Er is veel contact tussen Grieks- en Turks-Cyprioten

Een Grieks- en een Turks-Cyprioot, beiden in de Verenigde Staten woonachtig, redigeren op Internet een gemeenschappelijke publicatie onder de naam Crossings. Adres op Internet: http://www.stwing.upenn.edu/ NÑ durduran/dergi/issue1.shtml/

De Grieks-Turkse spanningen over Cyprus lopen op, en de onderhandelingen over een oplossing voor het sinds 1974 verdeelde eiland zitten vast. Maar intussen zijn er talrijke inter-Cyprische contacten.

ATHENE, 22 OKT. Richard Holbrooke, door president Clinton aangesteld als bemiddelaar voor Cyprus, heeft een eigen plan bedacht. Hij wil later deze maand in New York aan één tafel vertegenwoordigers ontvangen van het Griekse, het Turkse, het Grieks-Cyprische en het Turks-Cyprische bedrijfsleven.

Een oplossing van de Cyprus-kwestie 'van binnenuit', dat is wat hem voor ogen zweeft, al heeft hij het nog niet met zoveel woorden gezegd. Ongetwijfeld heeft hij het probleem de laatste weken goed bestudeerd en weet hij dat er meer pogingen in deze richting zijn ondernomen. De burgemeesters van Grieks- en Turks Nicosia zijn jarenlang geregeld bijeengekomen om te praten over de infrastructurele problemen van hun stad, van riolering tot zwerfhonden. Wederzijdse vakbondsleiders ontmoeten elkaar al vele jaren.

In 1997 is de omvang van dit soort contacten zo sterk toegenomen dat het verbazing wekt hoe weinig aandacht er nog voor bestaat. De leiders van alle partijen, de Grieks- en de Turks-Cyprische, hebben elkaar al enige malen bij lunches ontmoet. Journalisten wisselen geregeld gedachten uit, evenals de ondernemers die Holbrooke hoop geven. Architecten en kunstenaars zijn al enkele malen bij elkaar gekomen en de wederzijdse juristenorganisaties, machtige pressiegroepen, bereiden een ontmoeting voor.

Opvallend ontbreekt op dit lijstje de sport. Enige maanden geleden was er door de VN een voetbalwedstrijd geprojecteerd, die echter op bureaucratische obstakels van beide kanten stuitte. Vanzelfsprekend bestaat er van bovenaf - wederzijds - veel tegenkanting, en dan gaan in de eerste plaats de gedachten uit naar de Turks-Cyprische 'president' Denktas, wiens levenswerk toch eigenlijk het apart houden van de beide gemeenschappen is (en daarmee de redding, in zijn ogen, van de kleinste, de Turkse). Het is naar verluidt onlangs tot een felle botsing op zijn paleis gekomen toen een groep Turks-Cyprische vrouwen erop aandrong een uitnodiging van het Zuiden aan te nemen voor de oprichting van een Cyprische Vrouwenbond.

Hij heeft zijn veto daarover uitgesproken, maar het wordt steeds moeilijker voor Denktas, al zulke contacten uit de weg te gaan. Zo komt het de laatste tijd zelfs tot 'excursies', waarbij Grieks-Cyprische vluchtelingen hun geboortestreek, soms ook -huis, kunnen bezoeken. Maar ook aan Griekse zijde bestaan bezwaren tegen zulke excursies: moeten we accepteren dat we onze geboorteplaatsen nog slechts als toeristen kunnen bezichtigen?

Ook heeft Denktas moeite de druk te weerstaan die door de VN-vredesmacht, de Amerikaanse ambassade en organisaties als de Fullbright-stichting wordt uitgeoefend. Onder hun auspiciën functioneren er momenteel twaalf gemengde groepen, naar beroepen onderverdeeld, en tientallen ondergroepen, die tezamen tweeduizend personen omvatten. Centraal staat de zogenaamde Citizens Group van twintig Grieks- en twintig Turks-Cyprioten. Vaste plaats van ontmoeting is het voormalige Ledra-hotel, nu hoofdkwartier van de Verenigde Naties, precies op de Groene Lijn. Van daaruit werd eerder dit jaar het gemengde popconcert georganiseerd, dat weer stuitte op voornamelijk Grieks verzet.

Er komen naar Cyprus ook min of meer schilderachtige deputaties van groeperingen die hun geschillen al aan het oplossen zijn, zoals joden en Palestijnen, katholieke en protestantse Ieren, en Duitsers uit het westen en het oosten van hun land. Eerstgenoemde werd aangemoedigd en gefinancierd door de Verenigde Staten, de twee andere door de Europese Unie.

De communistische partij, de tweede op Grieks-Cyprus, is vanouds voorstander van een maximum aan uitwisselingen. Van deze partij heeft ook de jeugdbeweging geregeld contacten met de jeugd van de meest linkse Turks-Cyprische partij, de Republikeins-Turkse. Voor de andere partijen is de kwestie van de jeugduitwisseling nog een heet hangijzer. Daarbij zou kunnen blijken of het waar is dat de jeugd van Cyprus elkaar wederzijds heeft leren haten, of dat er zoiets als nieuwsgierigheid is gerezen: wie zijn toch die Cyprioten aan de andere kant van de Groene Lijn? (Waarover een Grieks- en Turks-Cyprioot ook een recente speelfilm, De Muur, hebben gemaakt)

Een heel aparte vorm van uitwisseling doet zich de laatste maanden voor op Internet, waar een Grieks- en een Turks-Cyprioot, beiden in de Verenigde Staten woonachtig, een gemeenschappelijke publicatie redigeren onder de naam Crossings.