Feyenoord viert bescheiden nederlaag als overwinning

MANCHESTER, 23 OKT. Met opluchting en zelfs met enige trots verlieten de Feyenoorders gisteren het machtige Old Trafford. Het kleine, maar luidruchtige legioen diepte nog een strijdkreet uit zijn arsenaal aan spreekkoren en dankte zijn helden voor een mooie avond. Op het bescheiden scorebord in de hoek van het stadion pronkten de cijfers van de uitslag als een Rotterdamse triomf. Met slechts 2-1 verloor Feyenoord van Manchester United, een resultaat dat in deze benauwde tijd voor een beetje lucht zorgt.

Hoe vertekenend de kleine nederlaag ook is, Feyenoord zal er moed uitputten voor de wedstrijd van zondag tegen Ajax. Het werd geen aftocht zoals door menigeen werd verwacht. Bij tijd en wijle hadden de Feyenoorders de bal zowaar naar elkaar toe kunnen spelen en leek het alsof Manchester United van hot naar her werd gestuurd. Henk Vos, de vervloekte spits die de laatste maanden alleen maar was opgevallen door domme overtredingen en het missen van de grootste kansen, scoorde vlak voor het einde zelfs en daar had echt niemand in de kring van Feyenoord op gerekend.

In de tijd dat het Europa-Cuptoernooi voor landskampioenen nog werd gespeeld volgens het afvalsysteem en niet volgens de poule-formule, zou de 2-1 nederlaag zelfs perspectieven voor de verliezer hebben gegeven. Ook wanneer Feyenoord in het UEFA-Cuptoernooi had meegedaan zou het resultaat als een triomf hebben geteld. Maar Feyenoord speelt in de Champions League en daarin heeft een nederlaag geen enkele waarde. Verliezen brengt niets op, zelfs geen geld. Rest na de kleine nederlaag op Old Trafford slechts een morele winst.

Wanneer Feyenoord en zijn aanhang kans zien om de wedstrijd op video nog eens te bekijken, zal hen mogelijk de schrik om het hart slaan. Zoveel kansen als de spelers van Manchester United vooral in het tweede deel van de eerste helft misten, zo kansloos als de Feyenoord-verdediging was en zo houterig, verstard en verward als ze zich teweer stelden tegen het tempovoetbal van de Engelsen; die teruggedraaide beelden moeten wel pijn doen. Slechts haast, pech, misschien onkunde en de opvallend sterke reacties van Feyenoord-doelman Dudek stonden vier, vijf doelpunten van Manchester United in de weg.

Trainer Haan had voor een strategische verrassing gezorgd. Picún was de vrije man achter de verdediging, waarin de stoere Van Gobbel probeerde de onberekenbare Giggs te bezweren. De behendige Van Wonderen dekte de slimme Sheringham, de trage Schuiteman stond op de snelle Cole. In het begin leek deze strijdwijze een aardige oplossing voor de defensieve problemen die Feyenoord dit seizoen kent. Maar toen Manchester United na een slappe start de remmen losgooide, bleef van de tactische vondst van Feyenoord niets meer over.

Aan alle kanten raasden de Engelsen langs de statische Feyenoorders. Onder aanvoering van de Engelse straatjongens Butt en Scholes werd het tempo zo hoog opgeschroefd, dat de Feyenoorders zich in een spookhuis waanden. De 50.000 supporters van de Mancunians begeleidden de aanvalsgolf met een orkaan van geluid. Giggs verliet zijn positie op de linkerflank waar hij zich toch de mindere voelde van de fysiek sterke en snelle Van Gobbel. Met een aantal fraaie acties en passes lanceerde hij Cole en Sheringham, maar de bal wilde maar niet langs doelman Dudek.

Nadat Scholes met een fraaie trap Manchester United in de 32ste minuut dan toch aan een voorsprong had geholpen, leek Feyenoord rijp voor een zware nederlaag. Het tempo dat de Engelsen aan de dag legden, heeft Feyenoord nog niet meegemaakt in de Nederlandse competitie. Daarin wordt misschien over het algemeen wat technischer gespeeld, maar vergeleken met de Engelse manier aanmerkelijk trager en voorzichtiger. Het verschil in hardheid en felheid, onderdelen van het spel waarin Feyenoord in Nederland de toon zet, was zo groot dat de Rotterdamse ploeg er bleek van om de neus werd.

Volgens trainer Haan zou een Nederlandse scheidsrechter in deze wedstrijd minimaal tien gele kaarten hebben gegeven. De Duitse scheidsrechter Mummenthaler had echter geen moeite met de manier waarop de Engelsen voetbalden. Hem viel weinig te verwijten. Al had Haan gelijk dat Beckham een paar keer 'vol' op de enkels van Van Bronckhorst en Kornejev (die de daardoor geblesseerd geraakte Van Bronckhorst verving) had geschopt. Het was wel de kritiek van een verliezer. Is Haan niet degene die als voetballer en later als trainer vaak heeft beweerd dat een speler in zijn hardheid zo ver moet gaan als de scheidsrechter toelaat?

Haan sprak na afloop met voldoening over spelers met een sterk karakter. Een beetje gelijk had hij wel. Want zeker vergeleken met de wedstrijden van de laatste twee maanden lieten veel Feyenoorders een ongekende gedrevenheid zien, was er in de tweede helft enigermate sprake van beheerst spel en werd de bal rustig rondgespeeld. Daardoor haalde Feyenoord het tempo uit het spel en wanneer Engelsen niet meer in een hoog tempo kunnen spelen, komen toch gebreken bovendrijven zoals gebrek aan balgevoel en inzicht. Maar als dat alles is wat Feyenoord wilde bereiken, dan was het aan niets besteed.

Feyenoord voetbalde niet om te winnen - en daar gaat het om in de Champions League. Die keren dat de ploeg meende aanvalslust (Graff kreeg zowaar een kans, maar schoot op de voeten van doelman Schmeichel) te moeten ontplooien, vielen er gaten in de verdediging, met een handvol grote kansen voor Cole, Sheringham en Scholes als gevolg. Omdat United de mogelijkheden niet benutte, kon Feyenoord blijven hopen een gelijk spel. Maar halverwege de tweede helft vlogen weer vier Engelsen langs de Feyenoord-verdediging, waarna Graff in de 74ste minuut Sheringham onderuithaalde. Irwin schoot de strafschop onberispelijk in: 2-0.

Met Vos voor de moegestreden Connolly en Boateng voor de geblesseerd geraakte Sanchez deed Feyenoord nog een zwakke poging iets terug te doen. En zowaar mocht Vos in de 86ste minuut doorgaan na een pass uit de verdediging en scoorde hij met een beheerst tikje 2-1. De aanhang had eindelijk reden om een positief lied aan te heffen. Voordien werden slechts scheldkanonnades en negatieve spreekkoren aan het adres van de Engelsen en vooral de zich warm lopende Nederlander Jordi Cruijff (“Jordi is een jood” en zo meer) ten beste gegeven. Het blijft in Rotterdam niet alleen tobben met het voetbal, maar vooral met de supporters.