THOMAS HAMPSON

Schubert: Winterreise. Thomas Hampson en pianist Wolfgang Sawallisch (EMI, 7243 5 56445 2)

Schumann: Heine Lieder. Thomas Hampson en pianist Wolfgang Sawallisch (EMI, 7243 5 55598 2)

De Amerikaanse bariton Thomas Hampson, die dit seizoen de Carte Blanche-serie van het Amsterdamse Concertgebouw verzorgt, zingt met een ongekende souplesse, of het nu om opera, oratorium of liederen gaat. In al dit repertoire is hij dan ook vertegenwoordigd op cd. Zijn enorme productiviteit roept vragen op over de kwaliteit van de uitvoeringen: dat moet haast wel lopendebandwerk worden. Maar dat is bij Hampson niet het geval.

Onlangs verschenen bij zijn vaste platenmaatschappij EMI twee cd's met liederen, Winterreise van Schubert en Heine-liederen van Schumann. De zorg waarmee de teksten worden uitgebeeld, verraadt geen enkele gehaastheid. Integendeel, iedere frase wordt met grote precisie - en in perfect Duits - gezongen. Over ieder woord is goed nagedacht. Tempo, dynamiek en emotie zijn met de grootst mogelijke toewijding gekozen - en worden door pianist Wolfgang Sawallisch nauwkeurig, zij het soms wat onderdanig, begeleid.

Het enige risico dat Hampson zou kunnen lopen is dat het allemaal te exact klopt. In Schuberts Winterreise, wellicht de allermooiste en allermoelijkste liederencyclus die ooit werd geschreven, is dat gevaar het grootst. Dit is muziek, die als één lang aangehouden zucht moet klinken. Hampson heeft de neiging een zekere voorzichtigheid te betrachten. Misschien ontbreekt hem domweg nog de rijpheid - de cyclus lijkt zoiets vaags als 'levenswijsheid' te vereisen.

In de Heine-liederen van Schumann is Hampson wat ongebreidelder. Hij is bovendien een zanger die met de intellectuele subtiliteit van Heine's gedichten waarschijnlijk beter raad weet dan met de gevoelsuitbarstingen van Wilhelm Müller. Maar het zijn slechts marginale puntjes van kritiek. Want ook met deze cd's bewijst Hampson opnieuw de bariton van zijn generatie te zijn.