V-Raad dreigt Irak met sancties

NEW YORK, 24 OKT. De Veiligheidsraad heeft Irak in een gisteren aangenomen resolutie met nieuwe sancties gedreigd als Bagdad het onderzoek naar de Iraakse massavernietigingswapens blijft tegenwerken.

Vijf van de vijftien leden (Rusland, Frankrijk, China, Egypte en Kenia) onthielden zich echter van stemming over de resolutie. Waarnemers in New York zien deze onthouding als een overwinning voor Irak en een tegenslag voor de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, die wilden dat de Raad eensgezind harde maatregelen tegen Bagdad zou nemen.

In de resolutie spreekt de Raad de “ferme bedoeling” uit om een aantal Iraakse functionarissen een reisverbod buiten Irak op te leggen, als Bagdad het onderzoek naar de massavernietigingswapens blijft tegenwerken. De Raad stelt nu al een lijst samen van Iraakse functionarissen op wie het reisverbod van toepassing zou moeten zijn.

De Iraakse minister van Buitenlandse Zaken, Mohammed Said al-Sahaf, reageerde gisteren opgetogen op de verdeeldheid binnen de Raad. “Deze resolutie weerspiegelt in feite de eerdere beslissing van alleen twee permanente leden om hun eigen zieke motieven en normen aan de Raad op te dringen. Deze normen zijn in strijd met de internationale wet.”

De Amerikaanse ambassadeur bij de Verenigde Naties, Bill Richardson, noemde de resolutie gisteren een “sterk maar gematigd antwoord van de Veiligheidsraad op de voortdurende weigering van de Iraakse regering om samen te werken”.

De Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk wilden aanvankelijk dat het reisverbod onmiddellijk afgekondigd zou worden en na 12 april, als de VN-inspecteurs voor Irak opnieuw rapporteren over hun werk, van kracht zou worden als Irak het onderzoek dan nog steeds tegenwerkt. Onder druk van Frankrijk, Rusland en Egypte stemden de twee landen echter in met een gematigder formulering. Deze concessie was echter niet groot genoeg dat de drie landen hun steun aan de resolutie gaven.

De Britse ambassadeur bij de Verenigde Naties, John Weston, leverde gisteren felle kritiek op de houding van vooral Rusland en Frankrijk, die met Irak onderhandelen over oliecontracten en daarom, aldus critici, tegen nieuwe sancties zijn. “Sommigen van onze collega's denken dat olie belangrijker is dan (politieke) verwantschap. Maar ik denk dat de Raad verantwoordelijkheden heeft.” (AP, Reuter)