Verf, opgestapeld als bladen lasagne

Tentoonstelling: Radicaal-Beeld. Stedelijk Museum Schiedam, Hoogstraat 112. Di t/m za 11-17u, zo 12.30-17u. T/m 16 november.

De schilderkunst is in jaren niet zo impopulair geweest als nu. Jonge kunstenaars grijpen massaal naar uitdrukkingsvormen als fotografie, video, film of computers. En als er al geschilderd wordt, is dat voornamelijk figuratief. Het Stedelijk Museum Schiedam toont onder de titel Radicaal-Beeld het werk van negen schilders in een tentoonstelling waarmee indirect stelling wordt genomen tegen de nieuwe media in de hedendaagse kunst en de consumerende manier van kijken die daarmee gepaard gaat.

Uitgangspunt is de 'radicale' of 'fundamentele' schilderkunst waarbij rigoureus wordt afgezien van elke vorm van afbeelding. De zintuiglijke ervaring van het materiaal - doek en verf - staat voorop. De bezoeker mag niet rustig achteroverleunen en zich laten vermaken door een verhalende voorstelling, zoals bij een video-installatie of een figuratief schilderij, maar wordt gedwongen op een actieve manier te kijken.

Hoewel Radicaal-Beeld wordt gepresenteerd als een tentoonstelling over schilderkunst, zijn er weinig schilderijen te zien. Alle negen deelnemende kunstenaars zijn uitgegaan van het schilderij als ruimtelijke vorm, waarbij ofwel de drager ofwel de verf een zelfstandig leven is gaan leiden. Zo wordt in de serie Farbvliesen van de Duitser Thomas Emde (1959) de drager geheel achterwege gelaten en krijgt de verf een zelfdragende functie. De vliezen zijn opgebouwd uit talloze dunne lagen verf die over elkaar heen zijn gerold. Zonder doek of paneel als ondergrond zien de vliezen er uiterst kwetsbaar uit, toch zijn ze zelfstandig, als een soort gordijnen aan de muur gehangen.

Ook de Zwitser Stefan Gritsch (1951) heeft de kleur volledig van het doek gescheiden. Hij gaat alleen nog een stap verder door de verf in mallen te gieten en vervolgens als sculptuur te presenteren. Resten acrylverf die opgedroogd een rubberachtig uiterlijk hebben, worden over elkaar gerold tot kleurrijke toverballen of opgestapeld als lasagnebladen. Ook al neemt Gritsch verf als basis, schilderijen kun je zijn werken met de beste wil van de wereld niet meer noemen.

Hetzelfde geldt voor de kleine verfsculpturen van de Nederlandse kunstenaar Twan Janssen (1968). Druppels gestolde verf balanceren aan staaldraden en opgedroogde resten verf hangen als decoratieve slingers in de ruimte. Niets herinnert meer aan de traditionele functie van verf, of het zou de installatie Five small creative dips moeten zijn die Janssen midden in een van de zalen heeft gemaakt. Aan lange staaldraden hangen hier vijf kwasten aan het plafond, verbonden aan kleine motortjes. De kwasten bewegen ritmisch op en neer in vijf verfpotten op de vloer. Heel langzaam droogt de verf en ontstaan er organische sculpturen zoals in druipgrotten. Janssen is waarschijnlijk de meest radicale kunstenaar op de tentoonstelling: hij maakt een karikatuur van de schilderkunst door de verf een 'act' te laten opvoeren.

Toch zijn er ook kunstenaars die dichter bij het concept van een schilderij blijven. De Zwitser Patrick Rohner (1959) bijvoorbeeld, brengt dikke lagen verf met een paletmes aan op doek of hardboard. Af en toe is de verf opengebarsten en worden andere tinten doorgelaten. De werken doen denken aan geologische processen, aan roest, mos, boomschors of aan bergruggen vanuit de lucht gezien. De verf, die als een korst op het doek ligt, speelt nog steeds de hoofdrol maar kan niet zonder drager gepresenteerd worden.

In het werk van de eveneens Zwitserse Mitja Tuk (1961) wordt de nadruk juist gelegd op de drager, die bestaat uit doek dat over een paneel is gespannen en beschilderd is met transparante lagen was. De was is gemengd met pigment waardoor kleurnuances ontstaan, maar door de transparantie van het materiaal lijken de kleuren uit de diepte van het schilderij te komen. De contouren vervagen als in een schilderij van Rothko.

Wanneer je langs de doeken loopt, lijken ze van kleur te verschieten door de veranderende invalshoek van het licht, of door het weerkaatsen van de omgeving in het glimmende oppervlak. Hoewel abstract, zijn de schilderijen allesbehalve star of statisch.

Radicaal-Beeld laat zien dat er in de kunstwereld ten onrechte weinig aandacht wordt besteed aan hedendaagse abstracte schilderkunst. De kwaliteit van de getoonde werken is hoog en verschillende spannende oplossingen voor nieuwe vormen van schilderkunst worden aangedragen. De vraag is alleen in hoeverre nog sprake is van schilderkunst als verf en doek definitief van elkaar gescheiden zijn.