Turkse troubadours op de baglama

Concert: De Turkse troubadours Arif Sag en Musa Eroglu (baglama/saz). Gehoord: 20/10 Stadsschouwburg, Amsterdam. Verder: 22/10 Korzo, Den Haag, 23/10 Vredenburg, Utrecht, 24/10 Doelen, Rotterdam, 25/10 Oosterpoort, Groningen.

Een uitverkochte zaal, professionele cameraploegen in de loges plus zoemende video-camera's en flitsende foto-toestellen vanuit het publiek, er was duidelijk iets bijzonders gaande in de Amsterdamse Stadsschouwburg. Arif Sag en Musa Eroglu, hun namen zullen de meeste Hollanders waarschijnlijk niets zeggen maar Turkse Nederlanders blijkbaar des te meer, want zij waren zeer aanwezig.

De grijsbebaarde, uit de zuidelijke kustplaats Mersin afkomstige Musa Eroglu laat zijn ballades vooraf gaan door lange cadensen op de vijfsnarige baglama en vult de gaten tussen zijn frasen met rijkversierde riedels.

Hij zet al zijn teksten luid en duidelijk in maar gaat vervolgens over op een meer intieme voordracht, soms op het mompelende af. Wanneer zijn ingehouden beat soms toch wat mensen verleidt om (nogal a-ritmisch) mee te klappen, maakt hij zijn versieringen extra ingewikkeld, zodat deze lust hen snel vergaat.

Eroglu doet niets om de popi jopie uit te hangen maar schijnt toch de Turkse top-tien te hebben bereikt, o.a. met Halil Ibrahim, een ode aan elke onbekende held die zich zonder pretenties en geheel belangeloos inzet voor mensen die in nood verkeren. Het lied verwijst naar een eenvoudige landman uit de bergen bij de Zwarte Zee die na een machtsgreep door de Turkse junta gevluchte jongeren aan voedsel en een slaapplaats hielp en vervolgens - zo argeloos en a-politiek als hij was - door de militairen werd doodgeschoten.

In het gedeelte na de pauze, grotendeels gevuld door collega Arif Sag, worden andere helden bezongen, zoals de legendarische Pir Sultan Abdal, een 16de-eeuwse troubadour die bekend stond om zijn kritische teksten. Natuurlijk werd ook hij vermoord, zij het nu eens door de strop.

De stijl van de linkshandig spelende Sag is extraverter dan die van Eroglu. Zijn stem is luider, zijn snarenspel ritmischer, zodat er makkelijker kan worden meegeklapt.

Ook speelt hij knappe instrumentale intermezzi, vooral op de steel van de baglama. Zijn zwakte is dat hij niet van ophouden weet, zodat het duo-optreden waar iedereen naar uitziet, pas tegen elven kan beginnen.

Het publiek heeft dan blijkbaar al genoeg gehoord, want na drie gezamenlijke stukken roept er niemand om een toegift.

Toch schijnen gezamenlijke optredens van deze twee troubadours, allebei net boven de vijftig, dermate zeldzaam te zijn dat alle concerten zijn uitverkocht, behalve die van 23/10 in de Grote Zaal van Vredenburg.

Daarnaast is er de cd Baglama Resitali-1 waarop Arif Sag en Musa Eroglu samen te horen zijn, razendknap en heel enthousiast, maar geheel zonder taal of tekst. Heel geschikt dus voor Hollanders die nooit verder gekomen zijn dan kebab en köfte. De Turks-Nederlandse muziekdetaillist zal hen er met liefde aan helpen, ook aan een gloednieuwe baglama. Met misschien wel enkele gratis lessen als men, zoals het hoort, de gedrukte g weet in te slikken en dus een 'balama' bestelt.