Een echte Zweed gebruikt geen drugs

Tim Boekhout van Solinge: The Swedish Drug Control System. An in-depth review and analysis.

Jan Mets/Cedro Amsterdam, 212 blz. ƒ 45,-

Het Hash Book is dit jaar bijgesteld naar moderne wetenschappelijke inzichten. Jarenlang kregen alle Zweedse ouders met kinderen van 14 jaar dit boekje gratis opgestuurd. Van staatswege werd daarin meegedeeld dat hasj roken eindigt in psychoses, onvruchtbaarheid, genetische mutaties, verstoring van de hormoonspiegel, flashbacks op ongelegen momenten, zelfmoord en afglijden naar nog veel ergere drugs. Te veel van het goede, erkent nu ook de Zweedse staat. Maar in Mariaungdom, een kliniek voor tieners in Stockholm, blijft men jongens leren dat ze in elk opzicht klein blijven als ze hasj roken. Een echte Zweed gebruikt geen drugs. Auteur Tim Boekhout van Solinge signaleert in The Swedish Drug Control System dat zijn doorgaans redelijke gesprekspartners een rood waas voor ogen krijgen als dit onderwerp op tafel komt.

Na een instructieve studie over het Franse drugsbeleid heeft Tim Boekhout van Solinge nu Zweden doorgelicht, de tweede 'vijand' van Nederlands liberale drugsbeleid. Met Frankrijk zijn wij Nederlanders snel klaar. Retoriek en repressie, meer heeft het Franse drugsbeleid niet om het lijf. Zweden is een hardere noot.

Zowel Nederland als Zweden heeft een consistent drugsbeleid en investeert veel geld in voorlichting en behandeling. Eind jaren zestig besloten deze twee rijke, protestantse, welvaartsstaten de zaken echter tegengesteld aan te pakken. Waar Nederland met muizenstapjes naar decriminalisering en legalisering schuifelt, is in Zweden de oorlog tegen de drugs stap voor stap opgevoerd. Beide landen zien hun beleid als een groot succes en menen een boodschap voor de wereld te hebben. Drugsbeleid is een obsessie geworden, bijna een uitdrukking van het volkseigene: vrijheidszin in Nederland, zorgzaamheid in Zweden.

Wat het debat tussen Nederlanders en Zweden bemoeilijkt, zijn de volstrekt diametrale paradigma's over drugs. Nederland accepteert druggebruik als iets dat nu eenmaal bestaat en waarvan de schade kan en moet worden ingeperkt. Zweden ziet dat als buigen voor zoiets als de builenpest. Van belang zijn daarbij de denkbeelden van Nils Bejerot. In de jaren zestig gold hij ook in Zweden als extremist, nu mag hij gerust de founding father van het Zweedse drugsbeleid heten. Bejerot is aanhanger van de stepping stone-theorie: cannabis richt iets aan in het brein waardoor gebruikers naar steeds sterker spul smacht. Cannabis is daarom niet minder gevaarlijk dan cocaïne en heroïne. Gevaarlijker zelfs, want het is de kiem die tot de drugsziekte leidt.

De door Bejerot gehanteerde analogie tussen drugsgebruik en epidemieënbetekent dat het immoreel is om je - zoals in Nederland - te beperken tot pijnverlichting bij doodzieke patiënten. Men moet het kwaad bij de wortel aanpakken: bij de gewone gebruiker, bij de jeugd. De gebruiker is namelijk de motor van de drugscultuur. Hij moet gevonden, hervormd en genezen worden. Resultaat van dit gedachtegoed is dat de Zweedse politie de aandacht in de jaren zeventig heeft verlegd van drugsdealer naar gebruiker en de overheid schoolkinderen continu met angstcampagnes bestookt.

In 1977 besloot de Riksdag dat Zweden een drugsvrije samenleving zou worden. In andere landen werd hierom gegniffeld, maar de Zweden was het ernst. Straffen werden verhoogd, het aantal mogelijke overtredingen werd uitgebreid en geld werd vrijgemaakt voor therapie. In 1988 werd het gebruik van drugs na lange debatten een misdrijf en in 1993 een misdrijf dat bestraft kon worden met maximaal een half jaar celstraf. Het doel van deze laatste strafverhoging was om urine- en bloedtesten te kunnen afdwingen (jaarlijks circa tienduizend), en zo jonge gebruikers vroegtijdig te signaleren en richting therapie te dirigeren. Iedereen die volgens de politie wat stoned oogt, kan terstond naar het bureau worden afgevoerd. Het zijn ingrepen in de individuele vrijheid waarmee de doorsnee-Zweed best kan leven. In oorlog is veel geoorloofd.

Maar werkt het Zweedse beleid? Het land kan bogen op successen, maar Boekhout van Solinge plaatst daar kanttekeningen bij. Zo is met 17.000 verslaafden het Zweedse drugsprobleem relatief klein. In 1979 waren dat er 12.000, dus komt de drugsvrije samenleving nog niet echt naderbij. Ook verschilt de Zweedse drugsgeschiedenis niet wezenlijk van de rest van Europa: een stijging van het gebruik tot midden jaren zeventig, daarna een lange daling, totdat eind jaren tachtig weer een stijging inzette.

Zweden onderscheidt zich negatief als het gaat om de gezondheid van haar verslaafden. Jaarlijks sterft 3 tot 4 procent, een zeer hoog percentage. De Zweedse visie op druggebruik blijkt min of meer een self-fulfilling prophecy. Door de marginalisering van drugs zijn gebruikers in Zweden precies zoals de maatschappij ze wil zien: arm, ziek, verloederd en crimineel. Voor Zweden is de gezondheid van verslaafden, anders dan in Nederland, geen maatstaf om het succes van de drugspolitiek aan af te meten. Want natuurlijk gaan mensen dood aan drugs. Juist daarom moeten ze niet gebruikt worden.

De auteur vindt het moeilijk precies in woorden te vatten wat de Zweedse morele paniek rondom drugs verklaart. Het heeft iets te maken met de perifere ligging in Europa, de rustieke mentaliteit, de natuuraanbidding, de gezagsgetrouwheid en de lange traditie van alcoholbestrijding. Drugs bedreigen de 'trygghet', een kernbegrip dat 'geborgenheid' betekent maar ook dicht in de buurt van nestwarmte komt.

Boekhout van Solinge verwacht dat Zweden de komende jaren desondanks langzaam richting Europese maat opschuift. Hij ziet een analogie met de opkomst van het 'Europees drinken'. Traditioneel drinken Zweden in het weekeind, en dan om stomdronken te worden - zie de lange rijen in de staatsslijterij op vrijdagmiddag. Tegenwoordig komt het drinken van een paar glazen na het werk in zwang: 'Europees drinken'. De Zweedse druggebruiker vertoont nu nog een ouderwets consumptiepatroon. Niet voor niets is amfetamine (een middel om mee uit te spatten, waarna de gebruiker tijd nodig heeft om weer op adem te komen) de voornaamste probleemdrug in Zweden. Maar heroïne dreigt de amfetamine nu van de troon te stoten, net als in de rest van Europa.

Boekhout van Solinge schiet in zijn studie nogal wat gaten in de Zweedse zelfgenoegzaamheid op drugsgebied. Het levert een informatieve analyse op. Het wachten is op de Zweed die de Nederlandse zelfgenoegzaamheid even kritisch komt doorlichten.