ADB somberder dan IMF; Groeiprognose Zuidoost-Azië verder omlaag

SINGAPORE, 22 OKT. De financiële crisis in Zuidoost-Azië veroorzaakt dit jaar en volgend jaar een scherp lagere economische groei in de regio, zo verwacht de Aziatische Ontwikkelingsbank (ADB).

De bank heeft de groeiverwachting voor heel Zuidoost-Azië voor 1997 bijgesteld tot minimaal 4,9 en maximaal 5,7 procent. Vorig jaar bedroeg de groei in Zuidoost-Azië volgens de ADB nog 7,4 procent.

De ADB is pessimistischer dan het Internationaal Monetaire Fonds vorige maand in zijn World Economic Outlook. Zo ging het IMF vorige maand voor belangrijke Zuidoost-Aziatische landen zoals Indonesië en Maleisië nog uit van een groei voor dit jaar van respectievelijk 7,0 en 7,5 procent.

Volgens de ADB-econoom Das lijdt Thailand het sterkst onder de Aziatische valutacrisis. In de jongste bespiegelingen van de bank zal de groei in Thailand dit jaar niet meer bedragen dan 1,6 tot 1,9 procent. In 1996 bedroeg de economische groei nog 6,7 procent. De groeiverwachting van de ADB voor Thailand ligt nog lager dan de voorspelling van het IMF, dat vorige maand uitging van 2,5 procent voor 1997.

ADB-econoom Dilip Das maakte de aangepaste groeicijfers gisteren bekend tijdens een symposium in de Filippijnse hoofdstad Manila over de economische vooruitzichten voor Azië. Volgens Das zal de valutacrisis zeker tot en met volgend jaar de economische groei in Zuidoost-Azië ongunstig blijven beïnvloeden.

De ADB verwacht dat de economische groei voor 1998 voor alle Zuidoost-Aziatische landen zal uitkomen tussen 4 tot 5,5 procent. Pas in 1999 zal de regio, die tot voor kort vermaard was om zijn tijger-economieën, weer een stijgende lijn kunnen laten zien. De bank verwacht dat de groei in dat jaar zal uitkomen tussen 5,2 procent en 6,3 procent.

De nieuwe economische bespiegelingen en groeiverwachtingen van de ADB verschillen sterk van dit voorjaar gepresenteerde cijfers, toen de valutacrisis nog niet begonnen was. De bank voorspelde toen 7,3 procent economische groei in Zuidoost-Azië in 1997 en 7,5 procent in 1998.

De valuta-onrust in Zuidoost-Azië, die deze zomer begon na de devaluatie van de Thaise baht en vervolgens oversloeg naar andere landen in de regio, is de afgelopen dagen weer opgelaaid. De crisis lijkt nu het hele Aziatische continent te besmetten.

De effectenbeurs in Hongkong kreeg vandaag voor de derde opeenvolgende dag grote koersdalingen te verwerken. De Hang Seng-index bereikte vanmorgen een dieptepunt voordat de markt zich in de loop van de dag iets herstelde. De beurzen en valutamarkten in Maleisië, de Filippijnen en Singapore leden allemaal onder de hernieuwde politieke en economische onrust in Thailand, waar de baht vandaag weer een nieuw laagterecord bereikte.