Giscard mengt zich in debat; Proces Papon kan vrijdag worden hervat

BORDEAUX, 28 OKT. Het proces tegen de van oorlogsmisdrijven verdachte topambtenaar Maurice Papon kan medisch geproken vrijdag worden hervat. Dat zegt de Parijse hoogleraar in de longziekten die gisteren door het Assisenhof in Bordeaux in de arm werd genomen.

Papons gezondheidstoestand zorgde gisteren voor de derde keer dat het proces moest worden onderbroken. Hij wordt in een ziekenhuis in de buurt van Bordeaux verpleegd met een bronchiale ontsteking. Daardoor kwamen twee belangrijke getuigen, de Amerikaanse historicus Robert Paxton en de Franse historicus Henri Amouroux, voor niets naar het paleis van Justitie.

Bij de nabestaanden van jodendeportaties, waar Papon van wordt verdacht, onstond opnieuw grote weerstand tegen de gang van zaken. Eén van hen, Juliette Benzazon, zei nadat het uitstel voor minstens twee dagen van de procedure was bekend gemaakt: “Ik verzeker u, zodra Papon hoort dat hij is vrijgesproken, staat hij op en wandelt genezen weg.”

Alain Jakubowicz, die al advocaat een aantal nabestaanden van slachtoffers vertegenwoordigt, sprak van de “strategische ziekte” van de verdachte. Papons verdediger, Jean-Marc Varaut, sprak schande van de beschuldiging van een advocaat die gezegd heeft dat “Papon zichzelf bleek kijkt”: “De kleur van het bloed dat hij ophoest, is anders.”

Het proces zou oorspronkelijk voor kerstmis worden afgerond. Maar door het herhaalde oponthoud ten gevolge van Papons toestand - de 87-jarige verdachte heeft vorig jaar een drievoudige by-pass-operatie ondergaan - wordt al gesproken over een uitloop in januari. De advocaten voor de nabestaanden weigeren nu al in december te pleiten, waarna de advocaat van Papon in januari vrij spel heeft om de negen leke-juryleden van zijn visie te vervullen na een kerstreces van twee weken.

In het koor vooraanstaande Fransen dat zich naar aanleiding van het proces uitspreekt over Frankrijks verantwoordelijkheid tijdens de Tweede wereldoorlog, heeft zich nu ook Valéry Giscard d'Estaing (president van '74 tot '81) gemengd. In een uitgebreid vraaggesprek met Le Monde vanmorgen ontkent hij dat zijn familie het collaborerende Vichy-regime van maarschalk Pétain steunde. Dit in tegenstelling tot wat algemeen wordt aangenomen. Giscards vader ontving de francisque, een belangrijke onderscheiding van Vichy.

Zelf verrichtte Giscard, die dertien was in 1940, kleine hand- en spandiensten voor het verzet, maar hij beschrijft zich zelf voornamelijk als “jong getuige” van de oorlog. Als zodanig was hij ooggetuige van de beruchte razzia van 1942 van het Vélodrome d'Hiver die vele honderden Parijse joden het leven heeft gekost.

Volgens Giscard heeft “Frankrijk zich minder verzet dan men graag wil geloven, in ieder geval getalsmatig, maar heeft het land minder gecollaboreerd dan men vandaag de dag wil aantonen”. Hij zegt: “Hoe veel Franse huizen zijn daadwerkelijk open gegaan voor Duitsers? Heel weinig. Welke steden hebben echt geapplaudisseerd voor een Duits garnizoen dat door de stratehn defileerde? Geen één.”

Volgens de oud-president zijn het nu vooral de angelsaksische media die uit zijn op een schuldbekentenis van Frankrijk. “Die landen vergeten volkomen dat Frankrijk een bezet land was.” Giscard ontkent iets te hebben geweten van Papons oorlogsverleden toen deze hem van '78 tot '81 als minister van Begrotingszaken diende.