Naakte buizen, glimmende slangen

De motorfiets is af, en dat is te zien op de MotoRAI. Op zoek naar nieuwe verkoopargumenten voor het tanende klantenbestand hebben de fabrikanten zich op design en levensgevoel gestort. Ze maken nu cruisers, streetfighters en andere geprefabriceerde subculturen. De evolutie van de motorfiets.

Allemachtig, BMW heeft een cruiser gemaakt! Tot nu toe maakte de Bayerische Motoren Werke serieuze motorfietsen. Solide gemaakt, technisch toonaangevend en in beschaafde kleuren. Terwijl de andere merken er eerlijk voor uit kwamen dat ze tot de categorie hobby-artikelen behoorden, slaagde BMW er in motorfietsen te maken die eruitzagen alsof ze nog ergens voor dienden.

Wie vandaag op de Motorai de BMW-stand bezoekt, ziet daar een voertuig dat met dit motor-rationalisme genadeloos afrekent. Het is de R 1200 C. Een diep zadel,een hoog stuur en een voorwiel dat ver naar voren ligt. Veel chroom, gepolijst staal en aluminium. Twee spiegelende cilinders die aan weerszijden uit het frame steken. Kabels die door glimmende doucheslangen lopen. Een instrumentenpaneeltje dat eruitziet als het afstudeerproject van een veelbelovende design-student.

Even verder, op de stand van Triumph, is ook iets bijzonders te zien. Het is een motor die blijkbaar te vroeg van de lopende band is gehaald. Het motorblok hangt kaal en onbeschermd in het frame, overal lopen naakte buizen, en op alle mogelijke plekken zijn onderdelen aan het frame bevestigd. Het vreemdst zijn de twee koplampen. Het zijn van die verchroomde items die vroeger populair waren bij sportieve automobilisten. Op de Triumph zijn ze op het laatste moment aan de voorvork geschroefd en kennelijk ontbrak de tijd om ze van een passende omhulling te voorzien. Maar wat eruit ziet als een onvoltooid prototype is in werkelijkheid een staaltje van geraffineerde modellenpolitiek. Deze T509 is een volbloed streetfighter.

De cruiser van BMW en de streetfighter van Triumph zijn tekenen des tijds. Om te beginnen symboliseren ze het herwonnen elan van de Europese motorindustrie. In de jaren vijftig waren Duitsland, Engeland en Italië de toonaangevende motornaties. Toen de Japanse merken de wereld gingen bestoken met hun moderne, comfortabele en betrouwbare tweewielers stortte de Europese motorfietsindustrie als een kaartenhuis in. Hun motoren, waarvan het ontwerp vaak nog teruggreep naar de jaren veertig, waren geen partij voor de technische wondertjes uit het Verre Oosten.

In de jaren negentig keerden de kansen. In Duitsland floreert BMW met gedurfde ontwerpen en moderne techniek. In Engeland herrees onder een nieuwe eigenaar het roemruchte merk Triumph. In Italië staat iedereen met open mond naar de slanke schoonheden van Ducati, Laverda en Aprilia te kijken en slaagt Moto Guzzi er nog steeds in zijn fraaie V-twins up to date te houden. Inmiddels oriënteren de Japanse fabrikanten zich ook al op het Italiaanse design - Honda, Suzuki en Yamaha hebben alledrie een Ducati-imitatie in de catalogus.

De cruiser en de streetfighter onthullen ook iets over de evolutie van de motorfiets. Tot voor kort werd die voortgestuwd door de ontwikkeling van de techniek. De fabrikanten beconcurreerden elkaar met pure motorkracht, wegligging, comfort en betrouwbaarheid. Als gevolg daarvan zijn vrijwel alle motorfietsen nu van hoge kwaliteit - op een enkel curieus product uit de voormalige Sovjet-Unie (de Ural) en India (de Enfield) na. Voeg daarbij dat het gemiddelde aantal kilometers per motorrijder nog steeds zakt - in Nederland vorig jaar tot amper 4000 kilometer per jaar - en het nachtmerrie-scenario van de motorbranche is al bijna werkelijkheid: straks hebben alle liefhebbers een motor, en voorlopig geen reden om een nieuwe te kopen. De verkoopcijfers wijzen ook in die richting: na het absolute topjaar 1993 (bijna 23.000 verkochte motoren) zal 1997 het vierde jaar zijn dat de verkoop daalt - vermoedelijk tot 16.000 stuks.

De strijd moet dus op een ander terrein worden uitgevochten en dat terrein is gevonden. In plaats van techniek en bruikbaarheid zijn design en levensgevoel de verkoopargumenten geworden. In de motorfietswereld woedt nu de veldslag van de concepten. Wie maakt de meest aannemelijke cruiser? Wie de meest agressieve streetfighter? Of wie verzint er iets nieuws, zoals destijds Yamaha, die een crossmotor uitrustte met een koplamp en een kenteken, en de stoot gaf tot de inmiddels uitgewoede off-the-roadrage?

Neem die BMW-cruiser. Cruisers zijn motorfietsen die hun wortels hebben in een Californische subcultuur van ruim dertig jaar geleden. Jonge motorrijders die niet tevreden waren met de saaie Harley Davidsons van hun tijd zaagden de overbodige onderdelen eraf en rustten ze uit met een hoog stuur en een verlengde voorvork. Toen deze motormode via de film Easy Rider (1969) wereldberoemd werd, bracht eerst Harley Davidson zelf, en daarna alle Japanse fabrikanten ze in kant en klare vorm op de markt. Customs werden ze genoemd, ook wel choppers, en de nieuwste generatie heet cruiser.

Cruisers maken er geen geheim van dat ze geen nut hebben. Ze weten dat ze alleen bestemd zijn voor een tochtje langs de boulevard, een rondje om het Rembrandtplein, of, als het niet te hard waait, een ritje over de Lekdijk. Cruisers zijn niet helemaal serieus, en in de vormgeving is dat gebrek aan ernst ingebouwd. Een goed voorbeeld is de nieuwe Honda F6. Een Chevrolet op twee wielen, een motor die met zijn zes cilinders en zijn gewicht van 310 kilo zo volkomen over the top is, dat het bijna weer leuk wordt. Of neem een willekeurige Harley Davidson, of de nieuwste goedkope Harley-imitatie van Yamaha, de Royal Star. Allemaal zware motoren, met voluptueuze spatborden, brede sturen en nadrukkelijk geprofileerde koelribben. Ze zijn in staat in een week dwars door de Verenigde Staten te rijden, en als hun berijders zich in hun lederen jacks ritsen en hun laarzen aangespen zou je zweren dat ze daar ook niet voor terugdeinzen. Maar de realiteit van het post-Easy Rider tijdperk is hard: het weekeinde duurt maar kort.

In deze markt, waar het gaat om vorm, gevoel en 'uitstraling', waar de hoeveelheid chroom en de opstelling van de cilinders erg nauw luistert, en waar het voorbeeld van Harley Davidson uitnodigt tot schaamteloos plagiaat, daar poogt BMW nu te penetreren met zijn Teutonenkreuzer. Het meest komische van de motor is dat je kunt zien dat dit lichtzinnige project met dodelijke ernst is aangepakt. Het is overduidelijk dat drie jaar geleden een paar bekwame Diplomingenieure met een helse opdracht aan het werk is gezet: maak een verantwoorde cruiser. Het resultaat is in technische zin geslaagd: de internationale motorpers heeft de nieuwe BMW onmiddellijk tot de best rijdende cruiser aller tijden uitgeroepen. Maar zal dat genoeg zijn? Voor de rijders zelf is wegligging van secundair belang. Die tellen hun knopen en vragen zich af of je met dat ding wel voor de dag kunt komen.

De streetfighter-scene is niet zo behoudend. Het is een motortype dat in de verte verwant is aan de caféracers die dertig jaar geleden door Engelse teenagers in elkaar werden gesleuteld. Met een frame van Norton, een motorblok van Triumph en een laag stuur van Tickle maakten ze hun eigen droommotor. Nu is dit individualisme eindelijk kant en klaar te koop. En of je nu een Ducati Monster berijdt, een Suzuki Bandit of een Buell S1 Lightning, hoofdzaak is de brute kracht en de agressie. Voorover geleund op het iets verbrede stuur geeft de jonge motorrijder aan 130 paardenkrachten de vrije teugel. Ziezo, een rebel is hij al, en een mooie cause dient zich onderweg wel aan. Soms is het aanbod van al die geprefabriceerde subculturen een tikje vermoeiend.

INFORMATIE

Rai

De MotoRAI wordt t/m 26 okt. gehouden in het RAI-complex in Amsterdam en is dag. geopend van 10-21u, za en zo 10-17u. Toegang ƒ 20. Regelmatig kunnen aan een 'motordokter' technische vragen worden gesteld. Een consult kost ƒ 1. Motoren kunnen gratis parkeren. De beurs wordt besloten met een Bikersparade, die zondag om 9u30 vanaf de RAI vertrekt.

Motorbladen

De beste informatiebron over motorfietsen vormen de motorbladen. Het aanbod is overstelpend. In Europa is het Duitse Motorrad toonaangevend: kritisch, actueel en gedegen. Het Amerikaanse Cycle is interessant en bevat goede columns. In Engeland verschijnen vele motorbladen, maar een duidelijke leider is er niet. Motorcycle News zou het kunnen zijn, maar de koers van het blad is te wisselvallig, Eigenlijk zijn de aardigste bladen de maandbladen die aan klassieke motoren zijn gewijd: Classic Bike, Classic Mechanics en The Classic Motorcycle. Een redelijk motortijdschrift op Internet is Motorcycle Online: http://www. motorcycle.com/motorcycle.html.

Belangrijkste Nederlandse motorbladen:

Motor

Weekblad, en het oudste motorblad van Nederland. Heeft zich na een paar stuurloze jaren weer aardig hersteld. Is actueel en tegenwoordig redelijk goed geschreven, maar vervalt af en toe in hinderlijke toffe-jongenstoon.

Moto 73

Al bijna 25 jaar de tegenstrever van Motor. Heeft het nadeel 1x per 14 dagen te verschijnen. Heeft een goede techniekrubriek, en doet veel aan motorsport. Tikje kleurloos.

Promotor

Maandblad voor de onverzuilde motorrijder. Groot formaat, smaakvol opgemaakt, goede fotografie.

Het Motorrijwiel

Sympathiek en met veel kennis van zaken geschreven maandblad over historische motorfietsen.

Internet

Op Internet is heel veel over motorfietsen te vinden. Het beste is te beginnen bij een verwijs-site als: http://www.moto-directory.com, en dan verder te surfen.