ABB schrapt 10.000 banen

ZÜRICH, 21 OKT. Het Zweeds-Zwitserse elektro- en machinebouwconcern ABB (Asea Brown Boveri) gaat 10.000 van de ongeveer 215.000 arbeidsplaatsen schrappen in landen waar de kosten relatief hoog zijn. De klappen vallen vooral in Duitsland, Italië, Spanje, Zweden, Zwitserland en de VS. Nederland blijft buiten schot.

Topman Göran Lindahl maakte de ingreep vanmorgen bekend bij de presentatie van teleurstellende resultaten over de eerste negen maanden van dit jaar. De nettowinst daalde met 4,3 procent tot 774 miljoen dollar en de omzet verminderde met 4,5 procent tot 22,46 miljard dollar.

Volgens directeur J.A. de Raad van ABB Nederland blijft de werkgelegenheid in Nederland op peil, omdat het moederconcern vooral gaat snijden in productiebedrijven. ABB wil zich sterker richten op groeiregio's waar de kosten lager zijn, in het bijzonder Azië. ABB treft in het vierde kwartaal een voorziening van 850 miljoen dollar voor reorganisatiekosten.

De winstdaling over de eerste negen maanden had voor een deel te maken met problemen bij Adtranz, een gezamenlijke onderneming met het Duitse Daimler-Benz voor spoorwegmaterieel. Ook de financiële crisis in Azië had negatieve gevolgen. Zo kost het opschorten van de bouw van de Bakun-stuwdam in Maleisië 100 miljoen dollar. Dat bedrag boekt ABB overigens in het vierde kwartaal. Uitgedrukt in lokale valuta's zien de resultaten van het concern er wat beter uit. Dan was over de eerste negen maanden van dit jaar sprake van een stijging van de nettowinst met 4 procent. De orderontvangst liet een flinke groei zien met 13 procent tot 28,1 miljard dollar. ABB verwacht over geheel 1997 een wat lagere winst in dollars dan vorig jaar, exclusief de voorziening van 850 miljoen dollar. (ANP)