de kabelbedrijven. Zo zou de transactie Canal+ in een lastig parket kunnen brengen. De aanbieder van satelliettelevisie en abonneetelevisie voor kabelnetten heeft na een moeizame aanloopperiode in Nederland een verbond met Casema gesloten. Beide partijen zullen samenwerken op het gebied van decoders en elkaars programmering op elkaars systemen toelaten - een enorme vooruitgang in vergelijking met het verleden toen de satellietaanbieder en de kabelmaatschappij elkaars doodsvijanden waren.

In Frankrijk leeft Canal+ echter in onmin met France Telecom, die een concurrerende aanbieder is van satelliettelevisie op de thuismarkt: “De verhoudingen zijn daar inderdaad niet zo best”, erkent directeur Joop Daalmeijer van Canal+ in Nederland: “Maar de situatie in Nederland is anders. Het land is zo sterk bekabeld dat we wel met kabelbedrijven moeten samenwerken. Misschien wordt Nederland wel het breekijzer om de onderlinge verhoudingen te verbeteren.”

Casema-directeur De Goede, ondanks zijn visie op de toekomst van de branche in het biedingsgeweld vooral lijdend voorwerp, stelt zich diplomatiek op nu de kaarten geschud lijken: “Ik zou met geen van de drie partijen ongelukkig zijn geweest”, zegt hij.

Waarnemers in de kabelbranche denken dat de verkoop van Casema aan een buitenlandse partij ook de energiebedrijven ertoe zou kunnen bewegen hun kabelnetten te verkopen. De stroomvoorzieners staan bij hun kabeldochters voor enorme investeringen om het kabelnet geschikt te maken voor telefonie en Internet, terwijl de opbrengsten onzeker zijn. Kapitaalkrachtige buitenlandse partners met kennis van zaken blijken voor dit avontuur onmisbaar.

Desondanks denkt De Goede niet dat zijn droom om alle regionale kabelmaatschappijen samen te smeden tot een grote telecommunicatie-concurrent van KPN definitief kapot is. “Deze ontwikkeling hoeft dat niet onmogelijk te maken”, zegt hij. “De verkoop van Casema zou een katalyserende rol kunnen spelen. France Telecom heeft ook belangstelling voor Enertel.” In Enertel werken de kabelmaatschappijen al samen als aanbieder van telecommunicatie. Mogelijk dat de van oudsher verdeelde provinciën opnieuw onder de Fransen verenigd kunnen worden.

Een nauwere samenwerking tussen France Telecom en andere kabelbedrijven hoeft niet direct in de vorm van participaties te worden gegoten. Enertel is een van de belangrijkste kandidaten voor een licentie voor het aanbieden van mobiele telefonie (DCS 1800), waarvan de overheid de uitgifte snel wil afronden. Volgens marktpartijen zullen France Telecom en de Rabobank (en mogelijk ook Deutsche Telekom en ABN Amro) met Enertel een consortium vormen om op deze licentie te bieden.

Binnen de expansieplannen van France Telecom op het gebied van mobiele telefonie past de overname van Casema uitstekend. Voor de aanleg van een landelijk dekkend mobiel netwerk moeten overal in Nederland zendmasten worden geplaatst. Die moeten worden aangesloten op een 'vast' netwerk. Casema heeft dit netwerk, glasvezelkabels met een hoge capaciteit, in grote delen van Nederland al in de grond liggen.

Behalve voor het aansluiten van een mobiel netwerk kan het glasvezelnet door France Telecom ook worden gebruikt voor een snelle entree op de zakelijke markt. De inkomsten hieruit bieden vooralsnog meer houvast dan de onzekere toekomst op het gebied van Internet en telefonie via de kabel.

Voor France Telecom valt te hopen dat de historische parallel niet te ver wordt doorgetrokken. De Fransen verlieten in 1813 Nederland weer.