Kabila geeft VN-onderzoek groen licht

KINSHASA, 27 OKT. President Kabila van Congo geeft een team van de Verenigde Naties na maanden touwtrekken de vrije hand om een onderzoek in te stellen naar recente moorden op Rwandese vluchtelingen in het oosten van het land.

Kabila bereikte hierover zaterdag overeenstemming met de Amerikaanse ambassadeur bij de VN, Bill Richardson, die een rondreis maakt langs enkele hoofdsteden in Midden-Afrika. Het VN-team wacht sinds 24 augustus werkeloos in Kinshasa op het groene licht van de Congolese autoriteiten.

Richardson zei “voorzichtig optimistisch” te zijn, maar voegde eraan toe dat “we daden willen zien en niet alleen woorden”. Hij las na een drie uur durend gesprek met Kabila een gezamenlijke verklaring voor. Daarin staat dat de regering van Congo het VN-team “accepteert” en dat het “vrij is om zonder tussenkomst activiteiten te ontplooien waar het maar wil”. De groep gaat onderzoek doen naar beweringen van hulporganisaties dat Kabila's (toen nog) rebellen of hun militaire bondgenoten uit het buurland Rwanda in Oost-Congo duizenden Rwandese Hutu-vluchtelingen hebben vermoord tijdens de revolte tegen het bewind van ex-president Mobutu. Het team mag naar Oost-Congo en naar de westelijke stad Mbandaka waar deze zomer eveneens gevluchte Rwandezen zijn vermoord.

Het mandaat van het VN-team geldt de periode van 1 maart 1993 tot 31 december 1997. Kabila had eerder bezwaar gemaakt tegen een onderzoek dat zich zou beperken tot vorig najaar, toen zijn troepen hun opmars begonnen door Oost-Congo. Congo en Rwanda hebben steeds beklemtoond dat het geweld in het grensgebied begon met moordpartijen op Congolese Tutsi's door Mobutu's troepen en elementen van het voormalige Rwandese leger, die naar Congo uitweken na de genocide van 1994.

In een interview met het Zuid-Afrikaanse blad Sunday Independent, dat gisteren verscheen, heeft Rwanda's sterke man Paul Kagame toegegeven dat zijn troepen betrokken waren bij het doden van honderden Rwandese vluchtelingen in Oost-Congo in de periode november 1996-mei 1997. Hij bestreed echter dat het om “massamoorden” ging en noemde de doden “een gevolg van de oorlog”. Kagame stelde de VN verantwoordelijk, omdat “ze er nooit in geslaagd zijn in hun kampen de 'echte' vluchtelingen te scheiden van gewapende terroristen (Hutu-milities en soldaten van het voormalige Rwandese leger)”. Die laatsten zouden vanuit de kampen “een invasie in Rwanda” hebben voorbereid. (AFP, Reuter)