De charme van curiosa

De maand oktober is de 'maand van de radio' en de afgelopen week was de 'week van Radio 4'. De klassieke zender van de publieke omroep zond extra veel concerten uit, waarmee het totaal aan 'levende muziek' op 50 uur kwam. Bekende Nederlanders werkten mee om de programma's te presenteren. Deze 'week van Radio 4' kwam aan de vooravond van ingrijpende veranderingen bij de klassieke zender, waarover vandaag in Hilversum wordt gepraat en die volgend jaar ingevoerd zouden moeten worden.

De bekende Nederlanders - zaterdag hoorde ik bijvoorbeeld minister van justitie Winnie Sorgdrager - kwamen om over de muziek te praten, een controversiële bezigheid. Het verschijnsel 'praten over muziek' splijt de serieuze Nederlandse muziekliefhebbers als weinig andere fenomenen in ons consensus-land.

Velen vinden praten over muziek vloeken in de kerk. Een muziekzender is er voor muziek en dat sluit elk praten uit, zelfs als het gaat over muziek, zoals in het NPS-programma Diskotabel, op zondagmiddag op Radio 4 of in het journalistieke programma De grote klok van de VPRO op maandagmiddag. Zelf vind ik het praten, zoals Menno Feenstra en Carole Muizelaar afgelopen vrijdag deden over de voors en tegens van muziekconcoursen, vaak interessanter dan het opzetten van alweer een plaatje met zomaar wat muziek.

Voor de preciezen onder de praathaters is er op de kabel de Concertzender. Maar ook op Radio 4 wordt soms een uurtje op hinderlijke wijze niet gepraat: op maandagmiddag in het VPRO-programma Ohne Worte, de naam zegt het al. Wie bij dit laatste programma wil weten wat hij hoort, moet het programmablad erbij houden, akelig goed opletten en elk gehoord stukje aanstrepen.

Op de Concert Radio wordt wat meer gepraat en voor de artistiek rekkelijksten onder de muziekliefhebbers is er de commerciële zender Classic FM, met een minimum aan gepraat, maar met nieuws en reclame. De korte stukjes lichte klassieke muziek worden geprogrammeerd door de computer - die de muzikale stemming bewaakt en de platen laat rouleren.

Voor de liberale en de avontuurlijke muziekliefhebbers is er Radio 4, die als enige van de vier klassieke zenders niet 24 uur per dag in de lucht is, maar slechts van 6 uur 's morgens tot 1 uur 's nachts. De zender weerspiegelt het Nederlandse omroepbestel in een overgangsfase. De omroepverenigingen moeten officieel samenwerken en streven naar een soort eenheid. Niettemin hebben ze toch ook nog steeds elk hun eigen hoekje en hun hoogst eigen hobby's en interesses. Zo hoorde ik deze week programma's over het Boheemse orgel en over het verschijnsel 'de zanger in de opera', zoals de sopraan Tosca, de troubadour in Il Trovatore en de Italiaanse zanger in Der Rosenkavalier.

Je zou de programmering van Radio 4 zeker niet zo organiseren als je een nieuwe zender zou opzetten, maar de lappendeken heeft zijn eigen charme voor de liefhebbers van curiosa. En er is door de vele concertregistraties, ook van de eigen orkesten van de omroep, topkwaliteit: wie de Nederlandse en buitenlandse concertzalen niet zelf bezoekt, krijgt wat daar klinkt comfortabel thuis. Het enige probleem is die overdaad en dat velen vaak wat anders te doen hebben. Vutters, bejaarden en zieken kunnen in ons land ruimschoots genieten.

De voorstellen voor de vernieuwing van Radio 4 - deels in de strijd tegen Classic FM - moeten de zender 'publieksvriendelijker' maken door 'accenten te leggen die moeten zorgen voor een hogere mate van toegankelijkheid van het aanbod.' Wat geen 'ijzeren repertoire' is, heet al snel avant-garde en 'muziek van deze tijd' hoort men pas na half twaalf 's avonds. De omroepen verliezen hun vaste plaatsen in de zendschema's, die uitgaan van vaste dagelijkse patronen, de 'horizontalisering'. Er komen nachtuitzendingen en programma's voor kinderen en de jeugd, het praten wordt beperkt tot een minimum en het hoorspel op zondagmiddag wordt afgeschaft. Er komen wel veel meer nieuwsuitzendingen, alsof de muziekliefhebber daarvoor afstemt op Radio 4.