Oortekening

VOOR MAMMA had het meisje onder haar tekening geschreven. De twee o's stonden zo grappig van elkaar af en samen weer een eind van de v en de r. Hoge lijntjes verbonden de letters met elkaar en daardoor leek het woord net een bril. Schrijf het zelf maar eens dan zie je de glazen en de poten onder je ogen ontstaan.

We lachten omdat in het oor van voor een bril was verscholen. Een echte tekening, die in de letters schuilging. Goed, met oor zonder v ervoor ontbrak er een poot, maar dat zag je met oude brillen ook wel eens. Zo'n kapotte bril vind je soms in een la met touw, paperclips, losgeweekte postzegels en andere dingen die nooit meer worden gebruikt.

Nooit zat een oor zo dicht bij een paar ogen en ze had het er niet eens om gedaan. We praatten verder en ze zei dat het oor niet zomaar in de bril opging. De poot van een bril zat altijd om een oor. Ik vertelde haar dat je wel kunt zien dat iemand ergens naar kijkt, maar je kunt niet horen of iemand ergens naar luistert. Een schilder had dat lang geleden eens gezegd. Het kon haar niets schelen. Ze liep door de kamer, stopte bij een lage tafel en pakte een zoutje. Het bestond uit twee gelijke delen en voor ik kon zeggen dat het wel een beetje op een bril leek, had ze het al op haar neus gezet.

Meteen daarna hield ze het vlak naast haar rechteroor. En werkelijk, nu ze het zoutje had gekanteld, paste het volmaakt bij de oorschelp. Toen liep ze de kamer uit en liet het zoutje op tafel liggen. Ik raakte met andere mensen in gesprek en vergat het zoutje. Later lag het er niet meer. Ik moet het gedachteloos hebben opgegeten. De bril en het oor verdwenen in m'n mond.

De volgende dag was ik de oortekening niet vergeten. Zou ze die hebben bewaard? Ik kon haar natuurlijk opbellen, maar het was misschien beter om een tekening voor haar te zoeken. Een raar plaatje met ogen en oren, dat sprak vanzelf. Om haar te bedanken voor haar prachtige spel met het zoutje en met dat ene woord.

In een boek vond ik een eeuwenoude houtsnede. Die werd in 1546 gemaakt. Er is een rijmpje in de boom geschreven: 'Het veld heeft ogen, het woud heeft oren. Ik wil zien, zwijgen ende horen'. Als je goed kijkt of gebruik anders een loep, zie je dat het werkelijk zo is. Het wemelt van de ogen op het veld en aan bijna alle takken hangen oren. Dit landschap ziet en hoort alles. Maar oog en oor laten samenvallen, dat kan dit landschap niet.