Export rijst en suiker Aruba toch beperkt

DEN HAAG, 18 OKT. De Europese Commissie zal de export uit Aruba van rijst en suiker naar de Europese Unie alsnog aan banden leggen. Het rechterlijk verbod, gisteren, aan het adres van de Nederlandse regering om niet mee te werken aan zo'n exportbeperking door de Europese ministerraad, zal daar weinig aan veranderen.

Dat zei staatssecretaris Patijn (Europese Zaken) gisteravond. Patijn reageerde op het vonnis van de Haagse rechter, mr. Punt. Die bepaalde gisterochtend in kort geding dat de Nederlandse regering op straffe van een dwangsom van 500 miljoen gulden niet mag meewerken aan het Europese besluit dat de invoer van rijst en suiker uit de Antillen aan banden legt.

Al geruime tijd bestaat er een conflict tussen Aruba en de Europese Unie. Arubaanse suiker- en rijstbedrijven kunnen als onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden hun producten zonder heffingen afzetten in lidstaten van de Europese Unie. Europese landen die rijst produceren zoals Spanje en Italië hebben aangedrongen op maatregelen daartegen, onder meer omdat de rijst en suiker niet uit Aruba afkomstig zouden zijn, maar uit Suriname. Nederland stond steeds alleen met zijn verzet tegen Europese maatregelen. Het ging op 6 oktober akkoord met een voorstel van Luxemburg, voorzitter van de Europese Unie, om de export uit Aruba te beperken.

Eén van de Arubaanse bedrijven die zich hierdoor gedupeerd voelden, voerde met succes een kort geding tegen deze maatregel. Gisteren won ze ook het tweede kort geding dat erop gericht was Nederland te dwingen zich daadwerkelijk tegen het Europese besluit te verzetten. Volgens het bedrijf, Emesa Sugar, had de Nederlandse regering dat onvoldoende gedaan.

Patijn wees er gisteren echter op dat door het rechterlijk vonnis, waartegen de staat overigens hoger beroep zal aantekenen, de hele Europese besluitvorming hierover stil komt te liggen, omdat er unanimiteit is vereist.

Voor het geval de politieke besluitvorming stilvalt, hebben enkele landen waaronder België al aangekondigd de Europese Commissie te vragen gebruik te maken van een speciale bevoegdheid om toch exportquota voor Arubaanse produkten in te stellen. Voor rijst is dat overigens al gebeurd.

De Commissie kan dat slechts doen als de aanvrager kan aantonen dat de Arubaanse export de Europese handelsverhoudingen inderdaad substantieel nadelig beïnvloedt. Patijn zei gisteren er ernstig rekening mee te houden dat de Commissie inderdaad tot zo'n zogeheten 'vrijwaringsmaatregel' voor suiker zal overgaan.

J. Martens, directeur van Esema Sugar, reageert woedend op Patijn. Telefonisch liet hij gisteravond uit Aruba weten dat “de Nederlandse regering weliswaar doet alsof ze opkomt voor onze bedrijven, maar in werkelijkheid meewerkt aan de sluiting ervan.” Volgens Martens zou Patijn België er juist op moeten wijzen dat de Arubaanse suikerexport, in tegenstelling tot de export van rijst, slechts een zeer klein onderdeel van de totale Europese consumptie uitmaakt.

Martens verwacht dan ook niet dat de Europese Commissie zo'n beperkende maatregel zal nemen. Gebeurt dat toch, dan zal zijn bedrijf daar verzet tegen aantekenen bij het Europese Hof.