GÉ REINDERS

Gé Reinders: Man van 'n kleine sjtad. Fennek FNCD-1 (distr. Munich Records)

Ook op zijn nieuwe cd zingt de Limburgse liedjesman Gé Reinders in een taal die voor luisteraars buiten zijn regio lang niet volledig te verstaan is, en toch weet hij bijna woordelijk over te dragen waar het over gaat. Over zijn opa bijvoorbeeld, die nu dood is en dus nooit meer naar de sigarenfabriek, de vespers of de hoogmis hoeft. Over de processie in het dorp, waar iedereen vroeger aan meedeed. Over de ijzige sfeer in huis, toen hij als puber niet meer gehoorzaamde aan het ouderlijk gezag. En over zijn eerste liefde, met een teder refreintje dat ook in het Nederlands doel zou treffen: “'t Had gekund, 't had gekund...”

Onder de autobiografische titel Man van 'n kleine sjtad zingt Gé Reinders afwisselend weemoedig wiegende wijsjes en aanstekelijke feestmuziek, met veel zuidelijke couleur locale, fijnzinnige begeleiders en een paar opvallende gasten. Zo zingt de acteur Huub Stapel mee in een zot inhaaknummer dat geheel bestaat uit dooddoeners uit de Limburgse volksmond, terwijl Henny Vrienten daarbij een hem typerend baslijntje speelt. Elders spreekt Toon Hermans een paar troostende woorden in een verdrietige jeugdherinnering. Reinders is de producer van Hermans' vorige cd en van diens volgende plaat.

“Heer, ik ben niet waardig dat Gij tot mij komt,” moest Reinders vroeger zeggen. “En nu lukt 't me toch nog, verdomd,” voegt hij er in het slotliedje aan toe.