Contemporanisten (1)

Met erg veel omhaal van woorden bekritiseert Bastiaan Bommeljé de beslissing van minister Ritzen van Onderwijs het budget van het RIOD te verhogen (14 oktober).

En passant geeft hij zo ongeveer iedereen die in Nederland 'de historische discipline' vertegenwoordigt er van langs, maar in het bijzonder de contemporanisten onder hen: “Blijkbaar te apathisch of te licht om de zonderlinge één-twee tussen Ritzen en Blom (de directeur van het RIOD) tegen te kunnen houden”.

Bommeljé's uitgangspunt is kennelijk dat de Nederlandse contemporanisten, inclusief het RIOD, met elkaar verwikkeld zijn in een zero-sum game, waarin winst voor de één automatisch verlies is voor de ander. Dit is echter in strijd met de werkelijkheid. Terecht heeft de commissie-Kossmann in haar advies dan ook gekozen voor leven en laten leven. Onder zijn nieuwe leiding zal het RIOD zich op basis van een op nieuwe maat gesneden taakstelling kunnen ontwikkelen tot de programmatische coördinator van een aantal onderzoeksprojecten op het terrein van de contemporanistiek. Wie zou daar niet wel bij varen? Noch de universiteiten, noch onderzoeksinstituten als het IISG hoeven bezorgd te zijn dat het RIOD onder hun duiven gaat schieten. Denkt Bommeljé werkelijk dat het bescheiden bedrag dat het RIOD erbij krijgt genoeg zou zijn voor én de eigen verruimde taakstelling én een onderzoekschool in de beladen betekenis van dat woord?

De toonzetting van Bommeljé's stuk verraadt een merkwaardige rancune. Even merkwaardig en bovendien apert onjuist is zijn bewering dat de Commissie Toekomst RIOD (de commissie-Kossmann) zich door Blom zou hebben laten 'souffleren'. Bommeljé zal toch niet bedoelen dat de commissie zich op geen enkel moment met de directeur van het RIOD had mogen verstaan? Dat zou een mooi rapport hebben opgeleverd: alle partijen gehoord, behalve het RIOD zelf. Bommeljé, die links en rechts historici afschildert als schandelijk onproductief, zou zich eens moeten afvragen of je van writer's block behalve te veel niet ook te weinig kunt hebben.