Lachen en huilen bij Asko Ensemble

Concert: Asko Ensemble o.l.v. Magnus Lindberg. Werken van Lindberg, Goebbels en Oehring/Ter Schiphorst. Gehoord 22/10 Kleine Zaal Concertgebouw Amsterdam.

'Plop' riep de actrice en stemkunstenares Salome Kammer gisteravond in de Kleine Zaal van het Amsterdams Concertgebouw en ik vroeg me af wat de luisteraars - het concert werd rechtstreeks door de VPRO op Radio 4 uitgezonden - daarbij hebben gedacht: hoorde dit erbij? Het had gekund, want het componistenpaar Helmut Oehring-Iris ter Schiphorst, gevraagd door componist Magnus Lindberg ter aanvulling van zijn muziek voor de serie tijdgenoten, componeerde in Live de zonderlingste effecten in een soort van horrorcompositie, geïnspireerd door Schönbergs Pierrot lunaire. Het 'plop' was echter een verduidelijking en tevens verontschuldiging van violist Jan-Erik van Regteren Altena, wiens vioolsnaar sprong.

Gelachen werd er vervolgens omdat pianist Niek de Vente pas kon beginnen, nadat hij de muzieksteun voor de vleugel had ontdekt, benodigd voor Julian Andersons The Bearded Lady, een niemandalletje voor hobo en piano. In de compositie Live was dit zetstuk vervangen door een elektronische uitbreiding van de pianoklank. Ik vond Live overigens meer om te huilen, zo mager van kwaliteit, het maakte de indruk van een willekeurige aaneenschakeling van uitgeschreven improvisaties.

Ook Heiner Goebbels' Herakles 2 voor koper en slagwerk valt in een aantal schetsmatige secties uiteen, maar dát werk houdt je wel degelijk bezig. Het begint in een gewone big band-stijl, ontregelt dan Zappa-achtig om in spannende rusten te verzanden met als belangrijkste stijlmiddel de hik-figuur, als een overslaande en meteen stokkende figuratie. Tenslotte klinkt een soort van vastgelopen elektrische deurbel, met de spanning van een rinkelende telefoon in een verlaten flatgebouw.

Opmerkelijk is voorts dat het werk is ontleend aan Zement van Heiner Müller, waarin verhaald wordt van de opdracht voor Herakles om de zevenkoppige waterslang Hydra te bevechten: 'Bomen kronkelend als slangen in de onveranderlijke schemering, een nauwelijks zichtbaar bloedspoor volgend over de gestaag schuivende bodem.' Opmerkelijk is dat het Goebbels niet zozeer gaat om de dramatiek van het antieke gegeven in de Duitse omzetting van Müller, maar om een muzikale vertaling van diens structuur en syntaxis.

De architectuur van de tekst wordt in muzikale klanken omgezet, zonder dat er één gesproken woord klinkt. Goebbels' muziek is sterk, omdat hij verwachtingspatronen inbouwt die knap worden afgebroken, je blijft op je hoede, je weet nooit precies waarmee hij je weer zal overvallen!

Lindberg doet dit minder verrassend, althans in zijn kamermuziek. Hij moet het hebben van grote bezettingen met elektronische effecten, gebaseerd op de boventoonreeks in een effectieve dieptewerking. Ur (1986) plaatst klarinet en piano scherp vooraan en laat drie strijkers een achtergrond vervullen. Maar met zo weinig instrumenten werkt die diepte minder en bovendien redt Lindberg het ook niet met een hoeveelheid bombastische clusters, die elke innerlijke spanning missen.

Gelukkig revancheerde hij zich in Related Rocks uit 1997, waarvan wij het laatste deel beluisterden. De gehele compositie komt volgend seizoen op het podium van de Grote Zaal. Dit codastuk voor twee piano's en twee slagwerkers vloeit uit in een stroom vol waterkolken, muziekhistorisch via Liszt en Debussy naar Berio en in een hamerende toccata-stijl weer terug naar Stravinsky. Dat de partijen het Asko Ensemble laat bereikten, viel uit de gedreven vertolking niet af te horen, en zo eindigde dit concert, ook niet zonder gevaarlijke kolken onderweg, dan toch nog bedwelmend muzikaal en overtuigend. Maar ik ben bang dat de VPRO-luisteraars voortdurend op het verkeerde been zijn gezet.