Niet meer kans op studiesucces na hoog eindexamen

AMSTERDAM, 28 OKT. Studenten die op de middelbare school hoge eindexamencijfers haalden, hebben niet meer kans op studiesucces op hogescholen en universiteiten dan studiegenoten die een lager eindexamencijfer haalden. Studiehouding, inzet, motivatie en welbevinden zijn belangrijker voor de slaagkansen van een student dan de hoogte van het examencijfer.

Dit staat in het driejaarlijks onderzoek 'Verder Studeren' dat het Amsterdamse SCO/Kohnstamm Instituut vandaag heeft gepresenteerd aan minister Ritzen (Onderwijs). De uitkomst staat haaks op de wens van de VVD die, volgens het ontwerpverkiezingsprogramma, selectie op grond van eindexamens wil invoeren voor studies met studentenstop. De onderzoekers hebben de school- en studieloopbaan gevolgd van leerlingen die in 1991 eindexamen Mavo, Havo, MBO en VWO deden, en de loopbaan van eerstejaarsstudenten in dat jaar. De onderzoekers wijzen 'selectie aan de poort' op grond van eindexamencijfers van de hand: “Dan zouden veel studenten geweerd worden die in feite succesvol hadden kunnen studeren.”

Uit de gegevens blijkt ook dat de invloed van het sociale milieu op het ambitieniveau van studenten sinds begin jaren tachtig is afgenomen, maar nog wel bestaat. Van de Havo- en VWO-leerlingen met hoogopgeleide ouders koos in 1991 70 procent meteen voor de hoogst mogelijke studie. Van de VWO-leerlingen met laagopgeleide ouders begon slechts 50 procent op het hoogst mogelijke niveau - een wetenschappelijke studie - en van de Havo-leerlingen uit hetzelfde milieu ging 60 procent naar een HBO-opleiding. Het ambitieniveau van vrouwen en mannen loopt nauwelijks uiteen: meisjes kiezen even vaak als jongens de hoogst mogelijke opleiding.

Eenderde van de Havo-, MBO- en VWO-leerlingen is sinds 1991 teruggekomen op zijn studiekeuze. Een groot aantal stapt over op een andere studie, de rest verlaat het onderwijs; van de VWO-leerlingen verlaat 15 procent het onderwijs zonder extra diploma, van de Havo-leerlingen vertrekt 14 procent zonder hogeschooldiploma en van de MBO-studenten die naar hogescholen zijn doorgestroomd, maakt 23 procent die studie niet af.

De belissing om wel of niet te studeren wordt nauwelijks bepaald door financiële drempels, stellen de onderzoekers. Het gaat hierbij echter om studenten die in 1991 aan hun studie begonnen en die nog niet aan prestatie-eisen moesten voldoen om een beurs te krijgen. De onderzoekers schrijven: “Ook wanneer door studieschulden het latere inkomen met 400 gulden per maand zou afnemen, daalt de doorstroom naar het HO met maar 2 procent tot 3 procent.”