Het naderende einde van belastingvrij winkelen in de EU

De Europese Commissie wil in 1999 de belastingvrije verkopen op luchthavens en veerboten binnen de EU afschaffen. De handel heeft een laatste wanhoopsoffensief ingezet om dat te voorkomen.

Op de Londense luchthaven Gatwick valt niet te ontkomen aan de publiciteitscampagne waarmee de Britse Dutyfree Confederation protesteert tegen het voornemen van de Europese Commissie om in 1999 een einde te maken aan belastingvrije verkopen binnen de Europese Unie. Op posters, plastic tasjes en brochures die in de duty-freewinkels worden verspreid, staan onheilspellende teksten. '1999: traveling would never be the same again', en 'Act now to keep your dutyfree'.

De Europese ministerraad nam in 1991 het besluit om het taxfree-winkelen op luchthavens en internationale veerboten in 1999 af te schaffen. In een gemeenschappelijke Europese markt, waar alle belemmeringen voor het vrije verkeer van goederen, personen en kapitaal formeel zijn opgeheven, heeft duty-free zijn bestaansrecht verloren, zo redeneerden de beslissers in Brussel.

Duty-free fungeert feitelijk als een oneigenlijke subsidie voor de luchthavens, luchtvaartmaatschappijen en rederijen, meent de Europese Commissie. De nationale overheden lopen belastingen mis, die ze veel beter zouden kunnen besteden. Het bedrag aan misgelopen belastingen en heffingen schat de Commissie op 2 miljard ecu (4,4 miljard gulden). Dat is vergelijkbaar met het hele budget dat de Europese Unie uittrekt voor humanitaire hulp. Bovendien maakt de Commissie zich zorgen over de concurrentievervalsing ten opzichte van de gewone detailhandelaren.

De luchthavens, rederijen, winkeliers, toeleveringsbedrijven en producenten organiseerden een stevige lobby om het dreigende einde van tax-free shopping binnen de EU af te wenden. In heel Europa bestookten de meest uiteenlopende belangengroepen politici met rapporten en onderzoeken naar de gevolgen van de afschaffing. Met name de producenten van drank, sigaretten en parfum waren begrijpelijkerwijze zeer actief. Alcohol en tabak genereren ruwweg de helft van de totale duty-free omzet, en een groter deel van de winst.

Nationaal verenigden de belangengroepen zich in nationale platforms, en in Brussel liep de International Dutyfree Confederation zich het vuur uit de sloffen om de Eurocommissarissen en -parlementariërs ervan te overtuigen dat de verkeerde beslissing was genomen. De Europese Commissaris Mario Monti (interne markt), belast met de uitvoering van de executie, liet eind september tijdens een bijeenkomst van belanghebbenden in Brussel weten dat zij niet hoeven te rekenen op amnestie. Hiermee lijken de kostbare inspanningen van de duty-freelobby voor niets te zijn geweest.

Tijdens de Brusselse bijeenkomst kritiseerde Monti de campagne van de International Dutyfree Confederation in scherpe bewoordingen. Hij benadrukte dat er voor de voorbereiding op het einde van de duty-free zeseneenhalf jaar is uitgetrokken: “Het wordt hoog tijd dat de industrie deze tijd constructief besteedt, in plaats van te proberen de klok terug te draaien”.

In plaats zich voor te bereiden op de komende inkrimping heeft de industrie zich, sinds de bekendmaking van de beslissing, juist fors uitgebreid. De grote Europese luchthavens zijn veranderd in reusachtige marktplaatsen. De duty-free-industrie probeert het met groeiende omzetten. Hoe groter immers het belang, hoe kleiner de kans van tafel geveegd te worden. Tussen 1991 en 1995 steeg de gezamenlijke omzet van acht miljard tot twaalf miljard gulden. Verwacht wordt dat de taxfree-winkels in de EU dit jaar nog meer zullen omzetten.

Nu Monti duidelijk heeft gemaakt dat er niet gerekend hoeft te worden op goed nieuws van het Brusselse front, heeft de duty-freelobby een laatste wanhoopsoffensief ingezet. Een publiekscampagne moet zoveel steun genereren, dat de Europese Commissie er niet omheen kan. De brochures van de Britse Dutyfree Confederation, die op Gatwick worden verspreid, roepen de lezers op parlementsleden in Londen en Brussel aan te schrijven, de lokale media in te schakelen, en “vrienden te vertellen over bedreiging van duty-free”. ADe lobbygroep verzamelde krachtige argumenten om de consumenten te overtuigen. Duty-free zorgt voor goedkope produkten en houdt de prijs van het reizen laag. Zonder duty-free zouden vakantievluchten dertig gulden duurder zijn, moeten sommige routes worden opgeheven, en zou de prijs van veerboottickets fors stijgen. Meer dan alles geldt het werkgelegenheidsargument; volgens de Britse DFC zullen 140.000 arbeidsplaatsen in de Europese Unie “gevolgen ondervinden” van de beslissing.

De publiekscampagne in Groot-Brittannië is een groot succes, verzekert Mike Petrook van de DFC. “De belangstelling is huge. Per week krijgen we zo'n 150 telefoontjes, en per post ontvingen we al bijna 25.000 verzoeken om informatie. Talloze politici en bestuurders beloven steun.” Groot-Brittannië heeft veel te verliezen bij de maatregel. Van de ruim twaalf miljard gulden die er dit jaar in de hele unie wordt omgezet, nemen de Britten in hun eentje zo'n drie miljard voor hun rekening. Dat, en de toch al grote Britse Euroscepcis, verklaart de kracht van de publiekscampagne aan de andere kant van het Kanaal.

De belastingvrije winkels van Schiphol zijn niet minder druk van die van Gatwick. Maar hier is het winkelend publiek zich nog niet bewust van de dreiging. Of beter: het wordt er nog niet bewust van gemaakt. In Nederland geen posters, geen tasjes, geen brochures; kortom geen publiekscampagne. “Er was een voorstel om in alle EU-landen een uniforme campagne te voeren, op Engelse leest geschoeid”, zegt Willem Maas, de voorzitter van de Benelux Dutyfree Association en vice-voorzitter van de IDFC. Maar het agressieve karakter van de Britse campagne, met brieven aan politici en een kaartenactie, paste niet overal. “Dat doen wij nuchtere Nederlanders niet”, aldus Maas.

Daarom is besloten om de kwestie per land aan te pakken. Zelfs binnen de Benelux bestaan er verschillen in aanpak. In België en Luxemburg wordt wel openlijk campagne gevoerd, maar in Nederland wordt de tijd er nog niet rijp voor geacht. Maas: “Als we nu zeggen dat over twee jaar de taxfree misschien wordt opgeheven, haalt de Nederlander zijn schouders op: dat zien we dan wel.”

Bovendien bevindt Nederland zich in een bijzondere situatie. Met de uitbreidingsplannen heeft Schiphol op dit moment een andere prioriteit dan het behoud van de belastingvrije verkopen binnen de EU. Bovendien is de publieke opinie op dit moment ongunstig. De berichten over geluidsoverlast en uitbreiding hebben Schiphol een beladen imago opgeleverd. “In het huidige klimaat zal een publieksactie eerder een negatief dan een positief resultaat hebben”, vreest Maas. De Nederlandse lobby opereert daarom voorzichtig op de achtergrond. Als er al tot een publiekscampagne besloten wordt, verwacht Maas dit op zijn vroegst komend voorjaar.

Komend voorjaar worden ook de resultaten bekend van een onderzoek dat Schiphol uitvoert naar de gevolgen van de afschaffing van taxfree. Op de Nederlandse luchthaven werd vorig jaar voor 500 miljoen gulden omgezet. Schiphol ontvangt, als eigenaar van het vastgoed, jaarlijks een fors bedrag aan huur van de ondernemers die de winkels exploiteren. Absolute getallen brengt Schiphol uit concurrentieoverwegingen niet naar buiten. De luchthaven wil wel kwijt dat ze vorig jaar maar liefst zeventien procent van haar totale inkomsten op deze manier binnenhaalde.

Volgens woordvoerster Ingrid Pauw is het moeilijk te voorspellen welk deel van de omzet na 1999 zal wegvallen. Zestig procent van de vluchten vanaf Schiphol hebben een Europese bestemming, maar dat betekent niet dat een vergelijkbaar deel van de omzet zal verdwijnen. Niet alle Europese bestemmingen vallen tenslotte binnen de Europese Unie. Een weekeindje Praag of een zakenbespreking in Oslo zal nog steeds kunnen worden gecombineerd met een bezoek aan de belastingvrije winkelrekken.

Maas van de Benelux Dutyfree Association: “Het laatste woord is er nog niet over gezegd. Tenslotte is er nog steeds sprake van verschillende BTW-tarieven en heffingen in de EU-landen.” Voordat een fiscale harmonisatie is doorgevoerd, ziet Maas weinig aanleiding de taxfree te beëindigen. Komende woensdag wordt er in Brussel een hoorzitting gehouden voor een commissie van het Europees Parlement, waar alle betrokkenen hun argumenten nog eens op tafel kunnen leggen. Maar zelfs Maas is er van overtuigd dat de uiteindelijke afschaffing “er wel een keer van zal komen.”