Europarlement

In NRC Handelsblad van 17 oktober bericht Ben van der Velden over de 'ongelooflijke dingen' die in het Europarlement gebeuren. Hij meldt onder meer dat “een pensioenfonds, opgezet om op dat terrein slecht voorziene Italiaanse parlementariërs van dienst te zijn, door alle parlementariërs als een lucratieve voorziening werd ontdekt.” Dit is niet juist.

Er bestaan voor de leden van het EP drie pensioenvoorzieningen, één als een nabestaandenpensioen in geval een zittend lid tijdens zijn mandaat overlijdt, één ten behoeve van leden die in hun eigen land geen voorziening zouden hebben (Italianen en Fransen) en, sinds 1991 één vrijwillig pensioenfonds waarvan alle leden gebruik kunnen maken.

Het is dit laatste pensioenfonds dat Nel van Dijk (GroenLinks), in de uitzending van Netwerk, zo heftig bekritiseerde. Het is een overbodige voorziening bovenop het pensioen, dat de leden in hun eigen land opbouwen. In Nederland gebeurt dat op dezelfde wijze als voor de leden van de Tweede Kamer. Het fonds werd overigens niet opgezet om de Italiaanse leden te helpen, die waren al voorzien. Onlangs werd bekend dat zij thuis wel al een eigen Italiaanse pensioenvoorziening hebben. Net als de Fransen. Inderdaad er gebeuren ongelooflijke dingen.

Van het vrijwillige pensioenfonds zijn volgens de laatste gegevens 428 van de 626 Europarlementariërs lid, 68 procent dus. Hun 'eigen' bijdrage van 736 ecu per maand wordt volgens mijn informatie nog steeds door de administratie van het EP ingehouden op de vergoeding voor de algemene kosten, die de leden maandelijks ontvangen (± F.6.000). Daarbovenop stort het Europees Parlement maandelijks per lid van het fonds 1.472 ecu ten laste van de begroting van het Europees Parlement. Per maand een inleg van 2.208 ecu. Een inleg, die na een termijn van vijf jaar, de deelnemers in het fonds vanaf hun 60-ste jaar al een maandelijkse uitkering van 1.092 ecu biedt.

Evenmin juist is de mededeling dat Europarlementariërs “het hun eer te na vinden [...] nu vliegtickets of zelfs hotelrekeningen te moeten overleggen”. Dat hoeven ze niet. Er hoeft slechts een boarding pass overlegd te worden. Daaruit kan niemand de werkelijk gemaakte kosten opmaken. Hotelrekeningen hoeven helemaal niet ingeleverd te worden.

De voorzitter van het Europees Parlement zegt “het op prijs te stellen als de media misstanden aantonen”, maar dat heeft hem er tot nu toe niet toe gebracht zelf kordaat op te treden. Hij verschuilt zich achter de Luxemburgse ASBL (Association Sans But Lucratif) (!) waarin de 428 zich hebben georganiseerd.

Vorige week heeft Van Dijk opnieuw vragen gesteld. De voorzitter moet binnen één maand antwoorden.