Musical Jekyll & Hyde zonder opsmuk

Voorstelling: Jekyll & Hyde, musical van Frank Wildhorn en Leslie Bricusse, door het Koninklijk Ballet van Vlaanderen. Spelers: Hans Peter Janssens, Hilde Norga, An Lauwereins, Rein Kolpa, e.a. Decor: Niek Kortekaas. Orkest o.l.v. Max Smeets. Vertaling: Seth Gaaikema. Choreografie: Martin Michel. Regie: Frank van Laecke. Gezien: 22/10 in Theater aan de Parade, Den Bosch. Nederlandse tournee t/m 27/12. Inl. (010) 592 31 55.

Als hij van Jekyll verandert in Hyde, krimpt Hans Peter Janssens ineen, stoot een oerkreet uit, valt op zijn knieën, verbergt zijn hoofd in zijn handen en haalt dan stiekem het elastiekje uit zijn paardenstaart - zodat hij, zodra hij weer opstaat, een woeste haardos heeft. Verder geen poespas van schmink of andere hulpmiddelen, en dat is typerend voor de Nederlandstalige productie die het Koninklijk Ballet van Vlaanderen heeft gemaakt van de nieuwe musical-bewerking van Jekyll & Hyde: weinig opsmuk, een bijna achteloos te noemen verteltrant en geen theatertechnisch machtsvertoon.

Jekyll & Hyde, naar de uit 1886 daterende roman van Robert Louis Stevenson, is pas dit voorjaar op Broadway in première gegaan. Het publiek komt sindsdien af op enkele songs die al een plaat-succes zijn geweest en op de bravoure van Robert Cuccioli in de schizofrene hoofdrol. Maar kritiek was er ook, vooral op het scenario dat te wensen overlaat. Musical-routinier Leslie Bricusse heeft het verhaal op zevenmijlslaarzen samengevat en liet daardoor gaten vallen die het lastig maken mee te leven met de twee zielen die in de ene borst van dokter Jekyll blijken te huizen. En de muziek van Frank Wildhorn is weliswaar melodieus - het lieflijke Komen dromen uit? zweeft nog door mijn hoofd - maar lijkt wel heel veel op honderden andere deuntjes.

Met deze eerste versie op het Europese vasteland heeft de musical-afdeling van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen mij in elk geval niet overtuigd van de bijzondere kwaliteiten, die het Jekyll & Hyde toedicht. Het lijkt zelfs wel alsof ook de voorstelling reserves uitstraalt; slechts bij vlagen flakkert er, vooral in een paar fraai geënsceneerde massascènes op straat, iets op van het drama dat hier wordt bedoeld.

Van esprit is weinig sprake, en veel van de zang is zo ongeprononceerd dat de helft van de teksten onverstaanbaar blijft, ondanks de verfijnde klank van het orkest. Ietwat plichtmatig ontrolt zich de intrige, zonder mij de stuipen op het lijf te jagen.

Hoewel op de keuze van de hoofdrolspelers weinig is af te dingen, weten ook zij er geen sprankeling in te brengen. Hans Peter Janssens is een zanger van formaat, maar pas als Hyde zich na de pauze ontpopt als een engel der wrake, komt hij enigszins aan expressief acteren toe. Dat ik zijn zang-soli echter zelfs dan nog onopmerkelijk vind, is misschien zijn schuld niet - dat kan komen omdat de pathetiek van de gekwelde hoofdpersoon al zo vaak, van Les Misérables tot The Phantom of the Opera, is vertoond.

Als zijn verloofde heeft An Lauwereins te weinig ruimte om veel tot leven te brengen, en Hilde Norga vind ik, als het hoertje dat Jekyll en Hyde alletwee betovert, ronduit teleurstellend. Toen ze vorig jaar Anita speelde in West Side Story, straalde ze alom stoute pret uit. Nu vormt ze het middelpunt van een bordeel-scène, die één van de meest lusteloze nummers uit de hele show is geworden.

Terecht heeft het Koninklijk Ballet van Vlaanderen een respectabele reputatie voor de musicals die er werden geproduceerd. Maar wat men in Jekyll & Hyde heeft gezien, is mij ontgaan.