Het einde van de blijde boodschap

Daar ging hij dan, in de nacht van maandag op dinsdag. De Dow-index van de New-Yorkse effectenbeurs nam zijn, door sommigen lang verwachte duik. Het hoekje rechts in beeld van de Amerikaanse zender CNBC - net boven de tikker met de fondskoersen - kreeg plots hoge fetisj-waarde, tot die fatale 554 punten minus.

CNBC is een filiaal van de Amerikaanse omroepmaatschappij NBC en doet de hele dag niets anders dan wereldwijd de beurzen volgen. Er is een centrale presentatie die met de openingstijden van de beurzen verschuift van Hongkong naar Londen en naar New York en dan weer naar Hongkong. Er komen een hoop cijfertjes in beeld, en er wordt voortdurend overgeschakeld naar specialisten en handelaren voor actueel commentaar en analyse van de laatste cijfers.

De basis van CNBC's succes ligt in de Verenigde Staten, waar steeds meer kleine beleggers de afgelopen jaren afhankelijk zijn geworden van de beurs voor de financiering van de studie van hun kinderen, hun pensioenvoorzieningen enz. De ambities van CNBC gaan echter veel verder. Het station wil wereldwijd het referentiepunt zijn voor beleggers en probeert dat te bereiken met een onophoudelijk informatiebombardement. Het is spannende televisie, die van minuut tot minuut de koersen en aanverwante ontwikkelingen bijhoudt. Concurrenten als CNN-Fn, de financiële zender die wegens de crisis gisteren af en toe werd doorgeschakeld naar het bij ons zichtbare CNN International, kunnen daaraan voorlopig niet tippen.

De onophoudelijke koersstijgingen hebben van CNBC een station met eigenlijk alleen maar goed nieuws gemaakt - tot die nacht dat Wall Street zijn duik nam, en aansluitend ook de Hang Seng Index in Hongkong. En toen bleek ook de structurele zwakte van CNBC. Het is de redactie niet ontgaan dat haar wereldwijde presentie mogelijke invloed heeft op het koersverloop op de verschillende beurzen. Via CNBC al te dik aangezette onheilstijdingen zouden niet alleen maar een verslag van een beurscrash zijn, maar ook zelf weer tot een verdere ramp kunnen bijdragen. Vandaar dat bepaalde kwalificaties waarvan kranten zich in deze dagen onbekommerd konden bedienen (paniek, vrije val, krach, etc.) in het commentaar van de presentatoren van CNBC opvallend ontbraken.

Het is niet dat CNBC de werkelijkheid verdoezelde: de cijfers spraken duidelijke taal en de commentaren van de specialisten eveneens. Maar er bleek zonneklaar dat dit soort nieuwstelevisie van minuut tot minuut zich bepaalde beperkingen in analyse moet opleggen. De presentatoren in New York, Hongkong en Europa deden dus hun best de ontwikkelingen wat te relativeren of lichtpuntjes te vinden. Aan verzekeringen van de Amerikaanse regering dat het toch zo prima ging met de Amerikaanse economie, werd ruim aandacht gegeven. En de laatste uitzending uit New York in onze vroege dinsdagmorgen besloot met de sussende constatering, dat de koersval in New York wel groot was, maar per saldo eigenlijk maar een terugkeer naar het koersniveau van mei jl. was.

Tot zichtbare opluchting van de staf van CNBC bleek de terughoudendheid bij de schildering van het onheil gerechtvaardigd: in de nacht van dinsdag op woensdag krabbelden Wall Street, en de vervolgens de Aziatische beurzen weer omhoog. Het tij leek gekeerd, de blijde boodschap nam weer de overhand. Maar tevens was gebleken dat je voor informatie over de situatie niet met een televisiestation, hoe flitsend ook, kunt volstaan. Wie echt wilde begrijpen wat er aan de hand was, had er een ander medium bij nodig - een krant bijvoorbeeld.

CNBC is - analoog en ongecodeerd - te zien op Astra (19,2 oost, 10.729 GHZ, v.)