Geen justitieel onderzoek inzake lek naar Bouterse

DEN HAAG, 21 OKT. Het openbaar ministerie in Den Haag zal geen onderzoek instellen naar de oorzaak van het lekken van vertrouwelijke informatie naar de van drugshandel verdachte Surinaamse ex-legerleider D. Bouterse. Volgens persofficier van justitie L. Horsting zijn er “geen substantiële aanwijzingen dat er een functionaris is die informatie naar deze verdachte lekt”.

Op het Haagse OM is gisteren spoedberaad geweest naar aanleiding van berichtgeving in deze krant afgelopen zaterdag. Daarin stond dat het Bouterse-kamp naar verluidt contacten onderhoudt met een hooggeplaatste functionaris op het Haagse paleis van justitie die ze de afgelopen drie jaar regelmatig inlichtingen over het onderzoek naar het Suri-kartel heeft toegespeeld. Volgens Horsting “is het maar de vraag of er voldoende aanwijzingen zijn van een strafbaar feit”.

De Tweede Kamerleden O. Vos (VVD), G.J. Van Oven (PvdA) en M. Verhagen (CDA) zijn wel verontrust over de berichten van afgelopen zaterdag. Verhagen wil minister Sorgdrager vanmiddag in de Tweede Kamer over deze kwestie mondelinge vragen stellen.

In NRC Handelsblad van zaterdag stond dat Bouterse wist dat de Haagse advocaat G. Spong de afgelopen maanden regelmatig de Haagse officier van justitie E. Harderwijk te hulp is geschoten met informatie die hem kan helpen bij de vervolging van Bouterse. Van die contacten tussen Spong en het OM waren op het paleis van justitie maar een man of zes op de hoogte en toch werd Bouterse hierover geïnformeerd.

De verdediging van Bouterse beschikt bovendien over twee op schrift gestelde verklaringen van 'Copa-rechercheurs', agenten van het speciale politieteam, en geheime verbalen van de commissie Van Traa. Drie jaar geleden kwamen de verdachten bovendien in het bezit van een huiszoekingsbevel van rechter-commissaris G. Haverkate aan autoriteiten in Zwitserland nog voordat de huiszoekingen naar bankrekeningen moesten gebeuren. Haagse justitiële bronnen zeggen te hopen dat dergelijke inlichtingen alleen door naïef handelen van gezagsdragers bij de verdachten terecht zijn gekomen.

Vos wil van Sorgdrager (Justitie) weten of de “controle op geheimhouding van onderzoeksgegevens toereikend is”. Verhagen wil weten of justitie “een tactiek en strategie heeft ontwikkeld voor afronding van de zaak-Bouterse”. Het CDA wil dat justitie de rijksrecherche inschakelt voor een onderzoek naar een 'mol' op het paleis van justitie.