'Een versplinterde wereld van mythes en illusies'; Engelsman Martin Crimp schreef in maart al 'Diana'-toneelstuk

Na de succesvolle première bij het Londense Royal Court Theatre is het nieuwste stuk van Martin Crimp Haar leven, haar doden nu ook in Nederland te zien. Een voorstelling over mythes, over Lady Diana en hoe een schrijver de verdeeldheid van de wereld vorm geeft. Haar leven, haar doden gaat 24/10 bij Toneelgroep Amsterdam in première. Regie: Falk Richter. Transformatorhuis, Westergasfabiek, Amsterdam. Speelperiode t/m 15/11. Inl.: 020-6279070.

AMSTERDAM, 23 OKT. Een gehavende auto hangt hoog in de nok van het Transformatorhuis van Toneelgroep Amsterdam. Onmiskenbaar is de wagen betrokken geweest bij een aanrijding, misschien vielen er wel doden. In elk geval is het wrak een nadrukkelijke verwijzing naar de plotselinge dood van Lady Diana in Parijs. Aanleiding hiertoe is de première aanstaande vrijdag van het toneelstuk Attempts On Her Life van de Engelse auteur Martin Crimp (1956).

In de Nederlandse vertaling door Janine Brogt heet het stuk Haar leven, haar doden. De Duitse regisseur Falk Richter zegt erover: “De mensen die erin praten zijn de mensen die je nooit ziet, van wie je de naam niet weet: de producers, de journalisten, de filmmakers. Dat is ook interessant aan de zaak Diana: duizenden en nog eens duizenden mensen tekenen de condoléance-registers; ze hebben echt het gevoel dat ze haar kennen, ze creëren een relatie die in werkelijkheid niet bestaat.”

Attempts On Her Life beleefde in maart van dit jaar zijn première bij het Royal Court Theatre in Londen, dus geruime tijd voor Diana's dood op 31 augustus. Martin Crimp, sluik haar, zachte stem, precieze formuleringen, onttrekt zich aan de suggestie dat er enige verwantschap bestaat tussen de Britse prinses en zijn stuk: “Het Engelse woord 'attempt' heeft drie betekenissen; het kan een terroristische aanval zijn, het is een poging en tegelijkertijd kan het zelfmoord betekenen als je ervan maakt 'attempt on one's own life'. Mij interesseerde tijdens het schrijven vooral de ironie van het woord 'attempt'. Wat ik doe, is het beschrijven van pogingen een karakter op het toneel gestalte te geven.

“De hoofdpersoon is Ann; mooi en behorend tot de beau monde, sexy èn geëngageerd, maar voor alles ongrijpbaar. De volmaakte vrouw, die eigenlijk alleen in de illusie bestaat. Het zijn dan ook niet de mythes rond Diana's leven die mij intrigeren, wel de manier waarop mensen zich kunnen verliezen in een illusoir bestaan, waarin de media de hoofdrol spelen. Je zou zelfs zover kunnen gaan dat mijn literaire esthetica niets met het geloof in mythes heeft te maken. Daarvoor is mijn rebellie te groot, vooral tegen een well-made play. Ik wilde een minimaal stuk schrijven. Dat is heel wat anders. Hoe ver kun je bijvoorbeeld gaan in het schrappen van de dialoog in een toneelstuk? Sterker: hoe minimaal kun je gaan?”

In dat minimale is Crimp met Haar leven, haar doden ver gegaan, en in dat opzicht is het een groot waagstuk. Zonder enige regieaanwijzingen, opgedeeld in fragmentarische tekstblokken, ontvouwt er zich een wereld van hedendaagse vervreemding, waarin tal van personages zich in monologen tot elkaar of tot het publiek richten. Over reizen gaat het, over advertenties waarin weer een nieuwe auto wordt aangeprezen, over een moeder die zich zorgen maakt over haar zoon, over gelukkige vakantieherinneringen in verre landen waar palmbomen eeuwig aan zonovergoten stranden staan. Een mozaïek eerder dan een psychologische verhaal.

Crimp toont zich een auteur die de versplintering van de wereld om hem heen scherp gadeslaat: “Dat ik mijn omgeving als verbrokkeld ervaar, gaat terug op een anekdote uit het leven van mijn dochter. Toen zij vijf was kochten we een televisie; zij kon er maar niet aan wennen dat beelden verschenen en, groot raadsel, weer verdwenen. Waar kwamen ze vandaan en waar bleven ze dan? Niet naast de tv of erachter. Dat heeft mij iets gezegd over hoe je de werkelijkheid dus niet als een eenheid kunt ervaren.

“Ander voorbeeld: in een respectabele krant als The Independent lees ik dat Dover in grote onrust is vanwege 300 zigeuners die daar in de loop van de laatste maanden arriveerden. Van de presentatie van zo'n bericht, gebracht met opzichtige headlines, schrik ik. Het vertrouwen in die krant werd ondergraven, en zo is er veel meer dat ons vertrouwen beschaamt. Ik ben meer de schrijver van de anti-utopie dan van de utopie. Mijn stuk had het geluk in Londen uitgevoerd te zijn door een cast van acteurs, afkomstig uit verschillende etnische groepen. Daardoor reflecteerde die voorstelling de verscheidenheid van de huidige samenleving.

“Er is een wereldomspannend kapitalisme dat zorgen wekt. De derde-wereldlanden wordt het westers ideaal van elektronica en peperdure auto's opgedrongen. Het is vreemd dat ook de mensen daar zich identificeren met merkkleding als Calvin Klein. Dan draag je een shirt waar die naam op staat. Wat betekent zoiets? Dit bizarre geloof in de buitenkant der dingen wil ik aantasten. De wereld is superklein geworden, net een micro-technisch iets. Vroeger waren computers zo groot als een huiskamer, nu zijn ze teruggebracht tot handzame apparaten. Ik denk dat theater de kunst is van een tijdloze ontroering: stemmen die in een ruimte klinken, waar de toeschouwers aanwezig zijn. Acteurs en publiek leven in dezelfde tijd. Daar kan eigenlijk geen boek of film tegenop.”

Ineens verzucht Crimp, enigszins beduusd van de verklaringen die hij van zijn toneelwerk geeft: “Ik wil dat het stuk voor zichzelf spreekt, een schrijver kan zijn werk nooit uitleggen. Hij moet schrijven, en vervolgens verdwijnen in de kieren van het toneelstuk.”